Kritisch over de Ger. Gem.
"Ligt bij ons niet teveel nadruk op de ellende? Er is zo weinig blijheid, " schrijft een meisje in een brief. "Het is ook niet altijd makkelijk voor onze jongeren. Van allerlei kanten horen ze vaak kritiek op de GerGem. Van mensen van buiten en van ook wel van binnen uit. Over de prediking die voorwaardelijk genoemd wordt en niet appellerend genoeg zou zijn. Op de leer. Sommigen beweren dat bij ons geleerd wordt dat je zonder de Heere Jezus bekeerd kunt zijn of dat je wedergeboren wordt door de wet, " zo zei iemand die veel omgaat met jongeren onlangs in een gesprek.
Kritiek op de prediking en de leer van de Gereformeerde Gemeenten; daarvan horen ook jongeren. Dat maakt het niet altijd makkelijk. Intussen blijft het opdracht eerlijk te blijven luisteren naar de boodschap die ons vanuit Gods Woord wordt gebracht. Niet omdat de Gereformeerde Gemeenten zo belangrijk zijn. Of dat wij het in de Gereformeerde Gemeenten altijd goed verwoorden of de enigen zijn die het goed zien. Zo kerkistisch en hoogmoedig moeten we maar helemaal niet zijn. Verre vandaar. Er is helaas maar al teveel tekort en gebrek onder ons.
Maar waar het wel om gaat, is eerlijk de boodschap van Gods Woord te verstaan. Daarbij hebben jongeren leiding nodig. Jongeren die door 's Heeren voorzienigheid op de erve van Zijn verbond zijn gebracht binnen onze de kring van onze gemeenten. Ook mogen we ervaren dat de Heere nog onder ons wil werken en wonen. We geloven te mogen zeggen, dat een deel van 's Heeren kerk in Nederland in de Gereformeerde Gemeenten tot openbaring komt. In de weergegeven vragen gaat het over enkele kernzaken. Het lijkt mij goed die toe te lichten door enkele personen aan het woord te laten die voor ons gezag hebben.
Prediking nodigt allen
Is er niet te weinig blijheid? Laten we eens letten op de Heere Jezus. Hij deed vele wonderen. Daardoor werd God geloofd. En hoe was Zijn prediking? Vooral heel ernstig. Steeds hield hij de twee wegen voor. Juist Hij sprak vaak over hel en oordeel. Ernstig waarschuwde Hij ervoor dat men zich zou kunnen vergissen en menen naar de hemel te gaan terwijl bij het oordeel zal blijken dat het niet zo is.
Ds. G.H. Kersten schrijft in een meditatie: "Het leven is ernstig. Tussen
God en ons is het van nature niet goed. Daarop gaat de prediking in. Maar dan is er toch de blijde boodschap van het evangelie? Inderdaad. Predik, zo heeft de Heere Jezus bevolen, het Evangelie alle creaturen. En die prediking is de nodiging tot de zaligheid van Hem Die zegt: Zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE, zo Ik lust heb in de dood van de goddeloze. Maar daarin heb Ik lust dat de goddeloze zich bekere en leve. Bekeert u, bekeert u van uw boze wegen want waarom zoudt gij sterven, o huis Israël? [...] Of gaat de nodiging des Heeren niet uit tot allen die Zijn Woord horen? Wie is slecht, hij kere zich herwaarts en tot de verstandeloze zegt zij: Komt eet van Mijn brood en drink van de wijn die Ik gemengd heb; verlaat de slechtigheden en leeft en treedt in de weg des verstands. [...] De tijd om de Heere te zoeken wordt een iegelijk mens gegeven. Zie, nu is het de welaangename tijd, nu is het de dag der zaligheid. Een tijd om de Heere te zoeken, ook voor hen die tot de zaligheid niet komen zullen" (uit: Ziet uw Koning zal komen, 4 juli).
De nodiging komt tot allen; voor ieder is er nu de zoekenstijd. Maar daarbij moeten we steeds bedenken dat er tweeërlei uitkomst is. Er zijn er velen die genodigd worden, maar tot de zaligheid niet komen zullen.
De nodigingen zullen hun oordeel verzwaren. Dat zal ontzettend zijn. Gelukkig is er ook een andere kant. De Heere wil in de weg van de prediking door Zijn Geest mensen bekeren. Ook jongeren en ook vandaag. Zo heeft Zijn welbehagen voortgang.
God en ons is het van nature niet goed. Daarop gaat de prediking in. Maar dan is er toch de blijde boodschap van het evangelie? Inderdaad. Predik, zo heeft de Heere Jezus bevolen, het Evangelie alle creaturen. En die prediking is de nodiging tot de zaligheid van Hem Die zegt: Zo waarachtig als Ik leef, spreekt de Heere HEERE, zo Ik lust heb in de dood van de goddeloze. Maar daarin heb Ik lust dat de goddeloze zich bekere en leve. Bekeert u, bekeert u van uw boze wegen want waarom zoudt gij sterven, o huis Israël? [...] Of gaat de nodiging des Heeren niet uit tot allen die Zijn Woord horen? Wie is slecht, hij kere zich herwaarts en tot de verstandeloze zegt zij: Komt eet van Mijn brood en drink van de wijn die Ik gemengd heb; verlaat de slechtigheden en leeft en treedt in de weg des verstands. [...] De tijd om de Heere te zoeken wordt een iegelijk mens gegeven. Zie, nu is het de welaangename tijd, nu is het de dag der zaligheid. Een tijd om de Heere te zoeken, ook voor hen die tot de zaligheid niet komen zullen" (uit: Ziet uw Koning zal komen, 4 juli).
De nodiging komt tot allen; voor ieder is er nu de zoekenstijd. Maar daarbij moeten we steeds bedenken dat er tweeërlei uitkomst is. Er zijn er velen die genodigd worden, maar tot de zaligheid niet komen zullen.
De nodigingen zullen hun oordeel verzwaren. Dat zal ontzettend zijn. Gelukkig is er ook een andere kant. De Heere wil in de weg van de prediking door Zijn Geest mensen bekeren. Ook jongeren en ook vandaag. Zo heeft Zijn welbehagen voortgang.
Persoonlijke toepassing nodig
Maar hoe krijgt dat Woord nu plaats in ons hart? Daar gaat het om. Dat is zo'n belangrijke zaak. Daaraan wordt in de prediking onder ons dan ook grote aandacht gegeven. De Heere Jezus deed dat ook. We moeten persoonlijk tot God bekeerd worden. Het begin van het nieuwe leven is als we de Heilige Geest ontvangen, Die de geestelijk dode zondaar levend maakt. Dan worden we van Adam afgesneden en Christus ingelijfd. We noemen dat ook wel de wedergeboorte. Wat gaat er dan gebeuren? Laten wij eens luisteren naar wat Calvijn schrijft bij Handelingen 2:37 en 38. "Dit is het begin van de ware vroomheid, droefheid te hebben over onze zonden en door een bewustzijn van onze overtredingen doorwond te worden. Deze boetedoening die in ons begint, wanneer wij tot God bekeerd worden, moeten wij het gehele leven door voortzetten. [...] hoewel er velen zijn die zich de naam van gelovigen toe-eigenen die nooit waarlijk een beginsel van bekering gehad hebben."
En bij Mattheüs 11:28 en 29 merkt Calvijn op: Hoewel deze aan de gemeenschap met Christus zo noodzakelijke voorbereiding de mens geheel en al verbrijzelt, moeten we haar nochtans als een genadegave van de Heilige Geest aanmerken; want zij is een beginsel van bekering, dat niemand zich door eigen kracht geven kan."
Zo wordt de wedergeborene voorbereid en gebracht tot de kennis van Christus. De geloofskennis der ellende gaat niet aan de wedergeboorte vooraf, maar volgt erop. Wel gaat ellendekennis vooraf aan de geloofskennis van Christus als de
Zaligmaker. Deze ellendekennis is niet een voorwaarde die de mens uit zichzelf moet of zou kunnen voortbrengen. Het is genadewerk van de Heilige Geest, zegt Calvijn. Op die wijze werkt de Heere.
We moeten er ook opletten dat de wedergeboorte niet is uit de wet, maar uit het Evangelie. "De Wet moet gepredikt worden, die Wet is noodzakelijk. Maar de Wet leert ons nooit Christus kennen. De Wet is wel de tuchtmeester tot Christus, maar geen kenbron van Christus. Die Wet Gods eist, die vervloekt degene die niet in haar wegen gaat. De Wet Gods heeft een verdoemende, een dodende kracht. Het Evangelie belooft het leven door de gerechtigheid van Christus. De Wet is zonder het Evangelie een 'bediening des doods': zij kan niemand levend maken. Het Evangelie maakt door de werking van de Heilige Geest levend en is een kracht Gods tot zaligheid, " aldus ds. A. Moerkerken in Ons Troostboek, pagina 92.
Echte blijdschap
Maar zijn wij niet te somber? Het leven met de Heere is toch een goede gave van de goede God? Dat is het zeker. We mogen en willen de dienst des Heeren van harte aanbevelen. Wel moeten we eerlijk onder ogen zien dat niet allerlei blijdschap die met godsdienst gemengd wordt de echte blijdschap is. Evenmin als alle verdriet echt verdriet over de zonde is. Over wat echte blijdschap is, schrijft ds. J. van Haaren leerzame dingen in een meditatie (De vreugde uws heils): "De teleurstellingen van het leven zijn vele. En toch hoe groot de smart ook is, de ware droefheid is zo anders. Die is ook geen vrucht van onze akker. Ze wordt door de Heilige Geest gewerkt. Hij opent het oog niet slechts voor de gevolgen der zonde, maar voor de zonde zelf. Hij doet zien dat ze Gods wet geschonden hebben en daardoor Gods ongenoegen opgewekt. Hoe diep schuldig komen ze voor God te staan. En daar wordt nu het echte treuren geboren [...] En dit is eigenlijk de kern van hun verdriet; dat ze God moeten missen en Hem niet kunnen missen. Dat doet hen zuchten: wee mijner dat ik zo gezondigd heb. [...] In die droefheid naar God ligt meer blijdschap dan in de meest uitbundige vreugde van de wereld. Want nee, wij behoeven die treurenden niet te beklagen. Zij zouden die droefheid voor geen goud willen missen. Toch is het niet zo dat ze zalig zijn omdat ze wenen. De grond der zaligheid ligt niet in de tranen. [...]
Maar waarom zijn die treurenden dan zalig? Wel omdat ze vertroost worden. Immers als ze zich vanwege hun zonden voor God verfoeien, hoe mogen ze dan tegelijkertijd Gods hoge goedkeuring ondervinden. Dan laat God hen merken dat hun droefheid Hem aangenaam is. En hoe getroost kunnen ze zijn als het Evangelie hen ontsloten wordt, als hun hart verklaard wordt onder de prediking van Gods Woord. Welk een zaligheid mogen ze smaken als hun oog voor Christus geopend wordt, als ze achter Hem mogen schuilen en ervaren dat Gods recht voldaan is en hun schuld betaald is.
Hoe zalig zijn ze als ze Gods vriendelijk aangezicht mogen zien, want dat heeft vrolijkheid en licht voor alle oprechte harten. Hoe getroost kunnen ze zijn onder het kruis, als de Heere hen het nut er van doet verstaan en ze op Hem mogen zien Die in alles is verzocht geweest doch zonder zonde.
Hoe getroost kunnen ze zijn als ze mogen letten op de heerlijkheid die hen wacht. Dan zullen ze ten volle mogen delen in de genade van onze Heere Jezus Christus, in de liefde Gods en in de gemeenschap des Heiligen Geestes."
Uitleggen met het hart
Laten wij met liefde aan onze jongeren uitleggen de dingen die onder ons naar Gods Woord geleerd worden. En met ernst de boodschap aan hun hart leggen. Zoals ds. G.H. Kersten genoemde meditatie besluit: "Hij zendt Zijn getrouwe knechten uit in een wereld die in het boze ligt en bindt de nood hunner medereizigers naar de eeuwigheid op hun harten zodat ze met Paulus uitroepen Zo zijn wij dan gezanten van Christuswege alsof God door ons bade wij bidden van Christuswege: laat u met God verzoenen. Komt die roeping van 's Heeren wege niet tot ieder die het Woord hoort? Is zij niet een oprechte, welgemeende roeping? "
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juli 2006
Daniel | 32 Pagina's