Straf èn vergeving!
Straf... Wie heeft er nog nooit straf gehad? Wie heeft er nooit verkeerd gedaan?
Niemand! zegt David. De Heere heeft uit de hemel neergezien op de aarde of er iemand verstandig was. Of er iemand was die God zocht. Maar: Er is niemand, die goed doet, ook niet één. Wat erg is dat!
Want daarvoor heeft de Heere ons gemaakt! Dat we goed zouden doen: de Heere liefhebben boven alles en andere mensen als onszelf!
David zelf weet wat zonde is. Heel erge dingen heeft David gedaan. Kan dat zo maar doorgaan? Nee, de Heere stuurt een profeet naar David toe. David hoort dat hij gestraft zal worden.
Jaap en Ralph vertellen eerlijk dat ze ook verkeerde dingen doen. Je zusje plagen of een ruitje inslaan. Kan dat zo maar doorgaan?
Nee, zegt de moeder van Jaap, als jij je kleine zus plaagt, ga je voor straf afdrogen! Nee, zegt de vader van Ralph, als jij een ruitje inslaat, ga je voor straf naar je kamer!
Niemand doet goed. ledereen doet verkeerd. Er is een scheiding gekomen tussen God en ons. Tussen de Heere Die goed is en wij die slecht zijn. Kan dat zo maar doorgaan? Nee. De straf op de zonde is dat wij moeten sterven. Zonder de Heere God. Die straf hebben wij allemaal verdiend, in het paradijs. Nooit zou iets meer helemaal goed, helemaal volmaakt zijn.
Maar kijk nu eens! Wat schrijft Johannes in de Bijbel op? Indien wij onze zonden belijden, Hij ons de zonden vergeve, en ons reinige van alle ongerechtigheid.
Berouw! Echte spijt. Dat heb je, als je die verkeerde dingen niet nog eens wilt doen. Als je de Heere alles vertelt over je zonden en eerbiedig om vergeving vraagt. Dat ziet en hoort de Heere! Dan wil de Heere je zonden vergeven. Dan krijg je genade. De straf die je verdient, neemt Hij van je weg. Dat kan Hij alleen! Want die straf is al gedragen. Op Golgotha door Jezus Christus, Gods eigen Zoon.
Toen de straf van Jaap en Ralph over was, waren hun vader en moeder niet boos meer. Je vader en moeder houden veel teveel van je om lang boos te blijven. Meer, veel meer liefde nog heeft de Heere God voor zondige mensen. Zo lief heeft Hij hen, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder die in Hem gelooft niet verderven zal, maar het eeuwige leven zal hebben.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 februari 2007
Daniel | 32 Pagina's