Gevoel van een gevallen mens
De zaligheid ligt niet in mijn gevoel
In de kerk wordt wel eens gesproken over dat we het geloof niet moeten verwarren met godsdienstige gevoelens. Wat zijn godsdienstige gevoelens? En hoe kun je weten of het gevoelens zijn of echt geloof? Verder vraag ik me af of de Heere jaloersheid op Zijn kinderen werkt. Een jongere
Gevoelens hebben we allemaal. Wie kent ze niet gevoelens van pijn, verdriet, eenzaamheid of blijdschap? We kunnen met ons verstand proberen alles te verwerken. Het is dan allemaal even afstandelijk, koel en zakelijk. Het mens-zijn heeft echter naast de rationele kant ook een emotionele kant. Die maakt dat een mens ook in zijn gevoelens kan worden aangesproken. Als dat niet zo was, hoe zou een meisje ooit van een jongen gaan houden? Als we leven onder Gods Woord doet dat ook een beroep op onze gevoelens. Je raakt onder de indruk van een preek en je denkt er nog lang over na. Een sterfgeval kan je aan het denken zetten en je raken in je godsdienstige gevoelens. Je ervaart angst in je leven als je aan je eigen sterven denkt. Je kan niet voor Gods rechterstoel verschijnen: Hoe moet dat nu? Als je deze gevoelens hebt, geloof je dan echt zaligmakend? Je begrijpt, denk ik, wel dat dit niet zo is. Daarvoor is meer nodig.
Levensgevaarlijk
Godsdienstige gevoelens ebben op den duur weer weg. Je leven gaat tenslotte door. Er zijn ook godsdienstige gevoelens die je juist verder van de Heere afbrengen. Denk maar aan Kaïn. Hij zei tegen de Heere: Mijn misdaad is groter dan dat ze vergeven worde (Genesis 3: 13). Van Ezau lees je, dat hij de plaats van berouw met tranen zocht (Hebreeën 12: 16 en 17). Verder spreekt de Heere Jezus over het tijdgeloof dat het Woord terstond met vreugde ontvangt (Mattheüs 13: 20). Men kan zelf geloven en heeft er een blij gevoel bij, maar het is tekort voor de eeuwigheid. Wij leven in een tijd dat het gevoel erg belangrijk is. Als ik me ergens goed bij voel, dan moet het wel goed zijn. Dan mag je er geen vragen meer bij stellen. Dat is levensgevaarlijk, want ‘mijn gevoel’ is het gevoel van een gevallen mens. ‘Mijn bestaan’ is een leugenachtig bestaan. Mijn gevoel, mijn godsdienstig gevoel bedriegt me heel snel. Het godsdienstig gevoel heeft de toetssteen van Gods Woord nodig.
Basis
Als God je bekeert, raakt dat heel je leven. Je verstand: je gaat dingen opmerken die je nog nooit hebt opgemerkt. Je wil: je gaat vragen naar Gods wil en woord. Je gevoel: je krijgt een liefde tot God, Zijn Woord en Zijn inzettingen. Er komt een droefheid naar God die een onberouwlijke bekering tot zaligheid werkt. Het zaligmakend geloof schenkt God in het uur van de wedergeboorte. God moet dat geloof ook in stand houden door Zijn genade. Op eigen kracht geloven is onmogelijk. Je geloof op je gevoel gronden, is als een huis bouwen op het zand. Godsdienstige gevoelens cirkelen om jezelf en zijn tijdelijk; gaan voorbij. Als God het geloof werkt, verbindt dat aan de Heere en gaan we naar Hem uit in bidden en smeken. Blijvend naar Hem uit: het gaat niet over. Het zaligmakend geloof brengt een besef mee van onwaarde, schuld en kleinheid. De basis ligt in het oordelend spreken van God en het missen van God. Je hebt nodig dat de Heere in die nood in je leven spreekt door Zijn Woord en Geest tot verlossing. Dat is tot je heil.
Groot geloof
Is het zaligmakend geloof altijd even sterk? Neen, maar het blijft wel. Uit de Bijbel blijkt dat het geloof zwak en klein kan zijn. In het hart kan de vraag zelfs opkomen: Is er ooit wel zaligmakend geloof in mijn leven geweest? Is het gevoel bij het zaligmakend geloof altijd even sterk? Nee, ook dat niet. Als God begint met het werk van de bekering in je hart kan dat gepaard gaan met heel veel gevoelens. Gevoelens van ontroering, gevoelens die uitgaan naar de genade van God. Wat kunnen Gods kinderen dan drijven op die gevoelens. Maar de Heere gaat ook leren dat de zaligheid niet in mijn gevoel ligt, maar in de Zaligmaker van zondaren. Het zaligmakend geloof moet op Christus alleen leren steunen en leunen. De Heere Jezus spreekt van een groot geloof als mensen, zondaren niets van zichzelf verwachten ook niet van hun gevoel maar alles alleen van Hem verwachten. Denk maar aan de hoofdman van Kapernaüm (Lukas 7) of de Kananese vrouw (Mattheüs 15: 21-28).
Jaloers
Jaloers-zijn is ook een gevoel. Je kunt vanuit jezelf een jaloersheid voortbrengen. We kunnen jaloers zijn op allerlei dingen van onze naasten: het gezin, de scooter. Maar je kunt ook jaloers zijn op het sterven van een kind van God, op de genade waarmee hij door het leven mag gaan. Bileam had dat gevoel ook. Hij wilde de dood van de rechtvaardige sterven. Hij wilde net als Gods volk eeuwig gelukkig worden. Maar als het volk van God wilde hij niet leven. De Heere kan je bij het licht van Zijn Woord het geluk van Gods volk laten zien. Als God je jaloers maakt op Zijn volk, dan brengt je dat op de knieën. In de Bijbel lezen we van heidenen die de slip van een Joodse man vastpakken en met hen gaan. Waarom? Opdat God met hen zal zijn zoals Hij met die Joodse man is (Zacharía 8: 23). Je moet in alles steeds maar vragen: Waar brengt het me? Bij mensen of bij mezelf dan kan het voor God niet bestaan. Of wordt ik erdoor getrokken tot de Heere en Zijn Woord? De Heere kan en wil jongeren ook Zijn weg wijzen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 oktober 2009
Daniel | 36 Pagina's