De begeerte om het Woord te horen
En tot Hem vergaderden vele scharen, zodat Hij in een schip ging en nederzat, en al de schare stond op den oever (Mattheüs 1 3:2)
Een groot deel van de omwandeling van de Heere Jezus heeft in Galiléa plaats gehad. Hier scheen veel meer plaats voor Zijn prediking, tekenen en wonderen te zijn als in Judea, waar voortdurend de botsing met de Joden was. Was er in Jeruzalem een afkeer en een tegenstand tegen Zijn persoon en optreden, in Galiléa stroomden de mensen toe. Dat is niet zo moeilijk te begrijpen, wanneer we bedenken dat de Heere Jezus juist door middel van eenvoudige gelijkenissen tot het gewone volk sprak. Zo ook in deze geschiedenis waarin de Heere de gelijkenis van de zaaier uitspreekt en deze Zelf verklaart. Hoewel we daarbij niet over het hoofd moeten zien dat Hij de uitleg van de gelijkenis niet aan de schare geeft, maar aan de discipelen die Hem om de uitleg vragen. Zo is de Heere Jezus bij de zee gekomen waar Hij zo vaak heeft verkeerd (Mattheüs 13:1). Alle drie de evangelisten wijzen erop dat het een grote schare is die uitloopt (Markus 4:1 en Lukas 8:4 en 5). Er is honger om het Woord te horen. Wat een moeite deden deze mensen ervoor om onder Jezus prediking te zijn. Vraag je maar eens af of je ook zoveel belang stelt in het Woord van God. Zet je ook alles opzij om dat Woord te horen en te onderzoeken? Zou je er ook uren voor willen lopen, zoals deze mensen in Galiléa? Sta eens stil bij het grote voorrecht dat ons het Woord en de prediking is gegeven. Zou God ook aan ons net als aan zovele mensen niet voorbij kunnen gaan? Iedere keer als we onze plaats onder het Woord leeg laten, had het gebruikt kunnen worden. De Catechismus leert ons dat we 'naarstig' - dat is: oveel als mogelijk is - naar de gemeente van God moeten komen om Zijn Woord te horen. Is het je wel eens opgevallen dat de Catechismus niet spreekt over hen die het Woord brengen, maar over het Woord dat gebracht wordt? Oprechte honger naar dat Woord loopt niet achter deze aan en voor die weg. Dan gaat het niet over gaven of talenten van de spreker of lezer. Dan gaat het over het gehoorde en de toepassing daarvan door Gods Geest. Kritiek is één van de machtigste wapens van satan om het gehoorde Woord nutteloos te maken. Jezus zat bij de zee. Het was in die dagen gebruikelijk dat een leraar zat en de leerlingen stonden. Vol verwachting ziet de schare uit naar hetgeen de Heere te zeggen heeft. Hij sprak tot hen vele dingen door gelijkenissen. Hij sprak, nooit heeft iemand op aarde zo gesproken als Hij. Hij was de grote door God Zelf gezonden Leraar ter gerechtigheid. Moet ons dit niet verwonderen? Adam in het Paradijs had deze Profeet niet nodig. Geschapen met het beeld van God was de mens in de staat der rechtheid zelf met volmaakte kennis bedeeld. Hij had geen Middelaar en Verlosser nodig. Dus deze prediking van de Heere Jezus leert ons onze val en onze onwetendheid daardoor. Hoe nodig is het toch dat de Heilige Geest ons aan deze onkunde ontdekt en de onmisbaarheid van dit hemels onderwijs leert. Wat een wonder wordt het dan dat de Heere ons niet in die staat van onwetendheid wil laten, maar Zelf deze uitnemende Leraar gezonden heeft Die als machthebbende leert.
Dit onderwijs geeft Hij nog. Niet meer persoonlijk op aarde, maar door hen die Hij tot ons zendt om dat Woord te preken, want het geloof is uit het gehoor en het gehoor door het Woord Gods.
Hij leerde. Wie heeft er eenvoudiger, liefdevoller en zuiverder geleerd dan Jezus Zelf? En daarbij, Hij deed dat door gelijkenissen. Zo eenvoudig dat het kleinste kind het kon begrijpen. Wat zijn gelijkenissen? Dat zijn gewone voorbeelden uit het alledaagse leven waardoor geestelijke zaken worden afgebeeld en geleerd. Zo laag wil de Heere in Zijn onderwijs ook voor ons afdalen. In een gelijkenis gaat het om een of enkele punten van vergelijk. Alles kan en mag dus niet in het geestelijk leven worden overgebracht. Wanneer we dat doen, dan vergeestelijken we de gelijkenis. We noemen dat 'allegoriseren'. Een uitzondering daarop is als Gods Woord zelf alle elementen uit de gelijkenis een geestelijke toepassing geeft. We hopen nog te zien dat de Heere Jezus dit Zelf in de gelijkenis van de zaaier ook doet.
Vragen
1. Wat wil het zeggen dat we niet alleen geoordeeld zullen worden uit wat we gehoord hebben, maar ook uit wat we hadden kunnen horen of lezen?
2. Wat mag het jou kosten om het Woord te horen, bijvoorbeeld door de week?
3. Zouden we onder de preek van de Heere Jezus Zelf eerder bekeerd worden? 4. Wat leert ons de motivering van de schare om het Woord te horen?
Wiet ingang van dit nummer start een nieuwe serie bijbelstudies over de gelijkenis van de zaaier, verzorgt door ds. Van Dieren.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 september 2006
Daniel | 36 Pagina's