Herinneringen aan een voorganger
Mijn eerste herinneringen aan dominee A. Vergunst dateren van het begin van de jaren zestig in de vorige eeuw. Hij staat mij voor de geest als een lange, markante man met een grote zeggingskracht. Lang niet alles begreep ik van wat hij zei, op de zendingsdagen die ik met mijn ouders bezocht en tijdens de kerkdiensten in Rotterdam-Zuid, waar hij soms kwam preken.
Het zal rond het jaar 1964 zijn geweest, een Tweede Paasdag. Zelf kon ik die ochtend niet naar de kerk. Daar kwam mijn vader thuis. Een man die de Heere mocht vrezen, maar 'met het licht op de rug', zoals men dat wel uitdrukte. Hij durfde het zichzelf niet zomaar toe te eigenen. Nooit zal ik vergeten hoe ik hem voor het eerst toch zag gaan naar het Heilig Avondmaal. Op die paasochtend kwam hij thuis. Er lag iets op zijn gelaat wat ik niet goed kon verklaren. Rust, vrede, verwondering? Van alles iets. Ds. Vergunst had gepreekt over de verschijning van de opgestane Christus aan Petrus. En is van Cefas gezien... Het betekende in het leven van mijn vader een doorbraak. Ook nu begreep ik lang niet alles, als jongen van een jaar of zeventien. Maar het gaf wel verbinding aan de prediker die voor mijn vader werd gebruikt.
Weerklank
Dan twee persoonlijke herinneringen. Een preek, weer in Rotterdam-Zuid, over de bekering van Manasse. De prediker was bewogen tot in het diepst van zijn ziel. Juist toen het ging over die woorden: En als Hij hem benauwde, bad hij het aangezicht des HEEREN Zijns Gods ernstiglijk aan... De wijze waarop toen gesproken werd over het schuldenaar voor God worden en het verliezen van alle rechten in onze rampzaligheid, vond diepe weerklank in mijn hart. Toen, later, een andere preek. Daar zat die avond een rijk geworden jongeling in de kerk, vroom tot in zijn botten, met een ijver om God te dienen, kritisch naar de prediking toe, waarvan ik meende dat er dit en dat en nog heel veel anders aan mankeerde... Toen sprak ds. Vergunst over de woorden uit Mattheüs 5: Want Ik zeg u: Tenzij uw gerechtigheid overvloediger zij dan der schriftgeleerden en der farizeeën,
dat gij in het Koninkrijk der hemelen geenszins zult ingaan. Daar ging die jonge man ondersteboven met heel zijn hebben en houden... Het zijn juist de preken van ds. Vergunst geweest die een band hebben gelegd, ook jaren later weer, tijdens al die bidstonden voor de Particuliere en Generale Synoden.
Op school
De Theologische School... Daar werd ds. Vergunst mijn docent, twee jaar lang. Altijd had ik persoonlijk les van hem. Hij was een mens die je wel eerst moest leren kennen. Een voorbeeld? Hij bood mij eens een huwelijksreis aan. Het was in de zomer van 1972, een paar weken nadat ik was aangenomen en rond onze bruiloftsdag. "Ga je nog op huwelijksreis? " "Nee, dominee, daar hebben we geen geld voor. Alles gaat zo'n beetje op aan de trouwdag..." "Dan krijgen jullie van mij een huwelijksreis cadeau!" "Maar ik..." "Stil maar. Je hoeft alleen maar ja of nee te zeggen. Wil je het, of wil je het niet? " Wat zeg je dan in zulke omstandigheden? Ik hakkelde wat en zei ja. "Afgesproken. Jij mag met je vrouw naar Engeland. Maar er gaan er wel veertig mee..." Het bleek om een Zomerkamp te gaan, dat ds. Vergunst zou leiden, maar waar hij, toen het zover was, eigenlijk geen tijd voor had. We moesten wel even slikken. Maar het is toch een mooie reis geworden.
Tijdens de lessen op school raakte ik onder de indruk van zijn grote werkkracht en belezenheid. Hij was soms tijdens de les met drie dingen tegelijk bezig. Hij voerde eens een telefoongesprek terwijl hij een brief zat te schrijven en zag intussen kans mij te overhoren. Ds. Vergunst had een wat onstuimige aard. Hij kon je heel krachtig op je nummer zetten. Ik zal hier maar niet neerschrijven wat hij over mijn eerste preekoefening op de school opmerkte. Maar de volgende dag was hij dan heel hartelijk en liefdevol. Kon hij in zijn persoonlijk leven soms echt een gevoelsmens zijn, in de prediking maakte zijn evenwichtigheid steeds indruk op me. Een uitspraak tijdens een les die hem typeerde: "Geloof jij ook dat er onder ons veel dode lijdelijkheid is? " "Ja dominee..." "Juist. Maar vergeet nooit dat er evenveel dode dadelijkheid is. Het is allebei even dood!" Hij doelde op een activisme dat vanuit de mens opkomt.
De koers uitgezet
Samenbindend bezig zijn, dat was zijn wens. Hij kon lijden aan spanningen in het kerkverband dat hem lief was. De Heere heeft onze gemeenten veel in hem geschonken. Toen ik op de Theologische School zijn opvolger werd, drukte dat besef zwaar op me. Het zij ons gegeven bij de koers te blijven die door hem en door anderen voor en na hem werd uitgezet. Een koers die bepaald werd door het werk van de drie-enige God in het zaligen van zondaren. De verkiezing van de Vader, de borgtocht van de Zoon en het toepassende werk van de Heilige Geest. Dat was kenmerkend voor het denken en voor de prediking van wijlen ds. A. Vergunst.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 november 2006
Daniel | 36 Pagina's