Het vleesgeworden Woord
« KOCl O AO ƒ ij» r ; C IVat /s ëPnog voor nieuws te vertellen over de Heere Jezus, nadat de drie evangelisten hun beschrijving van het Evangelie hebben gegeven? Voor de evangelist Johannes is het niet zo moeilijk antwoord op deze vraag te geven. Zelfs nadat hij het vierde evangelie heeft geschreven, staat het voor hem vast dat als alles over de Heere Jezus opgeschreven zou worden, de wereld zelf de geschreven boeken niet zou kunnen beyatten. Zo groot en heerlijk is Hij...
Het vjqrde evangelie is geschreven door Johannes, de zoon Zebedeüs. Hij noemt zichzelf 'de discipel, dien Jezus liefhad'. De Heere Jezus heeft hem naast Petrus en Jakobus een bijzondere plaats in de kring van de discipelen gegeven. Hij wordt ook wel de apostel der liefde genoemd. Het Evangelie naar de beschrijving van Johannes begint in de stilte der eeuwigheid. Johannes predikt de Heere Jezus als de eeuwige en eniggeboren Zoon van God. De boodschap van het Evangelie is, dat de Zoon van God mens geworden is (Johannes 1: IA). De Heere Jezus was tegelijk waarachtig en eeuwig God en waarachtig en rechtvaardig mens. Door Hem heeft God de Vader Zich bekend gemaakt. Zijn discipelen hebben Zijn heerlijkheid aanschouwd, een heerlijkheid als des Eniggeborenen van de Vader. Het moment dat Johannes zelf voor het eerst de Heere Jezus leerde kennen, is voor hem onvergetelijk. Als hij vele tientallen jaren later zijn evangeliebeschrijving maakt, weet hij het zich nog te herinneren, dat dit was omtrent de tiende ure (vers 40).
Op een bijzondere manier heeft de Heere Jezus deze heerlijkheid van God de Vader geopenbaard in de wonderen, die Hij deed. Het wonder op de bruiloft in Kana, wordt door Johannes het beginsel der tekenen genoemd die de Heere Jezus gedaan heeft. Hierin was zichtbaar dat de wijze waarop God de Vader Zich in de oude bedeling heeft geopenbaard nu vervuld is in de rijkere openbaring die de Heere Jezus van Hem brengt in de nieuwe bedeling die is aangebroken. Johannes vertelt in totaal zeven wonderen die de Heere Jezus voor Zijn lijden en sterven gedaan heeft, die elk op hun manier de unieke openbaring van God de Vader in Zijn eniggeboren Zoon onderstrepen.
Naast deze zeven wonderen vinden we ook zeven bijzondere woorden van de Heere. Het zijn de zogenaamde 'Ik ben'woorden. Heel duidelijk bevatten deze woorden een zinspeling op de geschiedenis van het brandende braambos. De HEERE heeft toen tot Mozes gesproken: K ZAL ZIJN DIE IK ZIJN ZAL (Exodus 3:14).
De Heere Jezus heeft in het bijzonder de heerlijkheid van God de Vader geopenbaard in Zijn kruislijden. Het is opmerkelijk dat in onderscheiding van de andere evangeliën het lijden van de Heere Jezus aan het kruis als 'verhoging' en als 'verheerlijking' wordt omschreven. Juist daar waar de Heere Jezus voor de Zijnen voldeed aan het recht van de Vader, schittert voor het oog van het geloof in Hem als lijdende en gekruisigde Borg het meest de genade en de waarheid van de Vader. Johannes omschrijft het doel van zijn evangelie als volgt: aar deze zijn geschreven, opdat gij gelooft, Jezus is de Christus, de Zone Gods, en opdat gij dat gelovende het leven hebt in Zijn Naam (Johannes 20:31). In Hem als de gekruisigde en opgestane Heere Jezus ligt het leven en de zaligheid voor een arm en verloren volk. Door het werk van de Trooster, Die Hij gezonden heeft, wordt Hij hun Alles. Wanneer dat levendig is in hun hart dan zingen ze het met de Bruidskerk: Mijn hart, vervuld met heilbespiegelingen, zal 't schoonste lied van enen Koning zingen, terwijl de Geest mijn gladde tonge drijft, is z'als de pen van een, die vaardig schrijft' (Psalm 45:1, berijmd).
Informatie
Schrijver: Johannes, de zoon van Zebedeüs; de broer van Jakobus. Hij is ook de schrijver van de drie brieven van Johannes en het boek Openbaring.
Tijd: Tussen 90 en 100 n. Chr.
Adres: Waarschijnlijk de gemeenten in Klein-Azië, o.a. Efeze.
Thema: Jezus als het vleesgeworden Woord.
Inhoud
1:1-18 Inleiding
1:19-4:54 Het begin van Jezus' openbare optreden 5:1-12:50 Het openbare optreden van de Heere en de
opkomende vijandschap 1 3:1 - 17:26 De voetwassing; de afscheidsrede; het hoge-
priesterlijk gebed
18:1 - 21:25 Kruisiging en opstanding Kerntekst Johannes 3:16
Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe.
Leeswijzer
De discipel, dien Jezus liefhad:13:23, 19:26; 20:2; 21:7, 20 Zeven wonderen:2:1-11; 4:46-54; 5:1-16; 6:1-14; 6:16-21; 9:1-41; 11:1-46
De Ik-ben woorden; 6:35, 48, 51; 8:12, 9:5; 10:7, 9:10:11, 14; 11:25; 14:6; 15:1, 5
Reizen naar Jeruzalem:2:13, 5:1, 7:10, 12:12
Het Paasfeest:2:13; 5:1; 6:4; 11:55; 12:12 (Loofhuttenfeest, 7:2, 10; het feest van de vernieuwing des tempel, 10:22)
Verhogen/verheerlijken:3:14, 8:28, 12:32-33/2:1 1; 11:40; 17:4
Woorden van de Heere Jezus:3:1-21; 4:1-42; 5:14-17; 6:22-58; 8:30-59; 10:1-21; 14-16 Het hogepriesterlijk gebed:17
Verwijzing naar het Oude Testament
Het Evangelie naar Johannes bevat duidelijke verwijzingen naar het Oude Testament. Het meest opvallend is zijn de zogenaamde 'Ik ben'-woorden die verwijzen naar de openbaring van de HEERE in het brandend braambos, Exodus 3:1 4. Daarnaast ook andere formuleringen met 'Ik ben', 4:26, 8:24, 28 en 58; 13:19; 18:5, 6 en 8.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 maart 2007
Daniel | 33 Pagina's