Boek van God
Schepping of evolutie? Kom op zeg: Waar sta jij? Darwinist, creationist, theistisch evolutionist of aanhanger van Intelligent Design? Daar heb je toch wel eens over nagedacht?
Je bent toch geen smurf: zo’n blauw mannetje met een witte puntmuts die hoogst onnozel in een paddenstoel woont, totaal ongewis van de grote debatten? Je hebt toch zeker ook een eigen mening? Laat maar eens horen! Zo ongeveer is, als ik het van een afstandje bekijk, de sfeer in Nederland, en ook breder in West-Europa en Noord-Amerika. Zeker in het jaar waarin grondlegger Darwin van de evolutietheorie centraal staat, word je geacht positie te kiezen. Het liefst met van wetenschappelijke argumenten. Natuurlijk kun je in het vuur van de strijd te horen krijgen dat de jouwe op drijfzand zijn gebouwd, ’pseudowetenschap‘ zoals dat heet, maar je denkt tenminste na. Renè Descartes, de bekende filosoof die in de zeventiende eeuw de vader van het zogeheten ’rationalisme‘ werd, zou de koning te rijk zijn als hij zag hoe het debat heden ten dage wordt gevoerd. “Cogito ergo sum”, is de bekendste uitspraak die hij naliet: “Ik denk dus ik ben”. Je zou hem de hogepriester kunnen noemen van een nieuwe (psuedo-) religie: vertrouw op niets dan op eigen ogen en verstand. Dan pas heb je iets te zeggen, dan pas tel je mee. Zou Descartes niet goedkeurend hebben geknikt als hij hoorde hoe wetenschappelijke bevindingen het einde van alle tegenspraak vormen? Zou hij niet stiekem hebben gegniffeld om orthodoxe christenen die ’s avonds bij de koffie studie maken van aardlagen en fossielen, om uit de onderlinge verhoudingen conclusies te trekken over evolutionisme en creationisme? Zou hij niet tevreden vaststellen dat het aantal aanbidders van ‘eigen-ogen-en-verstand’ gestaag groeit? Dat was in zijn tijd wel anders! Toen had je nog Blaise Pascal met zijn “redenen die de rede niet kent”.
Overigens is er voor Descartes en zijn religie nog wel een tamelijk groot zendingsterrein: pakweg het hele zuidelijk halfrond. Want waar zovele westerlingen in het Darwin-jaar plat liggen voor het altaar van het verstand, daar haalt de rest van de wereld er zijn schouders eens over op. Een christenjournalist die spijt betuigt dat hij de leer van de schepping-in-zesdagen heeft uitgedragen? Niet onder de indruk! Een theoloog en wetenschappelijke alleseter die zegt dat we allemaal ’om‘ moeten? Het zal mijn tijd wel duren! Een bioloog die daarbij ook nog een wetenschappelijke duit in het zakje doet? Hij zal wel weten waar hij het over heeft! Er zijn, om het even vanuit westerse optiek te bezien, nog heel wat ’smurfen‘ in de wereld. Maar – en daar gaat dit stukje over... – kunnen wij westerlingen eigenlijk niet veel van deze zuiderlingen leren? Begrijpen zij stiekempjes niet beter dan wij wat Pascal zei “dat ons verstand zo begrensd is en dat er diep in het hart soms andere redenen schuilgaan?” Zijn mensen die bovenmenselijke scheppingskracht zien achter het bestaan van een bruine beer niet realistischer dan westerse wetenschappers, die maar speculeren over de vraag hoe de gezamenlijke voorouder van deze beer en zijn neven de ijsbeer, de pandabeer en de luiaard eruit zal hebben gezien?
Kortom: zijn we in in het rijke westen niet veel te wetenschappelijk geworden? Zijn we niet teveel vergeten dat wetenschap ook maar mensenwerk is? Denken we nog aan die grote wetenschapper Karl Popper, die ooit uitstekende kritiek bedreef op wetenschap, verstand en kennis. Eigenlijk, zei Popper, kan de wetenschap pas iets met zekerheid vaststellen als het zeker nièt waar is. Als je een zwarte zwaan tegenkomt, weet je zeker dat niet alle zwanen wit zijn. Zouden we ons daar allemaal aan houden, dan zou de evolutietheorie voorlopig echt niet meer zijn dan een hypothese. Maar misschien toch ook maar eens iets leren van de talloze nièt zo rationeel ingestelde aardbewoners. In Ecuador had de kwaliteitskrant deze week een stukje over het Darwin-jaar – het stond op pagina 28. Mèèr zorg besteedde de krant aan de teloorgang van de schitterende natuur – het boek van God! – op de Galápagos-eilanden, dat deel van de Ecuadoriaanse republiek waar Darwin ooit zijn grootste ontdekkingen deed. En in de zendingskerk in de steden Guayaquil en Portoviejo klonken, zoals in zoveel kerken verspreid over heel de aarde, plechtig de woorden van het algemeen ongetwijfeld christelijk geloof en van Gods eeuwige Wet. “Ik geloof in God de Vader, Schepper des hemels en der aarde”… Want in zes dagen schiep God de hemel en de aarde, de zee en alles wat daarin is…
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 maart 2009
Daniel | 36 Pagina's