Voorspreker in de hemel
Hij heeft Zijn eigen Zoon overgegeven om weglopers thuis te brengen
Welke ook zeiden: Gij Galilese mannen, wat staat gij en ziet op naar de hemel? Deze Jezus, Die van u opgenomen is in de hemel, zal alzo komen, gelijkerwijs gij Hem naar de hemel hebt zien heenvaren. Handelingen 1: 11
Hemelvaartsdag, wat is dat voor een dag? ‘Niet zo moeilijk’, zeg je. ‘In de kerk hoor je de preken over de Hemelvaart van Christus’. En verder? Een dag om iets te ondernemen met je vrienden, vriendinnen? Misschien denk je in de kerk al aan die afspraken. De klanken van ‘zal alzo komen’ ben je zo vlug vergeten. Zie, Hij komt met de wolken, en alle oog zal Hem zien (Openbaring 1: 7) herhaalt de preek van Hemelvaartsdag. Maar je bent druk; hemelvaart en wederkomst zijn zorgen voor later, als je oud bent.
Ontmoeten
Twee jonge mannen – de opstellers van de Heidelberger Catechismus – schreven over het nut van Hemelvaart. Ze wisten dat er twee partijen zijn. God in Zijn heiligheid, rechtvaardigheid en heerlijkheid en de andere partij: de zondaar die door de val in Adam nooit meer bij God kan wonen. Heb jij al geleerd God kwijt te zijn en toch God te zullen ontmoeten? Als God je bekeert, wordt het: ‘Ik moet God mijn schuld betalen.’ Dan ga je bidden, de zonde laten en beterschap beloven. Maar ook leren dat je met al je verbeteren en opknappen nooit meer voor God kunt verschijnen.
Voorspreker
Het is niet zo moeilijk dat te toetsen in je eigen leven; daar ben je zelf bij. Alleen in die weg krijgt het waarde dat er Eén gekomen is Die volkomen heeft voldaan aan Gods eisend recht, betaling voor de schuld. Hij is de grote Voorspreker, waardoor God weer met verloren mensen gemeenschap kan hebben: Jezus, de Zaligmaker. Maar nu moet deze Voorspreker míjn Voorspreker worden. De twee opstellers van de Heidelberger Catechismus mochten zeggen dat Christus in de hemel voor het aangezicht van de Vader hun Voorspreker is (zondag 18). Christus, Die met Zijn eigen bloed volkomen betaald heeft. Christus, hun Voorspraak, Die zegt: Vader, Ik wil dat waar Ik ben, ook die bij Mij zijn, die Gij Mij gegeven hebt.
Naar de hemel
Ik weet, we willen allemaal naar de hemel. Maar wat wil je daar gaan doen als je je zin hebt in de dingen van de wereld? Als je nooit werkelijk lust gehad hebt in de dingen die boven zijn? Wat voor voorstelling heb je van de hemel? Een plaats waarin je je eigen leven kunt voortzetten? Zou dat de hemel zijn? Weet je wat de hemel is? Dat is de plaats waar:
- ik van mijn eigen-ik voorgoed verlost ben;
- de bede vervuld wordt: Wie zal mij verlossen van een lichaam der zonde en des doods;
- het vreemdelingschap ophoudt;
- de vereniging met God eeuwig en volmaakt zal zijn;
- ik voor eeuwig Gods eer zal bedoelen.
Dat is de plaats voor allen die God in waarheid hier leerden zoeken en die God niet konden missen. Die met Asaf leerden: Wien heb ik nevens U in de hemel? Nevens U lust mij ook niets op de aarde (Psalm 73: 25).
Thuis brengen
Is ons leven hier beneden, dan moet het straks ook buiten God zijn. Anderzijds: hoe groot is het goed dat God weggelegd heeft voor allen die Hem vrezen! God was in Zichzelf bewogen. Hij heeft Zijn eigen Zoon overgegeven om weglopers thuis te brengen. Zou je het ook na kunnen zeggen? Het nut van de Hemelvaart? Persoonlijk?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 april 2010
Daniel | 36 Pagina's