Een heilig leven
God is Zelf de Heilige
“Maar pa, daar zit het toch niet in. Bij ons in de kerk gaat het altijd maar om uiterlijkheden.” Jan besluit zijn betoog met een opmerking die vader een ongemakkelijk gevoel geeft. “Ik geloof dat God me accepteert zoals ik ben.” Hij pakt zijn sporttas en gaat weg. Jan moet op tijd zijn voor de wedstrijd. Vader blijft verslagen achter.
Wat is de heiligmaking? In het catechisatieboekje van ds. Hellenbroek staat een kort en kernachtig antwoord: “Een vernieuwing van de gehele mens.” Is zij, zo luidt de volgende vraag, dan niet slechts een verandering van de uiterlijke daden? “Nee, maar ook van de inwendige mens (Romeinen 12: 2).” Vloeit daaruit ook een uitwendige verandering voort? “Ja, in de wandel (1 Thessalonicenzen 5: 23).” Wie werkt die heiligmaking in ons? “God, door Zijn Geest (1 Korinthe 6: 11).” Is de heiligmaking noodzakelijk? “Ja, Hebreëen 12: 14: Zonder heiligmaking zal niemand de Heere zien.”
Misverstanden
Hiermee is wel het meeste gezegd over het onderwerp. De heiligmaking is een werk van God, dat begint in het hart en dat zichtbaar wordt in het leven. Zonder deze vernieuwing van hart en leven zal niemand eeuwig bij God wonen. Toch leven er rond de heiligmaking veel vragen. En ook misverstanden. Zoals die van Jan, die zijn vader in verwarring bracht. Of, aan de andere kant, het misverstand van Joke, die vroeger een wat slordige levenswandel had. Maar sinds ze naar de jongerenconferentie van Heart Cry is geweest, is alles zo anders. Ze leeft nu trouw mee, spreekt graag over de Heere Jezus, is actief om anderen te benaderen. Maar toen op huisbezoek gevraagd werd of ze ontdekt was aan haar ellendestaat, ging het mis. Joke voelde zich onbegrepen, niet geaccepteerd. Waarom waren de ouderlingen niet blij met haar? Moest ze gaan wroeten in zichzelf?
Begin
Willen we zuiver spreken over de heiligmaking, dan moeten we beginnen bij Gods heiligheid. God is de Heilige (Psalm 22: 4, 99: 5, Jesaja 43: 15). Dat betekent dat Hij vlekkeloos rein is en volkomen zuiver. Het betekent ook dat God elke zonde haat en straft. De boze zal nooit bij Hem kunnen verkeren (Psalm 5:5). Zelfs de engelen bedekken hun aangezichten voor de Heilige. Alleen wat volkomen zuiver is, zonder zonde, kan bij God wonen (Habakuk 1: 13). Het is een groot wonder dat de heilige God toch bij zondige mensen wil wonen. In het Oude Testament werd dat zichtbaar door de wolkkolom die rustte op het verzoendeksel op de ark.
In de weg van de verzoening door Christus kan God met mensen te maken hebben. Hij rekent hen Christus’ gerechtigheid toe – de rechtvaardigmaking – en reinigt door Zijn Geest hun hart en leven – de heiligmaking. De genegenheden van het hart worden vernieuwd, waardoor er een verlangen komt heilig voor God te leven. Gods kinderen komen er in die weg wel achter dat ze dit nooit in eigen kracht kunnen. De boosheid in hun hart is als een bron die niet stilstaat, maar voortdurend vuil en modder doet opborrelen. Zo wordt het Borgwerk van Christus meer en meer nodig, tot verzoening en tot reiniging van het leven. Door de geloofsvereniging met Hem ontvangen ze kracht en lust om tegen de zonde te strijden.
Geen prestatie
Het is wel duidelijk dat de heiligmaking geen prestatie van de mens is. Het is geen optelsom van goede werken of bedoelingen. Het is ook geen tegenprestatie van de mens die door de Heere wordt verlost. Zeker, op Gods kinderen rust de plicht heilig voor God te leven. Die plicht hebben we allemaal. De heilige God schiep ons immers om Hem te dienen. Dat vraagt Hij nog steeds van ons. In het bijzonder hebben Gods kinderen de plicht God lief te hebben en te dienen. Hoe groot zijn de schatten van Gods genade die ze ontvingen! Daar past toch alleen een hartelijke wederliefde bij, een gewillige overgave aan Gods wil? En toch, heiligmaking is geen prestatie van de mens, ook niet van een kind van God. Het eerste wat Wilhelmus à Brakel over de heiligmaking zegt, is dat het een ‘krachtdadige werking Gods in de uitverkorenen’ is. “God alleen is er de oorzaak van. Alzo weinig de mens doen kan tot zijn wedergeboorte, geloof en rechtvaardigmaking, alzo weinig kan hij ook doen tot zijn heiligmaking (Johannes 15: 5).” Dat is een les die moet verootmoedigen. We belijden immers dat we onbekwaam zijn tot enig geestelijk goed en geneigd tot alle kwaad? Het is alleen door God dat de heiligmaking in de uitverkorenen wordt gevonden. À Brakel schrijft dat alleen de uitverkorenen worden geheiligd, maar ook zij allen. Aangrijpende gedachte is dit. We kunnen ons best doen in het kerkelijke leven, maar zonder de inplanting in Christus zijn het op zijn best goede werken die besmeurd zijn met eigeneer. En dus zijn het blinkende zonden voor God. Het is inmiddels wel duidelijk hoe onbijbels de opmerking van Jan is: ‘God accepteert me zoals ik ben’. Wie dat zegt, haalt de heilige God naar beneden. Ja, eigenlijk schrijf ik zo de Heere voor dat Hij mij maar moet aanvaarden, zoals ik wil mijn leventje wil leiden. Maar zo aanvaardt God me niet! Wees heilig, want Ik ben heilig, zo hield Hij het volk van Israël voor (Leviticus 19: 2 en 20: 26). Die eis moet ons in de nood brengen, om als een schuldige zondaar te leren bedelen om een Borg.
Vruchten
Heiligmaking is dus een vrucht van Gods genade. Maar dan wel een onmisbare vrucht. De boom wordt immers aan de vruchten gekend (Mattheüs 7: 17-19). Door het wederbarende werk van de Heilige Geest komt er een scheiding van de genoegens van de wereld, zo schrijft À Brakel. “Zij maakt zich hun niet gelijk in kleding, noch in taal, noch in gebaren.” De uitdrukking is bekend: Het wordt merkbaar in gewaad, gepraat, gelaat, daad. Zo schrijft À Brakel er ook over. Nog een vrucht? “Aardse goederen ziet ze aan al reisgeld tot haar weg.” Met andere woorden, ze is niet materialistisch. Nog een vrucht? “Ze heeft een afkeer van het werelds gezelschap; men kan het hart met die niet verenigen; maar de uitgangen des harten zijn naar de godzaligen.” Hoe luidt het spreekwoord? Zeg mij wie je vrienden zijn en ik zal zeggen wie jij bent. Kortom, wie liever met de wereld leeft, wie liever wil meegenieten met de wereld, moet niet menen dat hij of zij een kind van God is. À Brakel is daar eerlijk in: “Die lust heeft tot gerechtvaardigd te worden, en niet tot heiligheid, dat is een teken dat zijn hart niet oprecht is voor de Heere. Beeldt hij zich in dat hij gerechtvaardigd is, en hij heeft nog niets van de heiligmakig, hij bedriegt zich.”
Voortdurende strijd
Dit alles zorgt voor veel strijd in het leven van Gods kind. Zij hebben immers een oude mens en een nieuwe mens. De oude mens hebben ze door hun geboorte uit Adam. Het is de verdorvenheid die heel diep in hen zit. Door de wedergeboorte kregen ze de nieuwe mens, een nieuwe natuur die naar God geschapen is, zo lezen we in Efeze 4: 24. De nieuwe mens en de oude mens zorgen zijn in een voortdurende strijd gewikkeld. De oude mens zoekt altijd van God af te trekken, probeert de zonde te verbergen, probeert van het goede af te houden. We lezen in À Brakel: “Dan heeft men geen tijd om zijn godzalige oefeningen van bidden, lezen, zingen, overpeinzen te doen. Daarom: of niet, of maar terloops, om het geweten maar te paaien. Het is alsof men gejaagd wordt, daar men toch dikwijls wel tijd zou hebben.” Wat actueel!
Vijand overwonnen
Wat is het een wonder dat de Heilige Geest de Zijnen voortdurend leidt. Zo leren ze de toevlucht nemen tot de gerechtigheid van Christus. Zo leren ze meer en meer de zonde haten en te strijden tegen de lusten van het vlees. “Uit tegenheden krijgt ze kracht, en druist er te moediger tegenin. Zij verheft zich in de wegen des Heeren, want zij weet dat de vijand al overwonnen is in de Heere Jezus.” Is het geen gelukkig volk dat zo de goede strijd des geloofs leert strijden? Dit alles wordt geleerd op de leerschool van de Heilige Geest. Bedel veel om een plaats op deze leerschool.
Lees meer in de Redelijke Godsdienst, deel 2, hoofdstuk I (1).
http://www.theologienet.nl/theologieindex.html#BRAKELW
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 maart 2010
Daniel | 32 Pagina's