JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Wat verwacht de student van de kerk?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Wat verwacht de student van de kerk?

5 minuten leestijd

Precies vijftien jaar geleden organiseerde het deputaatschap voor studerenden een conferentie over het eigene van de Gereformeerde Gemeenten en de plaats van de student daarin. Zijn de Gereformeerde Gemeenten dan zo star dat dat thema steeds terug moet komen? Ja, zo star zijn ze. En dat is maar goed ook. De geschiedenis heeft bewezen dat een flexibele kerk meestal geen toekomst heeft. Maar daarmee is meteen het spanningsveld aangegeven waarin een student zich vaak bevindt in zijn verhouding tot de kerk. Als student verwacht je flexibiliteit, maar je treft er in je eigen waarneming vooral starheid aan. Het is belangrijk daarom eerst te omschrijven wat jullie als studenten precies verwachten: enerzijds teveel, anderzijds te weinig.

Jullie levensfase kenmerkt zich door flexibiliteit. Je bent heel lenig in je denken, je kunt je bezighouden met heel veel dingen tegelijkertijd. Er ligt een leven vol uitdagende mogelijkheden voor je open. Het is niet zo vreemd dat jullie flexibel zijn. Je moet het wel zijn. Je bent ook nooit anders geweest, want je hele leven heeft tot nu toe bestaan uit veranderen, ontwikkelen en gaan functioneren in een steeds groter wordende wereld.

Veel van jullie verwachten, vaker onbewust dan bewust, dezelfde flexibiliteit van de kerk. En dat kan niet. Hoe

kun je nu van een eeuwenoude vrouw verwachten dat ze flexibel is?

Zij kan niet zo open staan voor veranderingen als jullie, want ze beziet mogelijke veranderingen vanuit haar levenservaring en ze weet dat heel veel veranderingen geen echte verbeteringen zijn of in ieder geval niet belangrijk genoeg om er vertrouwde ideeën en gewoonten voor in te ruilen.

Dierbaar De kerk kan haar zwakke plekken niet op dezelfde lenige manier bespreekbaar maken als jullie dat kunnen met de zwakke plekken in je eigen ontwikkeling. 'Gooi het toch open op tafel wat er mis is met de Gergem', zeg je als student misschien. Maar de kerk weet dat ze voorzichtig moet zijn en van het samenbindende kerkblad geen discussieblad moet maken.

Veel studenten verwachten dat de kerk accepteert dat jullie in een aantal opzichten anders denken. 'Dat moet toch kunnen, die variatie? '

Nee, dat kan de kerk niet zomaar accepteren, omdat ze nieuwere opvattingen of een nieuwere levensstijl vergelijkt met dat wat haar al decennialang dierbaar is.

Als student ben je in staat veel dingen tegelijk belangrijk te vinden en kun je je soms maar nauwelijks voorstellen dat anderen jouw aandachtspunten niet belangrijk vinden. Zo kan de kerk niet denken, omdat ze weet dat niet alles even belangrijk is en ook de lenigheid van geest niet heeft om zich met alles tegelijk bezig te houden.

Tenslotte, nogal wat studenten kijken ernaar uit dat de kerk wat woordkeus en taalgebruik flexibeler wordt. Van die standaarduitdrukkingen kun je zo moe worden. Maar dat kun je niet van een oude vrouw verwachten. Bij haar past een haar vertrouwd taalkleed.

Je verwacht veel flexibiliteit, omdat je zelf heel flexibel bent. Gelukkig houden jullie deze mate van flexibiliteit ook maar een paar jaar vol. Het is goed om dat te beseffen. Het ontbreken van levenservaring verklaart waarom de starheid van de kerk jullie soms stoort. Maar laat tot je doordringen: je bent vergeleken met je oude moeder een snotneus, die iets anders, iets bijzonder waardevols, van haar mag verwachten: stabiliteit.

Stabiliteit

Kenmerkend voor een volwassene is onder andere: dat hij kan relativeren (en dus ook de relativiteit van eigen opvattingen inzien), dat hij zijn eigen beperktheden accepteert, dat hij niet teveel van zichzelf verwacht en dat hij geduld heeft. Zo iemand is de kerk. Zij heeft meer zelfkennis dan de bevlogen studenten in haar en vertoont dienovereenkomstig gedrag. Dat zij zich niet altijd op een verstandige manier gedraagt, behoeft geen discussie. Ze is ook maar een mens. Maar ze heeft door haar volwassenheid en levenservaring een mate van stabiliteit te bieden, die je rust en vertrouwen kan geven. De kerk valt niet zomaar om, waait niet met allerlei winden mee, laat zich niet op het eerste gezicht overweldigen door een nieuw theologisch inzicht. Ze reageert bezonken en is juist daardoor een echte moeder die leiding geeft. Dat is wat je van haar mag verwachten, maar ik ben bang dat studenten dat wel eens te weinig van haar verwachten.

Het gaat niet om jou

Wat kan je helpen om goed om te gaan met dit spanningsveld tussen gevraagde flexibiliteit en aangeboden stabiliteit? Dit: denk niet in de eerste plaats aan jouw individuele (geestelijke) belangen, maar aan het belang van de gemeenschap waarvan je deel uitmaakt. De kerk, en de plaatselijke gemeente in het bijzonder, vormt een lichaam waarvan jij een onderdeel bent. Het gaat er niet in de eerste plaats om dat jij je daar thuis voelt of geestelijk gelukkig wordt, maar of het lichaam zo functioneert dat het het Hoofd, Christus, eert.

Het is onder ons gewoon om te stellen: 'Als het gaat om je zielenheil, mag je heilig egoïstisch zijn.' En dat is in zeker opzicht bijbels. Maar het gevaar ervan is dat het aanmoedigt tot individualistisch denken over onze geestelijke belangen, met als gevolg: 'Ik ga daar naar de kerk waar ik in mijn beleving het meeste geestelijke voedsel krijg'. En dat is een onbijbelse manier van denken. God heeft je al een plek gegeven en dat is in de gemeente waar je nu (doop)lid bent.

De vraag die je jezelf daarom hebt je stellen is: Op welke manier kan ik deze gemeenschap het best dienen met de gaven die God mij gegeven heeft? Overigens komt dan als eerste jouw persoonlijke belang om de hoek kijken: zonder waarachtige bekering ben je geen levend onderdeel van Christus lichaam en kun je dus niet functioneren. Maar het is heel heilzaam om te beseffen dat het in de kerk niet om jou gaat, maar om Christus en Zijn lichaam met grote wijsheid regeert.

Daarom: wat je ook verwacht van de kerk, verwacht vooral veel van haar Hoofd.

Dit artikel is een bewerkte versie van de lezing die L. Snoek uitsprak tijdens de laatstgehouden conferentie van het Deputaatschap voor studerenden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 november 2007

Daniel | 25 Pagina's

Wat verwacht de student van de kerk?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 november 2007

Daniel | 25 Pagina's