Geschiedenis van gewone mensen
Historicus Nobel: Niet te kort doen aan Gods voorzienigheid
Direct bij het binnenkomen valt het al op: hier woont een geschiedenisliefhebber. De muur van de hal hangt vol met historische prenten. Arjan Nobel uit Oud-Beijerland is dan ook historicus aan de Universiteit van Leiden. In een interview vertelt hij over zijn werk, verhalen over Nederland en Gods leiding in de geschiedenis. “Sommige studenten hebben nog nooit een Bijbel in handen gehad.”
Waar heb je geschiedenis gestudeerd?
“Aan de universiteit van Leiden, de oudste universiteit van ons land. Niet alleen ligt de geschiedenis hier voor het oprapen, ze hebben daar ook gevoel voor traditie. Dat vind ik mooi. Leiden spreekt bijvoorbeeld als enige nog over ‘vaderlandse geschiedenis’. Andere universiteiten hebben het over ‘Nederlandse geschiedenis’.”
Waarom koos je ervoor geschiedenis te gaan studeren?
“Aan het einde van de lagere school had ik die keus eigenlijk al gemaakt, zo leuk leek het me. Op het voortgezet onderwijs koos ik vervolgens een echt geschiedenispakket: geschiedenis, Grieks en Latijn. Ik hield van lezen en schrijven. En dat is nodig als je geschiedenis gaat studeren.”
Wat deed je na je studie?
“Na mijn studie wilde ik graag de wetenschap in. De combinatie van onderzoek doen en lesgeven, trok me erg aan. Maar eerst heb ik een jaar als freelancer voor Joodse organisaties gewerkt. Ik onderzocht toen het rechtsherstel van Joden na de Tweede Wereldoorlog. Joden die de oorlog hadden overleefd, kwamen na de oorlog weer naar Nederland en merkten dat al hun spullen waren geroofd. Tijdens zo’n onderzoek duik je in de Joodse cultuur. Je komt dan veel onverwerkt leed tegen. Bijvoorbeeld van een Joods man van wie al zijn broers en zussen waren omgekomen. Behalve één: die was ondergedoken geweest in een gereformeerd gezin, maar zelf ook gereformeerd geworden. Die broer was hij dus ook nog ‘kwijt’. Nu heb ik een baan als promovendus bij de Universiteit Leiden. Ik geef studenten les over vaderlandse geschiedenis en doe onderzoek.”
Wat boeit je in het bestuderen van de geschiedenis?
“Veel mensen maken van de geschiedenis een proces. Volgens mij gaat geschiedenis echter over mensen. Mannen en vrouwen met fouten en gebreken. Ik vind niet zozeer de hoogtepunten interessant, zoals veldslagen en oorlogen, maar het gaat me meer om de gewone mensen die bijvoorbeeld vijfhonderd jaar geleden in deze straat woonden. Hoe leefden zij? Je ‘ontmoet’ deze mensen in het archief. Daar lees je over hun dagelijkse bezigheden, hoe ze naar de kerk of naar school gingen. In een begrafenisregister las ik over een graf in een kerk. In dat graf stonden enkele grote kisten en daar bovenop drie kleine. In elk van die drie kistjes lag een jongetje met de naam Nicolaas. De eerste zoon Nicolaas was gestorven en begraven. De ouders noemden de tweede zoon weer Nicolaas, maar ook hij stierf weer vroeg. Zo ook de derde Nicolaas. Je ontdekt dan in een simpel register een geweldig stuk verdriet.”
Zijn de bronnen vooral schriftelijk?
“Dat hoeft niet. Je hebt heel veel verschillende bronnen: foto’s, video’s, kleitabletten, grafstenen of verhalen van mensen. Daaruit probeer je een eerlijk beeld van de geschiedenis te geven.”
Waarom is geschiedenis belangrijk?
“Allereerst is geschiedenis heel simpel praktisch nuttig. Je kunt deze tijd niet begrijpen zonder iets van de geschiedenis te weten. De oorlog in Afghanistan heeft z’n wortels in het verleden. Zo heeft ook de politiek van vandaag lijnen naar de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw.
Maar als je alleen daarom geschiedenis belangrijk vindt, loop je het gevaar delen van de geschiedenis te laten liggen. Delen die niet direct een verband hebben met het heden. We doen dan de mensen uit het verleden geen recht, terwijl we het handelen van mensen uit het verleden serieus moeten nemen. Professor Van Deursen zegt ergens dat we ons als christenen zeker bewust moeten zijn van ons verleden. Elke zondagmiddag horen we immers dat we ons geloof belijden ‘met de kerk van alle tijden en plaatsen’.
Als je alleen naar het praktische nut kijkt, laat je de waan van de dag regeren over de geschiedenis. Daarin schuilt een groot gevaar. Als mensen dan vandaag besluiten dat de kerk niet meer belangrijk is voor de huidige samenleving, wordt vergeten dat de kerk onze cultuur heeft gestempeld.”
Snappen je studenten dat?
“Sommige studenten hebben nog nooit een Bijbel in handen gehad. Pas had ik een prent met de troon van Filips II. Daarop wordt een Salomonsoordeel afgebeeld. ’Salomonsoordeel, wat is dat?’ vragen ze dan. Veel schilderijen kun je niet begrijpen zonder iets van de Bijbel te kennen. Ook de kerken om je heen vertellen dat de Bijbel een belangrijke plaats in ons land heeft ingenomen.”
De week van de geschiedenis, van 11 tot en met 19 oktober, heeft als thema ‘Verhalen van Nederland’. Welk verhaal maakte vroeger op de basisschool indruk op jou?
“Ik hoorde op de Eben-Haëzerschool in Oud-Beijerland geromantiseerde verhalen over dappere geuzen en foute Spanjaarden in de Tachtigjarige Oorlog. Als je die tijd echter bestudeert, merk je dat die geuzen geen lieverdjes waren. De boeren in Noord-Holland waren er doodsbenauwd voor.”
God regeert en bestuurt alles. Neem je die gedachte mee in het bestuderen van de geschiedenis?
“Als christen neem ik mee dat God in de geschiedenis handelt. Maar als ik, als wetenschapper, over de geschiedenis schrijf, baseer ik mij op archiefmateriaal. Ik weeg bronnen en contexten tegen elkaar af en probeer een zo eerlijk mogelijk beeld te schetsen.
Toen de Armada, de Spaanse vloot, in 1588 werd verslagen, zeiden de mensen, dat Gods adem ze had verstrooid. Hoe kijk je als wetenschapper tegen zo’n gebeurtenis aan?
Niet alleen de Hollanders, ook de Spanjaarden zagen er Gods hand in. Dat hun vloot was vergaan, zagen ze als een straf van God. Als wetenschapper zegt het mij iets over de denkwereld van de mensen in de zestiende eeuw.”
En als christen?
“Ik wil voorop stellen dat God de algemene leiding over de geschiedenis en over ons leven heeft. We belijden met de Heidelberger Catechismus dat regen en droogte, ziekte en gezondheid, ja alles ons van God toekomt. Te snel wordt er gepraat over ‘Gods hand in de geschiedenis’. Ik heb daar ernstige bezwaren tegen. Wij mensen bepalen Gods hand niet. Ik zeg dan liever dat hij ons leven bestuurt. Als we heel concreet Gods hand in de geschiedenis willen aanwijzen, lopen we het gevaar van subjectieve willekeur, dat wil zeggen dat we de dingen die ons goed uitkomen, bestempelen als Gods vinger. We worden ook selectief, want we en selecteren vaak alleen grote gebeurtenissen. We doen dan tekort aan Gods voorzienigheid. Die gaat niet alleen over bijzondere gebeurtenissen gaat, maar over heel ons leven.”
---
“Echte aanrader”
Leendert Corbijn vertelt over zijn motivatie geschiedenis in zijn vakkenpakket te kiezen: “Geschiedenis heb ik niet gekozen omdat ik later echt iets met geschiedenis wil doen. Het is meer een keuze uit interesse; omdat het vak geschiedenis meer inzicht geeft in het verleden, maar ook in dingen die nu gebeuren. Want van veel dingen die vroeger gebeurd zijn kun je nu nog de effecten merken. Bijvoorbeeld; waarom ga ik naar school? Daar kan natuurlijk iedereen antwoord op geven. Maar wat er allemaal moest gebeuren voordat het leerplicht in Nederland kwam, weet niet iedereen. Je leert naast dit soort dingen ook over de klassieke oudheid en de Middeleeuwen. Dit schooljaar zullen we het met name over de industriële revolutie en de Eerste en Tweede Wereldoorlog hebben. Omdat ik het profiel Natuur en Techniek heb, is het niet echt logisch dat ik geschiedenis heb gekozen. Toch kan ik het iedereen aanraden, welk profiel je dan ook volgt. Omdat het je algemene kennis enorm vergroot en de studielast niet hoog is.”
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 oktober 2008
Daniel | 32 Pagina's