Tot Gods eer
Zaterdagmorgenlezing Winterconferentie ‘Zout der aarde’
Het zout der aarde. Gij zijt het zout van de aarde. Gij, wie zijn dat? De discipelen van Jezus. En jij ook, als je door genade Zijn volgeling bent. Het gaat hier nog niet over de daden van de discipelen, maar eerst om hun status, hun zijn. Later in vers 16 spreekt Jezus over de werken waardoor God wordt verheerlijkt. Maar eerst moet je zout zijn, voordat je door je levenshouding een zoutende werking kunt laten uitgaan in je omgeving. Ben jij dat? Want óf je bent gered door Jezus’ bloed óf je bent nog verloren.
Zout wordt gebruikt om levensmiddelen te conserveren en om het eten smaak te geven. In de tijd toen het voedsel nog voornamelijk vegetarisch was, conserveerde men voor de armere mensen vlees of vis met zout. Blokken zout werden in die tijd als geld verhandeld. Een ‘salaris’ werd wel uitbetaald in zout. Op het zendingsveld ging het ook zo. Zout is een contactmiddel. Heel waardevol. Voor een lepeltje zout werkten de mensen wel een hele dag. In de tempel in Jeruzalem had men speciale opslagkamers voor zout, door speciale beambten beheerd. Bij alle offergaven werd gereinigd zout toegevoegd. Zout werd ook aan de olie in de lampen toegevoegd om de vlam helder te laten branden. Nu begrijp je ook waarom Jezus van het zout overgaat op de brandende lamp in Zijn beeldspraak als Hij zegt: Gij zijt het licht der wereld.
Heiligheid
We lezen in de Heidelbergse Catechismus, vraag en antwoord 122 over de eerste bede ‘Uw Naam worde geheiligd’: ‘Geef ons in de eerste plaats dat wij U recht kennen’. Dat is het eerste en het belangrijkste. Dat is nodig om een zoutend zout te zijn in de samenleving. Maar de catechismus vervolgt in het antwoord op vraag 122: ‘Daarna ook dat wij al ons leven, gedachten, woorden en werken alzo schikken en richten dat Uw Naam om onzentwil niet gelasterd, maar geëerd en geprezen word’. Zijn Naam moet door ons geëerd en geprezen worden. Dat is de uitwerking van het zout der aarde. De buitenwacht merkt aan je woorden en je gedrag of jij een positieve jongere bent, die tot doel heeft om God en de naaste te dienen en zo God de eer te geven. Toets jezelf eens aan een paar praktische dingen. Wat staat er nummer één in je leven? De Bijbel, het gebedsleven, de prediking van het Woord óf geld, carrière, diploma’s, je vriend of vriendin? Hoe ga je in je verkeringstijd met elkaar om? Welke plaats heeft de dienst van de Heere in je relatie? Is de zondag voor jou een oase, een dag van heerlijke rust en goede gesprekken met elkaar? Hoe ga je met je tijd om?
Besef je iets van de heiligheid van God en het diepe respect dat Hem toekomt? Wat staat er op je mp3- speler? Hoe ga je om met de media? Hoe is je taalgebruik? Kom je in een bierkeet of in een kroeg? Houd je in je beroepskeuze rekening met de dienstbaarheid in Gods Koninkrijk? Heb je een open oor voor collega’s in zorgen en nood? Is je vriendelijkheid bij alle mensen bekend? Hoe praat je over allochtonen? Kopieer je wel eens een werkstuk van een ander om in te leveren op school onder het mom dat je het zelf hebt gemaakt? Zo zijn er nog wel meer dingen te noemen. Doortrekt het zout van Gods genade je leven? Het gaat om je levenshouding.
Invloed
Wat merken mensen in je omgeving ervan dat je de weg van het Woord wilt gaan, dat je de Heere wilt dienen? Merken je vrienden het, je ouders, je collega’s of medestudenten? Als je de Heere vreest, gaat er een zoutende werking uit van je leven. Je omgeving wordt er beter van. Vanuit de liefde tot de Heere volgt de zoutende werking van je leven in dienende liefde, barmhartigheid, oprechte belangstelling voor je naaste, vriendelijkheid. Hoe ga je met je familie, je vriend of vriendin, je buren en je verre naaste om? Hoe sta je in de gemeente? Dien je daar de Heere met je gaven? Gij zijt het zout der aarde. Jij moet een bederfwerende invloed uitoefenen in de samenleving. Jij mag daar het Woord en de wet van God gestalte proberen te geven. Anderen moeten het zout proeven. Je moet het zout niet voor jezelf houden. Als je de aardappels kookt, hang je niet een plastic zakje met zout in de pan om het daarna weer in de kast te leggen. Nee, je strooit het zout over de aardappels en het kookt mee, het geeft smaak aan het eten. De Bijbel zegt dat je woorden met zout besprengd moeten zijn. De vroeg-christelijke kerk heeft vele buitenstaanders voor Christus gewonnen door praktisch dienstbetoon. Het leven van de christenen was de beste reclame voor het Evangelie. Zij deelden hun bezittingen met de armen. Zij begroeven de dode lichamen van mensen, die door de pest omgekomen waren met gevaar voor eigen leven. De eerste christengemeente was een zoutend zout te midden van een maatschappij die totaal onsmakelijk geworden was door het bederf van het zedelijk en morele leven. In een dergelijke maatschappij leven wij vandaag ook. De levenshouding van de mens zonder God wordt getekend met de woorden: individualisering, hedonisme, consumptief gedrag, secularisatie en welvaart. Maar niemand is gelukkig. In zo’n wereld leven wij. En daar moeten wij onszelf de vraag stellen: ben ik als het zout der aarde? Ben ik door mijn woorden en daden een smaakmaker van mijn omgeving? Dat kost je wel wat. Dat kost je alles, het kost je jezelf. In eigen kracht gaat dat niet. Leg je vragen in het gebed voor aan de Heere. Hij wil erom gebeden zijn. Zoek in het Woord naar antwoorden. Bestudeer het Woord. Laat je bede ook telkens zijn: Heere, verlicht mijn ogen, zodat ik Uw weg mag gaan en tot Uw eer mag leven; als een zoutend zout.
Genade
De Heere Jezus zegt in Mattheüs 5:13 tegen Zijn discipelen: Gij zijt het zout der aarde. Alleen als je de Heere door genade mag liefhebben, ben je het zout der aarde. Dat stelt ons hoogst verantwoordelijk. Van nature zijn we geen zoutend zout.
Integendeel, dan zijn we smakeloos. En ook na ontvangen genade kan het zout zo flauw worden. Jezus zegt: Indien nu het zout smakeloos wordt, waarmede zal het gezouten worden? Het deugt nergens meer toe, dan om buiten geworpen, en van de mensen vertreden te worden. Hoe kan het zout dan smakeloos worden? Zuiver zout kan zijn kracht toch niet verliezen? Inderdaad, maar we hebben hier te maken met Palestijns zout. Dat is niet het Jozozout, maar het Sodom-zout, dat door verdamping werd gewonnen uit de Dode Zee. Dat zout was samengesteld uit verschillende elementen. Door ontbinding van de samenstelling kon dit zout bitter en onbruikbaar worden. Het Dode Zeezout heeft vanuit de rotsige bodem een alkaline smaak en als het vermengd werd met gips, dat ook in de bodem zat, werd het smakeloos, bitter en onbruikbaar. Het beeld is duidelijk. Het zout verliest zijn kracht als het vermengd wordt met vreemde onzuivere elementen. Als een vreemde leer of een werelds leven in ons denken en doen infiltreert, verliezen wij persoonlijk - en met ons de gemeente waar we deel van uitmaken - onze werfkracht. Je kunt niet met één been in de wereld leven en met het andere in de kerk willen staan. Ik weet het, er wordt van twee kanten aan jullie getrokken, maar je zult toch een keus moeten maken.
Waarheid
De maatschappij van vandaag is individualistisch, het gaat vaak om wat ‘ik vind’. Als het maar goed voelt voor mij, dat is de norm. Iedereen mag zijn eigen waarheid, zijn eigen god hebben. Als je de ander ook in zijn waarde laat en hem er maar niet van probeert te overtuigen dat jij in dé Waarheid gelooft en die wil overdragen. Tegelijk zie je dat in deze maatschappij met name door de (moderne) media de zonde voor het oprapen ligt. De gerichtheid op geld, goed en genot wordt ontzettend dichtbij gebracht en vindt aansluiting bij ons zondige hart. Kunnen anderen aan jou zien dat de Bijbel normatief is voor jou in de keuzes die je maakt en de houding die je hebt? Ben jij een zoutend zout? Die jongen, dat meisje heeft een doel, die is puur. Zonder dat mensen dat direct in de gaten hebben gaat er dan een verborgen werking van je levenshouding uit.
Mattheüs schrijft in hoofdstuk 5: Laat uw licht alzo schijnen voor de mensen, dat zij uw goede werken mogen zien en uw Vader, Die in de hemelen is, verheerlijken (vers 16). Kun je jezelf een beter levensdoel indenken? De Heere Jezus gebruikt in dat gedeelte verschillende beelden: het zout, het licht, de stad op de berg en de lamp op de kandelaar. Het gaat in al deze beelden om de positieve invloed van de gelovigen in hun omgeving. In Zijn samenvatting met betrekking tot de beelden van het zout, het licht en de stad op de berg, die van verre te zien is, gebruikt Christus het beeld van het licht dat moet schijnen en de goede werken, die gezien moeten worden. Het doel van alles is: dat zij uw Vader, Die in de hemelen is, verheerlijken.
Uitstraling
Als jij een zoutend zout bent, is je invloed op je omgeving duidelijk merkbaar. Als jij je omgeving niet beïnvloedt, is de kans groot dat je omgeving jou beïnvloedt. De opdracht van Christus gaat echter verder dan alleen je omgeving in eigen kring laten merken dat het ware geluk gelegen is in het dienen van de Heere. Er staat: Gij zijt het zout der aarde! Er staat ook: Gij zijt het licht der wereld! Dat is de wereld om ons heen, de wereld zonder God, de maatschappij waarin wij leven en die er wel eens heel anders uit zou kunnen zien als christenen geen zoutend zout waren. Jezus’ woorden zijn niet bedoeld als een roeping voor de enkeling, maar als een roeping voor de gemeente van Christus, waar jij een onderdeel van bent. Kunnen ze Jezus in ons zien? Merken ze aan onze woorden en daden dat we aan Christus gelijkvormig zijn? Welke uitstraling hebben wij naar buiten? Dat bedoelt Jezus als Hij zegt: Laat uw licht alzo schijnen voor de mensen, dat zij uw goede werken mogen zien en uw Vader, Die in de hemelen is, verheerlijken (vers 16).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 april 2008
Daniel | 36 Pagina's