JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Omgaan met kritiek

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Omgaan met kritiek

"De stem van de Meester gehoord!"

7 minuten leestijd

De laatste tientallen jaren is er van verschillende kanten veel kritiek geuit, op onze gemeenten in het algemeen en op predikanten in het bijzonder. De vraag wordt nogal eens gesteld of we daar wel eerlijk mee omgaan. Zonder hier publicaties te gaan bespreken of zelfs maar één van de critici in het bijzonder te bedoelen, wil ik graag een paar algemene opmerkingen maken over het omgaan met zulke kritiek.

"De stem van de Meester gehoord!"

In onze tijd zijn er veel mensen die breken met de gewoonte van vroeger: het aanvaarden van autoriteit. Cultuurhistorisch gebeurde dat eigenlijk al in de Renaissance en vooral ook in het Verlichtingsdenken, maar in de praktijk van het dagelijks leven is die doorbraak pas in de vorige eeuw gekomen. Voor die tijd liet men zich nog door het gezag gezeggen, maar nu leven we in een tijd van democratie en medezeggenschap. Dat is doorgedrongen in alle lagen van de bevolking en op alle terreinen van het leven en zo ook in de kerk. De oude structuren van ambtelijk gezag en verkondiging van bovenaf moet plaats maken voor gelijkheid tussen leden en ambtsdragers en tenminste voor meer openheid vinden veel mensen.

Is dit een verbetering of strijdt dit met de door God gegeven orde? Ongetwijfeld is het een verbetering als we niet alles, wat van bovenaf gedicteerd wordt, klakkeloos aanvaarden als goddelijk, want dat is het niet. De autoriteiten in de Middeleeuwen waren Griekse filosofen! We mogen ons wel bezinnen op wat wel en wat geen autoriteit toekomt. Slechts Gods Woord en wat daarop gegrond is, heeft autoriteit. Alle gezag moet daarvan afgeleid zijn. Dat betekent niet het einde voor de verkondiging van Gods Woord met autoriteit en niet het einde voor de ambten, zoals ze, vastgelegd in ons kerkrecht, onder ons functioneren.

Verantwoording

De verantwoording voor prediking en ambtelijke dienst is niet eender als in overheidsstructuren of in het bedrijfsleven. ledereen die in de kerk dient, en ook een kerkelijke vergadering, is allereerst verantwoording verschuldigd aan de Koning der Kerk. De behandeling van kerkelijke zaken, ja zelfs van tuchtzaken. zou men soms openbaar willen hebben, maar zo'n openheid is in strijd de plicht tot geheimhouding van ambtsdragers.

Dat betekent niet dat er geen controle is op leer en leven van ambtsdragers en hun vergaderingen. Ze staan allereerst onder toezicht van elkaar en van de meerdere vergaderingen. Daarom kent iedere kerkenraad het 'censura morum', het bespreken van eikaars ambtelijk functioneren voor de bediening van het Heilig Avondmaal. Daarnaast zijn er kerkvisitaties vanuit de classis.

Als leden van het kerkverband zich ernstig verongelijkt voelen door een kerkenraad dan mogen ze in appel gaan bij de classis, en eventueel bij de Particuliere Synode of zelfs bij de Generale Synode.

Heeft iemand bezwaren tegen de leer van een predikant, dan bespreek je dat eerst met hemzelf. Krijg je geen genoegdoening, dan ga je naar de ouderlingen, die toezicht op hem moeten houden.

Geldt de kritiek het hele kerkverband en de leer die daarin geleerd wordt, dan is er de weg van het gravamen, het bezwaarschrift tegen de officiële leer van de kerk.

Kerkelijke weg

Het veronachtzamen van deze kerkelijke weg door met kritiek op ambtsdragers naar buiten of zelfs in de publiciteit te treden, is niet goed. Soms hoor je als argument daarvoor dat men de meerdere vergaderingen niet vertrouwt. Eigenlijk tekent men dan bezwaar aan tegen de wijze waarop Christus Zijn kerk wil regeren!

Ik wil niet zeggen dat een kerkverband niet zo ingezon-

ken of afgedwaald kan zijn dat een grondig onderzoek naar de vervreemding van de belijdenis altijd overbodig is. Wie geen vreemdeling is in kerkelijk Nederland, kan dat weten. In de tijd van de Dordtse Synode hebben de contra-remonstranten zich ook bereidwillig getoond om een officieel en Bijbels onderbouwd gravamen van de remonstranten te toetsen aan Schrift en belijdenis. Maar dan moest er wel zo'n gravamen op tafel komen... Helaas gebeurt het maar al te veel dat allerlei vage beschuldigingen, dikwijls met behulp van uit het verband gerukte citaten van oudvaders, de bediening van Gods knechten belasteren, zonder dat duidelijk gemaakt kan worden, dat er wezenlijk dwalingen worden verkondigd. Er is nog een uitnemender weg om bezwaren in eerste instantie uit te spreken en weg te nemen. Ze wordt ons gewezen in Handelingen 18:26. Priscilla en Aquila hadden kritiek op de prediking van Apollos. Ze hebben voorbeeldig gehandeld en hebben persoonlijk en hartelijk met hem gesproken en het heeft onder Gods zegen een goede uitwerking gehad!

"Anonieme brieven kunnen heel gemeen zijn en ze horen in de prullenbak"

Accentverschillen

In mijn boekenkast staan boeken van Luther, Calvijn, Binning, Gray, Koelman, Brakel, MacCheyne, Philpot, Kohlbrugge, Kersten, van Reenen en nog veel meer uitnemende schrijvers. Ze leggen allen hun eigen accenten, maar ik acht ze allen hoog en begeer een zegen van God te ontvangen als ik erin lees. leder leefde niet in dezelfde tijd of omgeving en ook door de persoonlijke leiding of oefeningen zijn er accentverschillen. Maar ze waren dienaren van Christus en hun prediking is gegrond op Gods Woord en in overeenstemming met onze belijdenis. Ik denk wel eens dat we in onze tijd 'nauw in onze ingewanden' zijn geworden. De verdraagzaamheid is soms ver zoek. Paulus verdroeg het zelfs als men Christus 'onder een deksel' verkondigde, ja hij verblijdde zich zelfs (Filippenzen 1:14-18).

Het karakter van een predikant of zijn 'ligging' is soms voor iemand al aanleiding om zijn prediking te verwerpen en zich tegenover hem op te stellen. Zo zou het niet moeten zijn.

Niet alleen maakt men het de predikant, die worstelt om de boodschap trouw in de gemeente neer te leggen, soms heel moeilijk, maar men doet daarbij zichzelf ook groot kwaad.

Persoonlijke les

Wat een kritische houding is ten aanzien van de prediking weet ik uit eigen leven. Ik heb vroeger, in het begin van mijn huwelijk, ook onder de preek gezeten 'met een maatlat', en vond dit te kort en dat te smal en nog iets anders versleten terminologie, en ga zo maar door. Toen ik, thuisgekomen, mijn kritiek wilde spuien, was mijn vrouw me net voor. Ze had een zegen gehad onder dezelfde preek, die ik zo kritisch veroordelen wilde. Wat heb ik me geschaamd! Zij zat ónder de preek en ik erboven. Ik heb gebeden of de Heere me van die kritische geest verlossen wilde en ik mag geloven dat dit gebed verhoord is. Alleen als ik hoor dat mensen bedrogen worden voor de eeuwigheid, weet ik dat kritiek terecht is. Voor het overige moet ik dikwijls denken aan Hugo Binning, die tot tranen toe geroerd was onder een prediking, waarvan zijn ambtsbroeders zeiden, dat hij het heel wat beter zou hebben kunnen doen. Hij gaf als antwoord: "Ik heb de stem van mijn Meester gehoord!"

Omgaan met kritiek

Als predikanten moeten we vragen om zachtmoedigheid en wijsheid als men we bekritiseerd worden. Ik probeer allereerst te luisteren, al ga ik daar misschien soms te ver in. Anonieme brieven kunnen heel gemeen zijn en ze horen in de prullenbak, maar ik moet eerlijk zeggen dat ik ze toch altijd lees. Sommige mensen proberen je op de teerste plekken te kwetsen.

Toch moeten we eerlijke kritiek wel serieus nemen en ons niet boven alle kritiek verheven achten. Je moet er mee naar je Zender en kunnen zeggen: "Heere, Gij weet het!" Weinig mensen weten dat de punten van kritiek ook onderling onder de predikanten wel besproken worden en dat we er elkaar, bijvoorbeeld op predikantenconferenties, door zoeken op te scherpen.

Anderzijds ben ik dikwijls verdrietig, omdat ik weet dat felle critici geen zegen onder de prediking hebben. Zo heb ik het zelf ervaren in mijn kritische periode. Als er aanmerkingen gemaakt worden zoals op de prediking van Apollos, dan behoort een predikant het voor Gods aangezicht te overwegen en mag hij vragen om meer licht en meer oefeningen in het geestelijk leven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 oktober 2007

Daniel | 33 Pagina's

Omgaan met kritiek

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 oktober 2007

Daniel | 33 Pagina's