JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Hanna da Costa-Belmonte: “breng mij bij hem”

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Hanna da Costa-Belmonte: “breng mij bij hem”

4 minuten leestijd

“God alleen kent de grootte van mijn verlies. Negenendertig jaar leefden wij tesamen. Gij alleen, o mijn God, gij weet door welke tedere banden wij verenigd waren, wat hij voor mij was: mijn leidsman, mijn trouwe raadgever. Zou ik hem terugwenschen? Neen, dierbare Heiland, maar breng mij bij hem op Uwen tijd opdat wij tezamen, verenigd bij U, U tezamen de lof en aanbidding mogen toebrengen. O Heere, wees Gij de Man der weduwe, de Vader der weezen.”

Deze woorden werden in haar dagboekje neergeschreven door Hanna da Costa-Belmonte (1800- 1867), na het overlijden van haar geliefde echtgenoot Isaac da Costa. Isaac da Costa (1798-1860) was een van de belangrijkste vertegenwoordigers van het Nederlandse Reveil, een geestelijke opwekkingsbeweging uit de negentiende eeuw die opriep tot persoonlijke bekering en tegelijkertijd streefde naar hervorming van kerk, staat en maatschappij. Da Costa, een begaafde en ontwikkelde man, was afkomstig uit een Joods-Portuguees geslacht. Hij promoveerde op jonge leeftijd in de rechten en de letteren en ging onder invloed van Bilderdijk in 1822 met zijn jonge vrouw Hanna tot het christendom over. Zijn bekendste werk is Bezwaren tegen de geest der eeuw. Hierdoor kreeg hij veel vijanden.

Dagboekje
Isaac en Hanna zijn neef en nicht van elkaar en kennen elkaar dus van jongsaf. Van 1820-1865 beschrijft Hanna haar leven en begint met een bijzondere gebeurtenis: de doop van haar man en van haarzelf. “Wij werden weerdig gekeurd den heiligen doop te ontvangen, hebbende de 17e oktober 1822 onze innige en opregte belijdenis onzes geloofs afgelegd…” Omdat haar man Isaac da Costa veel lezingen hield op de zogenaamde ’reunions’, waar enkele tientallen mensen in bijbelstudie bijeenkwamen, waren er veel contacten met anderen. Het was de gewoonte van de echtgenotes van de bekende mannen van het Reveil om zich bezig te houden met liefdadigheidswerk. Maar Hanna da Costa kwam daar niet aan toe. Zij had al haar energie nodig voor haar opgroeiend gezin. Hoewel uit haar dagboekaantekeningen haar tere geloofsleven blijkt, steunde ze in geestelijk opzicht veel op haar man. En wat praktische gezinszaken betreft steunde ze op haar enige zuster. Al had Hanna een kostschoolopleiding gevolgd en beheerste ze de Franse taal, al kon ze prachtig zingen en daarmee zang begeleiden op de studieavonden, vóór alles was ze als een liefhebbende echtgenote en zorgzame moeder in haar gezin bezig. Zo beschrijft ze het krijgen van het eerste tandje en “de eerste vrouwelijke zaken” van haar dochters als grote zegeningen. Ze laat duidelijk blijken dat in deze tijd het leven als een zeer kostbaar en broos geschenk ervaren wordt. Maar ook de onrust en de onverenigdheid van het hart worden niet verzwegen. Na ernstige ziekte van haar oudste negenjarige zoon Willem gaf de Heere beterschap aan dit kind. Maar deze weldaad werd niet goed beantwoord. De wrevel en wederspannigheid wisselen zich voortdurend af. “Wat mag dit zijn, o mijn God? Welk is de weg die wij met dit kind moeten inslaan? Wij zijn ook woest en onstuimig. Mijn Heiland, kom ons te hulp. Och, wilt Gij in ons midden wezen…”

Zwangerschappen
Hanna ziet telkens tegen een nieuwe zwangerschap als een berg op, vooral als in 1840 haar enige zuster in het kraambed overlijdt. Dat kan ook haar overkomen! Ze beschrijft haar gevoelens als ze kort na het overlijden van haar zuster merkt voor de achttiende maal zwanger te zijn. Negen maal eindigde een zwangerschap in een miskraam. “Een gewichtige ontdekking, een donker vooruitzigt, maar ook uit deze duisternis kunt Gij nog een grote vreugde voor mij hebben weggelegd, een lief kind kan ons nog op Uw tijd in de volle rijpheid des tijds doen loven en aanbidden. Och Heere Jezus, mocht het een U geheiligd zaad zijn, reeds van de ontvangenis af en geef mij geduld en lijdzaamheid om de pijnlijkheid van mijn toestand te dragen.” Dochtertje Francisca mag in 1841 voorspoedig geboren worden en opgroeien tot volwassenheid, ja zelfs de leeftijd van 75 jaar bereiken!

Sterfgevallen
Van de negen kinderen moesten de ouders er zes naar het graf brengen. Uit de treffende beschrijving hiervan blijkt Hanna’s innige moederliefde en tere geloofsleven. Vooral de sterfgevallen van de tweejarige Esther en de 19-jarige Hanna zijn ontroerend door haar beschreven. Al mogen Da Costa en zijn vrouw hun kinderen in het geloof aan de Heere overgeven, het verdriet en gemis is erg groot. Na het overlijden van Hanna zoekt men enige ontspanning in de omgeving van Haarlem. “Wij vertrokken juist op onze 33e trouwdag. Het logement is vrij redelijk, het weder ongunstig, stemt veel met onze gemoedsaandoening overeen. Neen, Heere, de verandering van plaatse kan geen balsem aan onze gewonde harten brengen. Gij alleen, o Trooster onzer ziele, gij alleen kunt de ware balsem, vrede en vreugde in onze harten storten. Gij kunt ons doen berusten in deze zware beproevingsweg…” In 1867, zeven jaar na het overlijden van haar geliefde man met wie zij “recht verenigd was” mag Hanna da Costa-Belmonte op 67-jarige leeftijd de pelgrimsreis beëindigen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 oktober 2008

Daniel | 32 Pagina's

Hanna da Costa-Belmonte: “breng mij bij hem”

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 oktober 2008

Daniel | 32 Pagina's