JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Het waarom van de gelijkenis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het waarom van de gelijkenis

4 minuten leestijd

Waarom spreekt Gij tot hen door gelijkenissen? (Mattheüs 13:10)

De Heere Jezus heeft de gelijkenis van het zaad besloten. Tevreden zijn de hoorders ieder zijns weegs gegaan. Dit konden zij begrijpen. Het was tenminste iets anders dan de moeilijke lessen van de schriftgeleerden, hoewel die ook door gelijkenissen spraken. Gaat het ons ook vaak niet zo? Het was een begrijpelijk schriftgedeelte, een mooie preek die we goed konden volgen. En zo sluiten we onze Bijbel of gaan we de kerk uit. Wat jammer! Nee, wat aangrijpend! Juist in het licht van deze gelijkenis.

We hebben in de voorgaande bijbelstudies de gelijkenis steeds met de uitleg van Jezus verweven. Maar is het je wel opgevallen dat deze twee in de Bijbel zo aangrijpend van elkaar gescheiden zijn? De uitleg heeft de schare niet gehoord, niet begeerd. Wilde de Heere hen die verborgenheden niet verklaren? Ongetwijfeld, hoe gewillig heeft Hij die aan de discipelen willen verklaren toen zij Hem erom vroegen. Leer er toch dit van dat ook wij de toepassing van het gehoorde niet kunnen missen. Keer er toch altijd mee in het verborgene tot de Heere terug en smeek Hem om het gehoorde in de beleving te mogen kennen. Gods kinderen hebben geen troost uit

de voorwerpelijke preek. Het moet toegepast worden. Alleen de bevindelijke praktijk door Gods Geest geeft hen er deel aan en troost van. Behoor je ook nog tot de schare die zo de kerk weer uitgaat? Zie toch hoe gewillig de Heere blijkt te zijn om het Zelf toe te passen. Wie Hem nederig valt te voet, zal van Hem Zijn wegen leren. Die leerschool van genade staat nog open. Nog aangrijpender is het gedeelte wat de gelijkenis en zijn uitleg aan elkaar

de gelijkenis en zijn uitleg aan elkaar verbindt. De Heere Jezus zegt dat zo de profetie van Jesaja wordt vervuld dat ze zullen horen zonder te verstaan. En dat het hart van de hoorders zo dik geworden is (Jesaja 6:9 en 10). Jezus zegt dat het hen niet gegeven is om de verborgenheden van het Koninkrijk der hemelen te verstaan. Zo is het evangelie bedekt voor hen die verloren gaan, zegt de kanttekening (2 Korinthe 4:3).

Wien niet heeft, van dien zal genomen worden ook wat hij heeft. Let wel: hiermee is de Heere niet tot de schare begonnen, maar dit is het ontzettende besluit. Zo voeren ze zelf Gods raad uit. Wat betekent dan: Wie niet heeft? Dat is het beginsel van het zaligmakend geloof. Jezus tekent hier de vreselijke staat van het ongeloof waarin we van nature allen verkeren. Door het schuldige ongeloof geef ik geen gehoor aan Gods Woord en maak ik de preek nutteloos. Dit lossen we niet op door ons erachter te verschuilen, ook niet door ons te bedriegen met een zelfaangenomen geloof, maar door ermee tot de Heere te vluchten en niet te rusten tot Hij door Zijn Geest ons dat geloof heeft geschonken. Anders zal ons ook ontnomen worden wat we nog hebben.

De Joden hadden de woorden Gods, de inzettingen, de profetieën en de verbondstekenen, maar de Heere heeft het hen alles ontnomen. Is God ook niet rechtvaardig bezig om zo Nederland deze dingen te ontnemen? Ons hart wordt dik, dat wil zeggen: lui en traag. Dat is de zonde van de verharding die de wereld niet kan begaan. En het gevolg? Dat ze zich niet bekeren, en Ik hen geneze. Waarom niet? Ze kenden hun nood en kwalen niet en daarom maakten ze zich Christus als Medicijnmeester onnut. Hij, Die juist gekomen was om de krankheden op Zich te nemen. Eén van de oudvaders zegt dat zo de gewillige verharding aan de richterlijke verharding vooraf gaat.

En de discipelen, en Gods kinderen dan? Zijn die beter? Hebben die geloof en liefde? Het eindigt voor hen in het wonder. Hoor maar: Het is u gegeven (vers 11). Zie je, ze hebben niets om zichzelf op te verheffen. Het is van God, uit genade, naar Zijn welbehagen (kanttekening 6). Nooit zullen Gods kinderen in iets anders kunnen roemen dan alleen in vrije gunst. Die ogen zijn zalig (vers 16). Ja, die dit zaligmakend geloof heeft, die zal gegeven worden. De Heere zal zelf Zijn werk in hun harten vermeerderen en hun geloof oefenen in de kennis van de Heere Jezus, zodat het meervoud zal voortbrengen. En hij zal overvloedig/ijk hebben, hij zal nooit tekort komen, noch in het leven noch in het sterven.

Vragen

1. Als er geen voorbereiding en nabetrachting op de preek is kan er ook geen vrucht zijn.

2. Is het niet opmerkelijk hoe vaak Jesaja 6:9 in de Bijbel wordt geciteerd. Wat heeft dat ons te zeggen?

3. Hoe weerspreekt de Heere Jezus hier onze woorden: Wij kunnen er niets aan doen?

4. Waarom was de toepassing alleen voor de discipelen? Welke troost lag daar voor hen in?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 mei 2007

Daniel | 30 Pagina's

Het waarom van de gelijkenis

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 mei 2007

Daniel | 30 Pagina's