Laat me!
“Laat me, laat me, laat me m’n eigen gang maar gaan, laat me, laat me... ik heb het altijd zo gedaan.” Op 1 december jongstleden overleed op 76-jarige leeftijd Ramses Shaffy. Hij was, zo berichtten de kranten, Nederlands grootste chansonnier: zanger van het lichte, romantische levenslied. Met stukken als ‘Sammy’, ‘Wij zullen doorgaan’, ‘Pastorale’ en ‘Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder’ veroverde de zoon van een Egyptische diplomaat en een Poolse gravin voornamelijk in de jaren zeventig de harten van het Nederlandse publiek.
Je mag wel zeggen dat Nederland geroerd is door Shaffy’s sterven. Duizenden trokken langs zijn baar in het Amsterdamse theater Carré. Zijn muziek klonk weer overal. Zo ook zijn vertolking van het lied ‘Laat me’, waarvan hierboven het refrein staat afgedrukt. ‘Laat me’ roept een melancholisch beeld op van een kunstenaar met een onthecht en ongeregeld leven, waarin alcohol en misschien wel drugs een rol speelt. Ongetwijfeld heeft het een autobiografisch component. En dan dat dramatische “Láát me!” als refrein. De zanger weet wel dat het hier en daar niet deugt wat hij doet, maar wil in zijn onvolkomenheden gerespecteerd en met rust gelaten worden. Geen wetjes en geen regeltjes! Geen moraalridders die je zeggen wat je moet doen en geen kerk die bepaalt waar de grenzen liggen! Dezelfde boodschap komt naar voren in het lied ‘Durf te leven’. Van Shaffy is bekend dat hij zich meer thuisvoelde bij de oosterse Bhagwan dan bij de Bijbel.
Kippenvel
‘Laat me’ is zonder meer ontroerend. Het appelleert aan een behoefte van vrijheid, eigen identiteit, respect en acceptatie van ook de imperfectie. In dat laatste ligt zelfs nog wel een lijntje naar de christelijke barmhartigheid. Maar nadenkend over ‘Laat me’ en de dood van Shaffy krijg je toch een ander soort kippenvel. Zeker als hij in hetzelfde lied zingt: “Ik zal nog wel een keertje sterven, daar kom ik echt niet onder uit, ik laat m’n liedjes nou maar zwerven, en verder zoek je het maar uit.” Sterven, zegt de christelijke prediking, is God ontmoeten. Zo moet het beleefd worden en zo dienen predikanten en ook evangelisten het in alle scherpte bij hun hoorders neer te leggen. Helaas is de reactie dan maar al te vaak precies dat “Laat me, laat me m´n eigen gang maar gaan, ik heb het altijd zo gedaan.” De mens zit zo vast in de slavernij van de zonde, is zo blind, zo dood en zo bewegingsloos. Zelfs wie weet dat het op de ondergang aangaat, kan er zo apathisch onder zijn.
Man-zijn
Hier in onze woonplaats Portoviejo woont buiten ons gezin nog een Nederlandse man. Hij is broodmager, leeft op straat, is zwaar aan de drugs en staat af en toe op de stoep om hulp. Vele malen hebben we het geprobeerd. Hij zat in een christelijke afkickkliniek, won bijna het vertrouwen terug van zijn vrouw, kreeg steun van de ambassade, bezocht de kerk, had zelfs geestelijke indrukken. Maar de drugs waren sterker. “Laat me,” zei hij en schuimt weer, voortgejaagd door ruzies en bedreigingen, de straten af. Vorige week werd, dicht bij ons huis, voor de ogen van zijn twee kinderen een jonge man doodgeschoten. Wraak was de reden: oog omoog, tand om tand.We kennen de dader. Ooit zat hij met zijn vader bij ons in een workshop over wat ‘man-zijn’ naar de norm van Gods Woord inhoudt. Maar hij dwaalde weer af. “Laat me m’n eigen gang maar gaan”. Zo gaat de spiraal van wraak op wraak maar door. “We hebben het – in onze cultuur – altijd zo gedaan.” Dader en vader moeten nu vluchten voor de volgende vergeldingsactie.
Hopeloos
Zo kom je hier in de sloppenwijken zoveel gebrokenheid tegen, zoveel lijden in het persoonlijke, zoveel narigheid ook in de gezinnen. Wat heerlijk is het dan de boodschap van de grote Medicijnmeester te mogen brengen. Maar hoe pijnlijk als zo vaak de reactie is: “Láát me, ik heb het altijd zo gedaan.” Helemaal wanneer de krant weer bericht over een zelfmoord. Waarom toch niet het heil in Christus gezocht? Heeft Hij dan geen hoop voor de meest hopeloze gevallen? Wat is jouw reactie op de prediking? “Láát me”? Dat het door genade zou mogen worden: “Laat me niet over aan het goeddunken van mijn eigen hart.”
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 16 december 2009
Daniel | 44 Pagina's