JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

"Jullie zijn de enigen die ons groeten"

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

"Jullie zijn de enigen die ons groeten"

6 minuten leestijd

Rotterdam: bijna 600.000 inwoners, een stad van talrijke nationaliteiten, rasechte Rotterdammers, yuppen, drugsdealers, junks en studenten. In 1970 verhuisde meneer Aschman vanuit Barneveld naar hartje Rotterdam. Mevrouw Aschman - toen nog: Peene - volgde haar toekomstige echtgenoot in 1973 vanuit Amersfoort.

Er waren bloeiende Gereformeerde Gemeenten in Rotterdam. Alleen Rotterdam-Centrum telde al ruim 2000 leden. Vaak was het zo vol in de kerk dat ze op klapstoeltjes of uitschuifbankjes moesten zitten. Als er 'gasten' in de kerk kwamen, schoof men gerust wat in en werd er gewenkt dat er een plekje voor hen was. Op dit moment zijn er plaatsen in overvloed; slechts 220 gemeenteleden zijn over gebleven.

"Wij hebben als het ware een tegenbeweging gemaakt, " vertelt meneer Aschman. "Terwijl de grote volksverhuizing uit de stad begon, trokken wij juist de stad in". Tijdens vakanties bij zijn tante die in Rotterdam woonde, raakte hij onder de indruk van de verhalen die hij hoorde van mensen die door de Heere, soms midden uit de wereld, waren getrokken en open met anderen over hun geestelijk leven spraken.

Tijdens een vakantie in Spanje ontmoette hij mensen, die hem later vroegen om in hun meubelzaak in Rotterdam te komen werken. Hij ervaart dat de Heere zijn weg naar Rotterdam heeft geleid. Ook zijn vrouw, die hij heeft ontmoet bij de Evangelisatiegroep van Merksem, kreeg een baan als verpleegkundige in een Rotterdams ziekenhuis.

Voor mevrouw Aschman was de grote stad wel even wennen: "Eerst vond ik het bedreigend, al dat vreemde, dat drukke." Maar al snel merkte ze dat je zo de stad uit bent. Bovendien heeft Rotterdam veel parken, waar ze later met de vijf kinderen, die ze in hun huwelijk kregen, vaak gewandeld heeft.

Terroristen

Ongeveer een jaar na hun huwelijk, verhuisde de familie Aschman naar de Noordsingel, een statige singel in het hart van Rotterdam. Boven en rondom hen woonden verschillende studenten en een grote diversiteit aan nationaliteiten; Turken, Antillianen, Eritreërs, Marokkanen, Surinamers en Vietnamezen. Contacten met deze mensen ontstonden heel spontaan. Zo was de buurvrouw een Eritrese asielzoeker wier man spoorloos verdwenen bleek. Ze nodigde mevrouw Aschman uit om een keer koffie te komen drinken. Het bakkie bleek een volledige maaltijd te zijn en het contact was gelegd. Mevrouw Aschman hielp haar bij het vinden van de juiste instanties. Hierdoor kon zij op haar beurt haar landgenoten helpen bij het vinden van hun weg in het voor hen onbekende Nederland. Op een middag vroeg ze waarom de kinderen zo netjes waren gekleed. Toen ze hoorde dat dit vanwege de dankdag was, reageerde ze resoluut: "Ik ga ook mee". Ze gaf een stuk papier waarop de familie Aschman moest schrijven waarover de preek ging, want haar Nederlands was nog erg gebrekkig. Ondanks alle taal-en cultuurbarrières, ontstond er een band. Aan meneer Aschman vroeg ze om een vader te zijn voor haar kinderen om hen het verschil te leren tussen goed en kwaad.

Deze en andere contacten hebben de familie Aschman gevormd. Ze hebben het afgeleerd om in stigma's te denken. Buitenlanders zijn niet 'lui en vies' en niet alle moslims zijn 'terroristen'. Als er wel eens een zwerver aan de singel zat, nam meneer Aschman één van zijn kinderen mee naar buiten om hem eten en een pak drinken te geven. Hij hield hen voor: "Het zijn allemaal mensen zoals wij." Verder geldt: "Wij zien aan wat voor ogen is, maar de Heere ziet het hart aan".

Overval

"De stad is echt niet alleen maar kommer en kwel, maar ook niet altijd een oase." Zo merkte de familie op een gegeven moment dat er een heroïnedealer boven hen

woonde. Als vader Aschman 's zomers buiten uit de Bijbel las en eindigde, riepen de junks vanaf het balkon erboven hardop met elkaar "Amen". Hun aanwezigheid was heel bedreigend, vooral omdat hun gezin op dat moment uit kleine kinderen bestond. In samenwerking mee de wijkagent werd er een actie op touwgezet om de drugsbende te ontmantelen. Op het moment van de overval - het was 's nachts en doodstil-hoorden ze de politie aan elkaar vragen: "Wie heeft ons eigenlijk getipt? " Waarop een ander antwoordde: "De onderburen". Dat was een spannend moment. Stel dat de overval zou mislukken! De man werd echter opgepakt en vastgezet.

Meneer Aschman bezocht hem in de gevangenis en gaf hem een Bijbel. Maanden later ontving hij een brief waarin de man schreef dat hij dit bezoek erg gewaardeerd had. Ongeveer anderhalf jaar geleden verhuisde de familie Aschman naar de overkant van de singel. Hier, slechts enkele tientallen meters van hun oude woning, woont een heel ander soort publiek. Voornamelijk tweeverdieners met goede banen, die opgaan in hun werk en de anonimiteit van de stad. ledereen leidt zijn eigen leven. Toch is er ook bij hen soms ruimte voor een gesprek. Tijdens een kraambezoek bij één van hun buren vertelde de buurvrouw dat de thema's 'offers' en 'verzoening' haar tijdens een vakantie in Turkije erg intrigeerden. Dit vormde een aanknopingspunt om te spreken over het offer van Christus. Deze buurvrouw - een ontwikkelde vrouw - bleek hier nooit over gehoord te hebben. Haar ouders hadden haar bewust 'vrij van religie' opgevoed.

Hoe kunnen jongeren contact maken met onkerkelijke mensen?

"Niet alles hoeft georganiseerd te worden in commissies. Leef met een open houding naar de mensen om je heen en doe wat je hand vindt om te doen. Boven alles geldt dat het gebed van belang is. Ik heb christenen gekend die op zaterdagmiddag kinderen uit de buurt in huis haalden. Ze kregen limonade en een snoepje en er werd een verhaal uit de kinderbijbel voorgelezen."

Contacten met buurtbewoners ontstaan vaak spontaan en er ligt meestal geen vooropgezet plan aan ten grondslag. Zo werd de familie Aschman ooit uitgenodigd op de verjaardag van een Antilliaan. Zijn motivatie voor zijn uitnodiging was: 'Jullie zijn de enigen uit de buurt die ons groeten'. Hieruit blijkt dat kleine dingen waardevol zijn! Waarbij er wel voortdurend gebed nodig is om te vragen of de Heere ons wil bewaren om zelf niet op te gaan in de wereld van de mensen voor wie je open wilt staan."

Wat doet het met u dat er bijna geen christenen meer wonen in Rotterdam?

"Als je er bij nadenkt, woont er op den duur per straat misschien niet eens één christen. De Bijbel spreekt over een 'klein kuddeke', maar het zal door de eeuwen heen en wereldwijd een schare zijn die niemand tellen kan. Luther heeft eens gezegd dat wanneer de regen van het evangelie verdwijnt, deze niet meer terugkomt. Toch kunnen we de stad niet verlaten, zolang de Heere met Zijn Woord blijft en hier wil werken.

We lezen in Gods Woord: ewelke zijn de zeven geesten Gods, zie uitgezonden zijn in alle landen (Openbaring 5:6b). Voor de Heere is niets te wonderlijk. Hij geeft oplossingen die soms zo verassend eenvoudig zijn. Wij hopen dat er weer mensen in de stad willen komen wonen die de nood beseffen van al die mensen zonder God. Hij wil mensen gebruiken met al hun gebreken en beperkingen. Als de Heere je dat laat zien, stel je jezelf ook niet boven andere mensen. Dan blijft er alleen een genadige, barmhartige God over die met zondige mensen van doen wil hebben."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 november 2006

Daniel | 32 Pagina's

"Jullie zijn de enigen die ons groeten"

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 november 2006

Daniel | 32 Pagina's