JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Pure genade

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Pure genade

Bijbelstudie Amos

4 minuten leestijd

Nadat Amos een aantal zonden van Israël naar voren heeft gebracht, graaft hij nog dieper. Want er is een zonde die wij makkelijk over het hoofd zien: ‘gewoon’ ondankbaar zijn. Zien we dat ook als een zonde? ‘Maar die zonde is toch niet zo erg als de zonde van stelen, moorden of ander kwaad?’ Nee? God denkt daar heel anders over. Lees Amos 2:9-12. Nadat Amos een aantal grove zonden heeft aangestipt, roept God Israël op hun geschiedenisboek te (her)lezen. In het licht van wat Hij deed, worden de zonden van Israël alleen maar erger. Hij bracht ze immers uit Egypte (vers 10) en versloeg de vijanden, zoals de machtige Amorieten (vers 9). En de Heere gaf niet zomaar een land, maar een land waar ‘melk en honing’ stroomde. Een juweel van een plekje dus! Maar je raakt zo snel gewend aan iets moois. Dan wordt het gewoon… Je merkt zelfs niet meer hoe bevoorrecht wij zijn. In de geschiedenis van Israël gaf de Heere verschillende mannen als profeet (vers 11). Hij gebruikte die mannen om Zijn Woord te verkondigen. Profeten, zoals Elia en Elisa, kwamen uit het tienstammenrijk. Van tijd tot tijd – misschien veel meer dan er in de Schrift over gesproken wordt – gaf de Heere ook Nazireeërs die Hem toegewijd waren. Zulke mensen werden geroepen het volk er op een zichtbare manier aan te herinneren dat zij als volk God toebehoorden. Maar zulke Nazireeërs zijn lastig: die prikkelen het geweten te veel. Dus werd van alles gedaan om de profeten het zwijgen op te leggen en de ‘afgezonderden of heiligen’ van hun principes af te brengen (vers 12).

Dicht bij huis
Laten we nu eens terug kijken. En om ons heen zien. De Heere zegt in deze verzen precies hetzelfde over ons en Nederland. Het Woord is immers een levend Woord? Heeft Hij niet in onze Nederlandse geschiedenis zulke grote daden gedaan? Wat een worsteling heeft ook ons land gekend in de tijd van de Reformatie. Maar God heeft hen, die machtig waren als de ‘cederen en sterk als de eiken’, verbroken. Hij heeft de ruimte gemaakt, zodat we in ons land God konden dienen naar Zijn Woord. Hij laat het nog toe dat wij onze eigen scholen hebben. Bijna iedereen heeft meer Bijbels in huis dan personen! In onze boekenkast staan de ‘oudvaders’ die hier vroeger preekten. Nog geeft God Zijn knechten: godzaligen ouders en grootouders die als Nazireeërs Hem toegewijd zijn. Wat doen we met die zegeningen? Vergeten!? Vervelend!? Of ootmoedig danken?

Zwaar op het hart
Deze ondankbaarheid weegt enorm zwaar bij God, want in het derde hoofdstuk laat Hij Amos nog eens waarschuwen (vers 1 en 2). Het dertiende vers van hoofdstuk 2 kan op twee manieren worden uitgelegd. In de eerste plaats: in de Nederlandse vertaling is vers 13 een oordeelsaankondiging. Gods oordelen zullen Israël laten ‘kraken’, zoals een volle wagen kraakt onder het gewicht. Het is mogelijk dat aan ons daarmee de grote aardbeving (vers 1) beeldend weergeeft. Die aardbeving zal niemand kunnen ontlopen, zoals duidelijk wordt beschreven in vers 14-16. Tegen dat geweld en die kracht van een aardbeving is geen mens opgewassen. Niets kan baten om Gods oordelen te ontvlieden. Wat zal het zijn om te vallen in de handen van een toornend God! Hoe God die oordelen over ons land ook zal laten komen, zal de tijd leren. Israël moest het geweld van Assyrië ervaren. Wij zouden zo’n zelfde geweld van de islam of het liberalisme kunnen gaan ervaren. Maar het dertiende vers kan ook worden weergegeven, zoals in de Engelse vertaling. Wat vrij vertaald staat daar: ‘Zie, Ik voel Mij bedrukt door jullie, zoals een volgeladen wagen onder een vracht van korenaren’. God spreekt menselijk over hoe Hij hun ondankbaarheid ervaart. De zonde van Israël in het algemeen, maar vooral de ondankbaarheid in het licht van alles wat Hij voor hen gedaan heeft, is als een zware last.

Ongeloof
De wortel van ware dankbaarheid is waar geloof. Dan is de wortel van ondankbaarheid dus ongeloof. Wat wij eigenlijk niet geloven, is dat we niets verdienen. We klagen over dingen die we niet hebben, omdat we denken dat wij daar toch wel recht op hebben. We danken God niet, omdat we denken dat de dingen die we hebben wel verdiend zijn. Zien we nog dat zelfs het ‘minste boven de hel’ pure genade is?


bijbelstudie@jbgg.nl

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 juni 2009

Daniel | 40 Pagina's

Pure genade

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 juni 2009

Daniel | 40 Pagina's