Wordt alles in de preek gezegd?
In een brief van goede toon ging het over de prediking. Is er onder ons voor sommige zaken misschien niet te weinig aandacht? Er wordt terecht veel gesproken over de weg die de Heere houdt met Zijn kinderen. Maar komt de praktijk van het staan in dit leven vaak niet wat te weinig naar voren? En als het gaat over het leven der genade dan is er vaak vooral aandacht voor de weg der bekering en minder voor het leven en de omgang met de Heere.
In de prediking gaat het over het allerbelangrijkste voor tijd en eeuwigheid. We zijn er allen bij betrokken. Door middel van de prediking spreekt de Heere Zelf tot ons. Daarom mogen en moeten we ons maar niet kritisch opstellen; al helemaal niet doen alsof wij de prediking zouden mogen beoordelen. Integendeel, we moeten ons er onder zetten. Want met gezag klinkt het: Alzo zegt de Heere. De Heere wil door de dwaasheid der prediking werken. De brief met bovenvermelde vraagpunten is merkbaar vanuit dit besef geschreven. Voorzichtig en in bescheidenheid, maar zeer betrokken vraagt de wat oudere briefschrijfster.
Niet eenzijdig
In de prediking klinkt het Woord van de Heilige en Goedertieren God. Zijn boodschap komt tot zondige mensenkinderen die verkeren in een onheilige samenleving. Daarom zal de prediking de zonde aanwijzen, soms heel concreet. En deze afwijzen. De noodzaak en het goede van het leven naar de geboden des Heeren wordt voorgehouden. In de werkelijkheid van het leven van vandaag. In bijbelse taal. Bekeert u. Verlaat de slechtigheden en treedt in de weg des verstands. In het houden van de geboden des Heeren ligt grote loon. Dit is een belangrijk deel van de bijbelse boodschap. Maar de boodschap gaat verder. Onze kwaal wordt dieper aangewezen. Wij zijn God kwijt. We zijn zo verloren dat we vanuit onszelf nooit zullen weerkeren. Steeds worden we opgeroepen: Wendt u naar Mij toe. Maar het is zo erg dat niemand dit vanuit zichzelf werkelijk doet. Er moet een wondervan de Heilige Geest gebeuren. Wij moeten tot God bekeerd worden. De eis Gods moet klinken, met de nodiging en de waarschuwing. Ook moet de noodzaak der wedergeboorte geleerd worden. En verder gaat de boodschap. Gelukkig wel. Hetgeen nu bij de mensen onmogelijk is. is mogelijk bij de Heere vandaan. De Heere bekeert mensen door Woord en Geest naar Zijn welbehagen. Daartoe is de Heere Jezus gekomen en wordt Zijn Naam gepredikt.
In het Woord vinden we veel over hoe de Heere Zijn volk onderwijst en leidt. De kenmerken van het nieuwe leven mogen en moeten vanuit het Woord goede aandacht krijgen. Tot onderwijzing en bemoediging van degenen die door de Geest geleid worden. Ook tot zelfonderzoek en ter onderscheiding van wat wel uit de Geest is en wat dat niet is.
De Heere Jezus Zelf heeft steeds de twee wegen voorgehouden. Ook leerde Hij duidelijk dat niet ieder die meent op de goede weg te zijn, dat ook werkelijk is.
Terecht is er veel aandacht voor de weg die de Heere met Zijn volk houdt. Dat is ook nodig opdat door de toepassing van de Heilige Geest gelovigen nader onderwijs ontvangen, zodat ze verder geleid mogen worden.
Christocentrisch
Als we willen nadenken en schrijven over de prediking moesten we dat maar doen, vragend naar de leiding van de Heilige Geest. Prediker, maar ook de luisteraars hebben een grote verantwoordelijkheid. De mensen van Berea kunnen ons tot voorbeeld zijn. Die onderzochten dagelijks het Woord, of deze dingen alzo waren (Handelingen 17:11b).
Prediken, en luisteren, is teer werk; het is geestelijk werk. Het zal alleen kunnen door de leiding van de Heilige Geest. Daarom moge er maar veel gebed zijn bij de predikers en in de gemeenten. Zou dat niet een van de gebreken van onze tijd zijn dat wij allemaal te weinig ootmoedig vragen?
Paulus schrijft in 1 Korinthe 3:2 dat het gaat om Jezus Christus en Dien gekruisigd. Hij is het Centrum van de prediking. Wil dat echt zo zijn dan zal ook het werk van de Vader en de Heilige Geest er aan te pas komen. Want de Vader zal Zijn Zoon verheerlijken op de aarde en de Heilige Geest gekomen zijnde zal Mij (Christus) verheerlijken. Als de Vader en de Heilige Geest achterwege blijven, zal Christus niet verheerlijkt worden hoe rijk ook van Hem gesproken zou worden.
In de prediking gaat het over Christus. Gegeven door de Vader. Over Zijn arbeid tot verheerlijking van God en tot zaliging van Zijn kinderen. Het gaat over Zijn Persoon en over Zijn weldaden; over Zijn bekwaamheid en gewilligheid; over Zijn dierbaarheid en lieflijkheid; over Zijn noodzakelijkheid en gepastheid. Evenzeer gaat het over het werk van de Heilige Geest in de harten. Hij maakt plaats voor Christus en neemt het uit Hem om toe te passen. Dat persoonlijke kan niet gemist worden. En het gaat over het werk van God de Vader. Welk een wonder: ij zond Zijn Zoon. De oorsprong van alle heil is de verkiezende liefde van de Vader. En Johannes 6:37, 44 en 45 leert dat de Vader zondaren aan de Zoon geeft, hen leert en tot Christus trekt. Anders zou er niemand komen. Gods welbehagen gaat door Christus' hand voorspoedig voort. Zo komt de Heere aan Zijn eer en verloren zondaren aan de zaligheid.
Veel waarde
In de prediking zal er aandacht zijn voor de weg die de Heere houdt om de Zijnen te brengen tot de persoonlijke geloofskennis van Christus. Daar stopt het niet. Doorgaand onderwijs is nodig, opdat Hij gekend wordt in Zijn ambten, staten, namen en naturen. Als de Vernederde Die de schuld verzoende; ook als de Verhoogde Die bidt en leidt. Opwas in de genade en kennis van Christus is zo bijbels. Het is kruisigend voor onze godsdienstigheid wanneer we al armer en ellendiger gepreekt worden. Onszelf leren mishagen en verfoeien als een albederver en wegloper. Dan krijgt Christus zo uitmuntend veel waarde en wordt het zo'n wonder wanneer de Vader steeds weer tot Hem trekt en de Geest telkens weer Hem verheerlijkt. Doorgaande lessen over Christus zijn zo nodig; ook over de Vader met Zijn zorg en liefde, en de Heilige Geest in Zijn leiden, bijblijven en inwonen. Moge daarvoor ook in de prediking aandacht zijn. Vanuit het Woord. Door de stuwing van de Geest. Door de behoefte van de gemeente. Overigens zonder het beginnende te vergeten of over te slaan. Op het begin komt het immers juist aan.
En hoe zal Christus meer een gestalte krijgen in het leven van de Zijnen? Laat in de prediking de eer Gods dan maar benadrukt worden. Zouden Gods kinderen dan niet leren walgen van zichzelf omdat ze hun zondige aard hoe langer hoe meer leren kennen? Maar juist dan wordt Christus hen zo nodig tot heiligmaking. Afgebracht van alle verwachting van jezelf. Geoefend: Zonder Mij kunt ge niets doen. Niet ons verbeteren en ijveren, maar Zijn werk en bediening. Niet alles kan in een preek behandeld worden. Dat hoeft ook niet. Soms wordt dit besproken; dan dat meer uitgediept. Onze Catechismus en de indeling van het kerkelijke jaar zorgen vanzelf voor spreiding over verschillende aandachtsgebieden. Getrouwe Woordbediening let zeker op de kernzaken. Verder moeten wij als predikanten maar veel om de leiding en de werkingen van de Heilige Geest vragen. Bidt u en jij mee? Voor de predikers en voor uw en jouw eigen ziel.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 april 2007
Daniel | 36 Pagina's