Met de trein door de woestijn
Drie maanden op stage in Saoedi-Arabië
Jaapjan van der Spek (23) studeert Chemische Technologie. Vorig jaar reisde hij naar Saoedi- Arabië. Drie maanden woonde en werkte hij in het streng islamitische olieland. Weer terug in Nederland vertelt hij over zijn verblijf in de Arabische wereld. “Christenen in Saoedi-Arabië hebben het heel erg moeilijk.”
Je hebt stage gelopen in Saoedi- Arabië. Hoe ben je daartoe gekomen?
“Voor mijn studie moest ik een afstudeeropdracht uitvoeren. Ik wilde graag ervaring opdoen bij een chemisch bedrijf in het buitenland. Op een beurs kwam ik het bedrijf tegen waar ik de opdracht heb gedaan. Saoedi-Arabië leek me erg interessant. Ze zitten er boven op de olie en de verwerking ervan. Bovendien wist ik nog maar weinig van de moslimcultuur en omgang met Arabieren, en leek het me erg boeiend hier meer over te leren.”
Saoedi-Arabië is een streng islamitisch land. Hoe heb je dat gemerkt?
“Je merkt in heel veel dingen dat de islam helemaal verweven is in de samenleving, tot in de kleinste dingen. De meeste moslims in Saoedi-Arabië moeten vijf keer per dag bidden. Dit gebeurt ook gewoon overdag op het werk, waarbij alles ruim twintig minuten stil komt te liggen. Winkels gaan dicht, zelfs restaurants sluiten en de religieuze politie stuurt moslims die tijdens gebedstijd nog buiten zijn naar de moskee. Ook als je met moslims praat, valt het op. Moslims zeggen bijvoorbeeld vaak ‘Inshallah’ – ‘als Allah het wil’ – bij iets wat in de toekomst gepland staat. Verder lopen de meeste mannen buiten werktijd in een thobe – een soort witte jurk – met een guntra – hoofddoek – op het hoofd. Vrouwen lopen allemaal in een zwarte abaya met op z’n hoogst de beide ogen onbedekt. Vrouwen werken bijna niet, mogen geen auto rijden en gaan niet onbegeleid over straat.”
Hoe verliepen je contacten met de mensen binnen het bedrijf waar je werkte?
“De werknemers van het bedrijf waar ik werkte, waren erg hartelijk en zeer behulpzaam. In het begin had ik nog niet veel contact en keken ze de kat wat uit de boom. Na een paar weken werden ze meer open en hadden we goede gesprekken. Ze waren erg bezorgd dat ik een verkeerd beeld van hen had en dat ik zou denken dat ze allemaal terroristen en extremisten waren. Daarnaast waren ze erg geïnteresseerd in Nederland, onze universiteiten en hoe wij hier leven. Ze waren wel enorm gastvrij. Ik ben meerdere keren buiten werktijd met collega’s op pad geweest om samen te eten, koffie te drinken en dadels te eten in de woestijn of de omgeving te bekijken. Ik werd zelfs in hun huis uitgenodigd, hoewel uiteraard wel netjes gescheiden van de vrouwen die dan aanwezig waren. Ze vonden het ook leuk me te leren hoe ik me aan kon passen aan hun gebruiken. Ik leerde Saoedische begroetingen, hoe te eten met mijn rechterhand, zitten op de grond in een nette houding en wat van je wordt verwacht bij het koffiedrinkritueel. Erg leuk.”
Hoe was het om als christen in een islamitisch land te verblijven?
“De islam is de staatsgodsdienst van Saoedi-Arabië. Andere godsdiensten zijn in principe verboden. Maar van westerlingen verwachten ze dat het allemaal christenen zijn. In je visum staat je religie ook weergegeven en ik kon zonder gevaar vertellen dat ik christen was. Het was en is alleen streng verboden als niet-moslim je religie buitenshuis te uiten of te praktiseren. Mijn Saoedische collega’s vonden het overigens prima als ik onder gebedstijd rustig doorwerkte, terwijl zij gingen bidden. Ik kon hierover ook gewoon met hen praten en ze vonden het leuk dingen te vragen en zelf zaken uit te leggen. Open Doors geeft elk jaar een lijst uit met daarop de vijftig landen waar de meeste christenvervolging plaats vindt. Al jaren staat Saoedi- Arabië op de tweede plek, onder Noord-Korea. Christenen in Saoedi- Arabië – en dan vooral de bekeerde moslims – hebben het heel erg moeilijk. Zelf heb ik geen christenen ontmoet, maar wel gemerkt dat christenvervolging plaats heeft. Ik denk dat het goed is te bidden voor de vervolgde kerk, en daarbij ook speciaal voor de christenen in Saoedi-Arabië, die veel lijden om het geloof in de Heere Jezus.”
Je hebt veel omgang gehad met moslims. Hoe was dat?
“Bij het bedrijf waar ik stage liep, werkte ook een jongen die erg geïnteresseerd was in het christelijk geloof. Ik mocht hem vertellen van het werk van de Heere Jezus, het bijzondere van de liefde van God en het onbegrijpelijke van genade. Ik merkte dat hij weinig wist van het christelijk geloof en allerlei vooroordelen had meegekregen. Veel moslims leven in angst dat ze te weinig goede werken doen en in onzekerheid over hun bestemming na dit leven. Christenen hebben hierin veel te bieden, als zij vertellen over mogelijkheid van vergeving van zonde die je uit genade mag ontvangen en niet kunt verdienen.”
Wat deed je in je vrije tijd?
“In de vrije tijd die ik had, probeerde ik zoveel mogelijk te reizen. Ik huurde vaak een auto en reed in een dag zo ver als ik kon om zoveel mogelijk te zien en ontdekken. Met wegbewijzering in het Arabisch was het soms wat puzzelen, maar ik heb er veel gezien. In korte vakantieperioden heb ik de kans gehad Bahrein en Dubai te bezoeken, en ben ik met de trein door de woestijn naar de hoofdstad Riyadh gereisd en met het vliegtuig naar het berglandschap van Abha.”
Kijk voor meer foto’s op:
www.jbgg.nl/fotospecial
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 mei 2008
Daniel | 32 Pagina's