JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Nooit genoeg

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Nooit genoeg

4 minuten leestijd

Bent u verk(n)ocht aan de dingen van de tijd of geeft Gods vriendelijk aangezicht u vrolijkheid en licht? Op de Huishoudelijke Vergadering van onze Vrouwenbond hield W. Visser uit Nunspeet ons een spiegel voor en sprak over ‘Christelijke eenvoud en matigheid’.

Onze gemeenten werden rond 1907 door overwegend ‘eenvoudige luyden’ gevormd. Onder hen waren er velen die een afhankelijk en aanhankelijk leven hadden ontvangen. Dagelijks was het hun gebed: Geef ons heden ons dagelijks brood, niet wetend of er de volgende dag brood zou zijn. Ze mochten spreken van hun verborgen omgang met God. Ze verlangden naar de Heere, die ze hier als Rechter hadden ontmoet. Ze verlangden naar een beter vaderland en beleefden een vreemdeling op aarde te zijn.

Sluitpost
Nu leven wij midden in een wereld die gelooft in de macht van de rijkdom en van het bezit. De welvaart in ons land is in de vorige eeuw enorm toegenomen. In de jaren zeventig werd gewerkt om te leven. In de jaren tachtig werd geleefd om te werken. Vanaf de jaren negentig leven we alleen nog maar om te genieten: Laten we eten en drinken en vrolijk zijn, want morgen sterven wij. In de jaren vijftig werd aan primaire levensbehoeften driekwart van het inkomen besteed, terwijl dat nu niet eens meer de helft is. In de jaren vijftig spaarde men twee keer zoveel als nu. Er wordt nu meer geld uitgegeven, vooral aan luxe goederen. We leven in een tijd van de terreur van het consumptiedenken. Laten wij ons daarin meeslepen? Christelijke eenvoud en soberheid geldt ook in de kerk. Waaraan geven wij ons geld uit? Maak eens een overzicht met uw uitgaven van de afgelopen maand. Hoeveel gaf u uit aan consumptiegoederen en hoeveel aan goede doelen? Waarin slaat de balans door? Wat geven we veel geld uit aan kleding en aan inrichting. En is ondertussen de collecte een sluitpost geworden? Ook onder ons blijkt de kooplust toegenomen, terwijl de offervaardigheid afneemt. In die houding leven wij onze jongeren voor! Vragen we ons af: Hoe blijkt uit de praktijk van mijn leven dat ik hier geen blijvende stad heb? We geven veel geld uit aan mooie kerkgebouwen met een mooi orgel. Doen we dat vanuit de gedachte: Het is alles van U en we geven het ook weer aan U? Of streelt het onze ‘babelgevoelens’? Zijn we trots omdat we het met elkaar toch maar voor elkaar krijgen? En sussen we ondertussen ons geweten door te denken dat voor de Heere het duurste nog niet goed genoeg is, denkend aan de mooie tempel van Salomo? Wat zouden we met al dat geld veel kunnen betekenen voor de Derde Wereldlanden. Daar is zelfs geen geld voor de primaire levensbehoeften. Trekken we ons dat aan? Mag je dan niet rijk zijn? Doch die rijk willen worden vallen in verzoeking. De Heere wijst ons een hoger goed aan: O hoe groot is het goed dat Gij weggelegd hebt voor die U vrezen. Kunt u tevreden zijn met wat God u gaf, ziende op wat u verdient? Beleeft u het dat alles wat u heeft boven de hel genade is? In die weg leert u tevreden te zijn, zonder jacht naar meer.

Wachtkamer
De Heere vraagt van ons dat we niet alleen maar bezig zijn met wat we zullen eten en drinken. Maar zoekt eerst het Koninkrijk Gods en Zijn gerechtigheid, en al deze dingen zullen u toegeworpen worden. In het koninkrijk van God gaat het om eenvoud en matigheid van binnenuit. Het gaat er niet om dat we anderen laten zien hoe eenvoudig en matig we leven. Dat is uiteindelijk nederige hoogmoed. De Heere vraagt eenvoud en matigheid vanuit de vreze des Heeren. Want matigheid is -in Galaten 5- een vrucht van de Geest. Daarom is bekering nodig. In die weg leert de Heere af te zien van de wereld. Alhoewel het ook ingeleefd wordt: Ik wist niet dat mijn tere ziel, nog zoveel van deze wereld overhield. Want hoe meer we verkocht en verknocht aan de wereld raken hoe meer onze verwachting van Hem dooft. Daarom is het goed om u af te vragen: Is mijn leven een huiskamer -voel ik me hier thuis- of mag het door genade een wachtkamer zijn, waarin u uitziet naar Christus komst? Durft u het na te zeggen: En onze wandel is in de hemel? Vraag aan de Heere of u onthecht mag worden van het aardse leven, om te leren zingen:

Weg wereld, weg schatten,
gij kunt niet bevatten
hoe rijk of ik ben.
‘k Heb alles verloren,
maar Jezus verkoren,
Wiens eigen ik ben.

Wie we ook zijn: Laten we ons haasten om ons levens wil!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 november 2010

Daniel | 36 Pagina's

Nooit genoeg

Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 november 2010

Daniel | 36 Pagina's