Niet voor apartelingen
Vasten doet het gebed opstijgen
Vasten. Een dag zonder eten, met wat water en thee. Bijbellezen. Bidden. Als je een dag niet eet vanwege je geestelijke nood, voel je je niet automatisch dichter bij God. Je voelt wel dat je lichaam zich beroerd gaat voelen, dat je je nood en ellende aan den lijve ondervindt en dat de geestelijke nood die je neerdrukt ook lichamelijk nog meer tot uitdrukking wordt gebracht. Je voelt je een smekeling bij God. Vast je wel eens?
Oudvaders vonden vasten erg belangrijk. Wilhelmus à Brakel heeft in zijn boek De Redelijke Godsdienst een heel hoofdstuk over vasten geschreven. Misschien heb jij ook wel eens gehoord van Willem Teellinck? Deze oudvader heeft een boekje Burenkout – ‘buurpraatje’ – geschreven waarin hij ook aandacht besteed aan het vasten. Het vasten en bidden is voor hem één van de belangrijkste Bijbelse middelen die kunnen leiden tot de reformatie van steden, zo schrijft hij. Het onderwerp ‘vasten’ heeft hem zo intens bezig gehouden dat hij er in 1618 een heel boek over schreef.
Opruimen
Teellinck geeft aan dat de innerlijke voorbereiding op de vastendag heel belangrijk is. Eigen machteloosheid en krachteloosheid om te vechten tegen de zonden moet worden ingeleefd. Er moet een hartelijke bewogenheid zijn over de reden die aanleiding geeft tot het vasten. Met name is het nodig door het geloof de Heere aan te grijpen in Zijn beloften, die Hij aan Zijn inzettingen heeft gegeven en ons zo te verzekeren van Zijn genade, hulp en zegen. De voorbereiding zal moeten leiden tot een reformatie in het gezin en persoonlijk leven. Immers, het plan een vastendag te houden, betekent een besluit voor Gods aangezicht “dat men zich nu wil gaan verzetten tegen alle bekende zonden en de onbekende wil onderkennen en dat men wil hervormen, alles wat in orde gemaakt kan worden.” Een eerlijke vraag: Is er bij jou ook nog wat op te ruimen? Vasten is een zaak die in het Oude Testament een normaal onderdeel vormde van de eredienst voor elke Jood. In teksten zoals Leviticus 16: 29-34 en Leviticus 26: 26-32 wordt gesproken over de Grote Verzoendag, de Jom Kippoer. Deze dag was bedoeld als een bijzondere sabbat, waarin men moest rusten van alle werk en zich moest verootmoedigen voor God. Aan de Grote Verzoendag was het vasten gekoppeld. Je kent ook de geschiedenis van Esther. Zij riep een vasten uit waarbij ze ieder oproept drie dagen en nachten niets te eten en te drinken. En wat heeft de Heere deze weg willen zegenen. Esther hoefde niet om te komen.
Beslissing
Ook in het Nieuwe Testament wordt gesproken over vasten. Het allereerste verhaal over vasten, vinden we bij Anna, de profetes. Zij diende God onafgebroken in de tempel met vasten en bidden om de komst van de Zoon van God. De Heere Jezus Zelf begint Zijn omwandeling op aarde met het ontvangen van de Heilige Geest. Direct daarna wordt Hij weggeleid in de woestijn en Hij bidt daar veertig dagen en nachten, zonder te eten en te drinken. De Heere Jezus laat heel duidelijk zien dat Hij het nemen van grote beslissingen, zoals bijvoorbeeld de keus van Zijn twaalf discipelen, alleen doet in de weg van het bidden en vasten. Ook in Handelingen lezen we over zijn vasten en bidden. Steeds als er belangrijke beslissingen werden genomen was er een bidden en vasten om Gods wijsheid af te smeken.
Aanbevolen
Hoe komt het toch dat wij vandaag haast niet meer spreken over vasten? Komt het omdat het iets rooms of evangelisch in zich lijkt te hebben? Of is het een teken van onze grote geesteloosheid en verschrikkelijke hoogmoed? Vanuit de Bijbel moeten we zeggen: vasten is een voluit bijbels begrip! Nee, vasten is niet alleen een uitdrukking voor het laten staan van eten en drinken. Het vasten bestaat in het zich verootmoedigen voor God. Een verootmoediging vanwege de zonden van het volk of vanwege persoonlijke zonden. Ontbreekt deze verootmoediging… dan is het geen vasten meer! Verootmoediging wil zeggen; onze zonden hartelijk en eerlijk voor God belijden en vaarwel zeggen! Duidelijk blijkt dat uit Jesaja 58: Is niet dit het vasten dat Ik verkies, dat gij losmaakt de knopen der goddeloosheid? Al is vasten een bijbelse zaak, je kunt er op een verkeerde manier mee omgaan. Zodra je het vasten als een soort wettische plicht aan anderen gaat opleggen en zodra je aan het vasten een bepaalde verdienstelijkheid gaat toekennen, dan ben je op roomse manier bezig. Eerlijkheidshalve: kunnen we alle bijbelse zaken niet verkeerd gebruiken? Ook ons bidden kan verworden tot een sleur- en vormendienst! Maar daarmee mogen wij het gebed niet nalaten. Het moet juist ons gebed zijn: ‘Heere, leer ons bidden.’ Moeten wij nu ook aan de Heere vragen: ‘Heere, geef toch dat wij trouw gaan vasten?’ Nee, dat geloof ik persoonlijk niet. De Heere zegt nadrukkelijk en met ernst dat we onze onderlinge bijeenkomsten niet mogen nalaten, gelijk sommigen de gewoonte hebben. Kerkgang en gebed is een plicht, maar dat is het vasten niet. Nergens heeft de Heere het ons geboden; wel van harte aanbevolen.
Geestelijk leven
Vasten is niet zomaar iets. Niemand neemt zich op een dag voor: ik ga volgende week maandag maar eens vasten. Nee, als iemand door God als het ware wordt gedrongen om een dag in afzondering door te brengen, dan is het goed na te denken over de inhoud van het vasten. Eenvoudig gezegd: op zo’n dag wordt er geen voedsel tot zich genomen, wordt er weinig geslapen en gebruikt men geen genotsmiddelen. Het is een gevoelige, tere zaak waar zo snel weer een activisme uit voort kan komen: ‘Kijk eens hoe goed ik ben? Ik vast tenminste!’ Dat haat de Heere en ik haast me te zeggen dat zo’n houding ook Gods kinderen echt tegen de borst zal stuiten. Een andere vraag is of, als we voor grote, belangrijke levensbeslissingen staan, het niet goed kan zijn ons een dag af te zonderen, ons te onthouden van alle luxe en gemak en in ernst Gods aangezicht te zoeken of Hij de weg wil wijzen. Na het verschijnen van het boekje Vasten en bidden ontving ik tot mijn blijdschap behoorlijk veel reacties van predikanten die aangaven dat bidden en vasten een plaats had in hun geestelijk leven. Een predikant vertelde me dat hij er stellig van overtuigd is dat reformatorische christenen op dit punt de Bijbel niet goed lezen.
Geen verdienste
Vasten is niet bedoeld om een geestelijke concentratie te ontvangen, want dat valt in de praktijk wel tegen. Als je een dag niet eet vanwege je geestelijke nood, voel je je niet automatisch dichter bij God. Je voelt wel dat je lichaam zich beroerd gaat voelen, dat je je nood en ellende aan den lijve ondervindt en dat de geestelijke nood die je neerdrukt ook lichamelijk nog meer tot uitdrukking wordt gebracht. Je voelt je een smekeling bij God, alleen aangewezen op Zijn genade! Op deze manier kan de honger het gebed een extra kracht geven. Zo lezen we het immers voortdurend in Gods Woord? Het vasten is dan een lichamelijke onderstreping van onze afhankelijkheid van God. Het is als het ware een gebed, een schreeuw tot God om Zijn hulp en genade.
Geen wondermiddel
Er zijn bijvoorbeeld mensen die veel verdriet hebben om een kind dat zich van de Heere heeft afgekeerd en totaal werelds leeft. Wat voelen zij zich moedeloos, machteloos. Om deze reden vasten zij met een zekere regelmaat om een dag in gebed door te brengen en deze zo grote en geestelijke nood de Heere voor te leggen. Anderen doen dit bijvoorbeeld omdat ze een ernstige, aangrijpende operatie moeten ondergaan. Nee, vasten is geen wondermiddel. Alleen God is een wonderdoend God. Met bidden en vasten mag van Hem wel een wonder worden afgesmeekt, in diepe afhankelijkheid. Ik las ergens: vasten is bedoeld om het gebed als met arendsvleugelen te doen opstijgen. Van harte wens ik jou die praktijk toe!
---
Tips voor invulling vastendag
• Een vastendag kan van 06.00 tot 18.00 uur zijn.
• Breng die tijd regelmatig door in gebed.
• Trek je voor je gebed terug in de binnenkamer.
• Lees veel uit de Bijbel en zing enkele Psalmen.
• Het is niet verstandig je op zo’n dag bezig te houden met allerlei dagelijkse beslommeringen.
• Schakel alle telefoons uit en lees geen mails
• Drink af en toe wat water en thee.
---
Bewust van nietigheid
“Op huisbezoek heb ik wel eens een vraag over vasten gesteld. De ouderling zei heel eerlijk: ‘Ach ja, daar weten we in onze kringen niet zo goed raad mee. Je moet maar zo denken dat we maar moeten vasten in de geest.’ Daar kan ik me niets bij voorstellen. Afgelopen winter waren er grote zorgen in ons gezin. In de geschiedenis van de maanzieke knaap staat: Breng hem Mij hier. Die woorden zijn als een bom in geslagen. Tegelijkertijd werd ik ook erg beziggehouden met het vervolg: Dit geslacht vaart niet uit dan door bidden en vasten. Toen dacht ik: ik moet het ene doen en het andere niet laten. Omdat ik niemand ken die ook wel eens vast, heb ik het niemand verteld, ook thuis niet, en ben ik begonnen gedurende enkele maanden een dag in de week te vasten. De Heere heeft het rijk willen zegenen. Heel grote problemen zijn opgelost, al blijft er nog genoeg over om voor te bidden. Vasten is heilzaam voor je ziel. Ik heb me nooit beter voor God gevoeld omdat ik vastte. Integendeel! Ik was me voortdurend bewust van mijn kleinheid, nietigheid, onwaardigheid. Wat is de mens! We kunnen nog geen dag zonder voedsel... Ik besteedde deze dagen om te bidden en Bijbel te lezen in de grootst mogelijke afzondering. Juist dat teruggrijpen in het gebed op het zojuist gelezene: ‘Heere U heeft Zelf gezegd’.”
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 oktober 2009
Daniel | 36 Pagina's