Genadetijd voorbij
Bijbelstudie Amos
In de vorige Bijbelstudie hebben we iets geleerd over Amos en de tijd waarin hij door God werd gezonden. Er waren geen politieke onweerswolken, de zaken gingen goed en de rijken konden op vakantie in hun zomer- en winterhuizen. Wat zal het moeilijk zijn geweest voor Amos om in zo’n tijd te preken over oordelen. Wie zou er luisteren naar zo’n preek? ‘Hij lijkt wel niet goed om te preken over het brullen van de HEERE (vers 1). Het is toch duidelijk dat de HEERE heel tevreden is met Zijn volk?’ Maar Amos had toch gelijk: twee jaar later kwam de aardbeving. Amos heeft het over het brullen van de HEERE. Niet van God, maar van de HEERE. De naam HEERE wijst op God als de Verbondsgod. De God, Die het volk Israël als Zijn volk heeft geadopteerd (Romeinen 9: 3). Een hele speciale verhouding dus. Blader even naar hoofdstuk. 3: 1-2. Je merkt dat de HEERE vanuit een diep gevoel van verbondenheid spreekt. De Engelse vertaling van 2: 13 is heel anders dan de Nederlandse. In het Engels lees je zoiets als: ‘Zie, Ik voel Mij enorm bedrukt door jullie, zoals een volgeladen wagen onder een vracht van korenaren’. Heel beeldend laat de HEERE voelen wat de zonden van Zijn volk Hem doen.
Zijn volk
Om de preken van Amos goed te begrijpen, moeten we even verden denken over Zijn volk. Wie zijn dat? Het volk van de HEERE in Amos dagen waren de Israëlieten van het twee- en tienstammenrijk. De meeste waren onbekeerd. En toch Zijn volk. Denken wij ook zo over onszelf? Het is Bijbels als we ‘kerkmensen’ Zijn volk noemen. Dus ook jij en ik! Wij dragen immers allemaal de naam van de Heere op ons voorhoofd? Maar het is ook Bijbels om in Zijn volk toch weer twee andere volken te zien. Je hebt de ware Israëliet, die de HEERE echt vreest en liefheeft. En je hebt de onware Israëliet, die wel netjes met de kerk meeloopt maar niet van harte. Amos boodschap is gericht tegen zulke ‘meelopers’. En dat zijn we van nature allemaal. Op een zeker moment begint Amos te preken (hoofdstuk 1 en 2). In gedachten gaan we tussen Amos’ hoorders staan. Hij sprak waarschijnlijk op de markt. Rondom ons staan allemaal ‘kerkmensen’, maar ook allerlei buitenlanders: onkerkelijke mensen dus. ‘Nou, die moeten maar eens goed luisteren naar deze uitstekende predikant’. Zoals die moordenaars in Damascus (vers 3 tot en met 5) maar ook de Filistijnen (vers 6 tot en met 8), de koopleiden van Tyrus (vers 9 tot en met 10). Daarna pakt Amos die ‘broedervolken’ aan. Eerst die gemene Edomieten (vers 11 tot en met 13) en dan de gruwelijke Ammonieten (vers 13 tot en met 15) en de oneerbare Moabieten. En uiteindelijk krijgen ook die mensen van die ‘andere kerk’ in Juda het nodige te horen. ‘Goed zo, Amos! We zijn het helemaal met je eens. Met die kerk gaat ook het helemaal verkeerd. Ik hoop dat ze goed luisteren.’
Leerzaam
Waarom heeft Amos gepreekt tegen volken die misschien niet eens onder zijn gehoor zaten? Dat heeft toch weinig zin? Jona preekte tenminste in Nineve zelf. Ik laat deze vraag even voor jullie. Wat Amos in elke korte preek tegen de verschillende volken zegt, is erg leerzaam. De uitdrukking om drie, ja vier misdrijven is een Hebreews gezegde dat zoiets betekent als: ‘omdat de maat vol is’. Het een aankondiging van Gods onafwendbare oordeel. Dit gedeelte van de preek was dus niet een boetepreek die om bekering riep. De tijd van bekering was over. De profeet herhaalt dat in hoofdstuk 4: 12. Dat is heel aangrijpend. Voordat het leven voorbij is, kan genadetijd voorbij zijn! Als wij de Heere blijven negeren of als we Zijn boodschap door ongeloof terzijde werpen en gewoon doorleven in de zonden van materialisme, zelfzucht, trots en plezier-zoeken. Dat kan er een moment komen dat de Heere ons laat gaan. Een groter oordeel is niet denkbaar.
Huiswerk
Welke zonde wijst de HEERE ons aan in ieder gedeelte van deze eerste preek van Amos? Bid: ‘HEERE, doorzoek mij door dit stukje van uw Woord? Laat mij zien welke zonde U in mij ziet.’ Als voorbereiding op de volgende studie: Probeer in elke oordeelsverkondiging de zonde te definiëren. Niet zozeer wat die volken deden, maar hoe wij die zonden doen: persoonlijk, als kerk of als maatschappij. Wat is dan Gods boodschap voor ons vandaag? Want daar gaat het uiteindelijk om in elke Bijbelstudie.
bijbelstudie@jbgg.nl
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 maart 2009
Daniel | 36 Pagina's