"Helemaal niet zo wereldvreemd'
Rare jongens, die refo's. Althans, dat lijkt journalist Willem Oosterbeek te beweren in zijn boek Gordel van God. Oosterbeek wandelde door de Bible Belt, van Staphorst tot Oostkapelle. Gedreven door nieuwsgierigheid. "Zijn ze wel zo kortzichtig, bekrompen en wereldvreemd als ze vaak in de media worden gepresenteerd? Of staan ze meer in de wereld dan we denken? Het boek is tot op bepaalhoogte een spiegel voor de geremeerde gezind-Over de bevindelijk-gereformeerden bestaan veel vooroordelen. Soms worden refo's zelfs over één kam geschoren met fundamentalistische moslims. Of wordt het scheppingsgeloof vergeleken met het geloof in de ooievaar als baby-postbode. Toch zag Oosterbeek juist in de gereformeerde gezindte zijn kerk van vroeger. Oosterbeek, atheïst, maar afkomstig uit de Gereformeerde kerk, ging op zoek naar zijn wortels. De Gereformeerde kerk bleek niet meer de kerk van vroeger, daarvoor moest hij naar de 'zwartekousenkerk'. "De Bijbel is daar nog een boek met status en niet zomaar een catalogus waar je alleen de items uitkiest die je bevallen."
"Lopen is een uitermate Bijbelse activiteit, " aldus Oosterbeek, met een verwijzing naar de tocht van het volk Israël en de omwandeling van de Heere Jezus op aarde. Voor de journalist was dat niet de enige
reden om lopend de Bible Belt te doorkruisen. Juist door te lopen zou hij "al wandelend een beter beeld kunnen vormen van de streken waarin de oercalvinisten wonen."
In nog geen 1 50 bladzijden probeert hij een beeld te schetsen van de bevindelijk-gereformeerden, maar slaagt daar maar gedeeltelijk in. Oosterbeek blijft in zijn beschrijvingen vooral hangen bij de buitenkant: verschillen tussen de kleding van Hervormden, Gergemmers, Oud Gergemmers bijvoorbeeld. "De meisjes en vrouwen zijn bijna allemaal getooid met een hoedje, maar vaak uiterst modieus gekleed. Het lijkt haast meer een modeshow dan een kerkdienst." Of de kerkgebouwen van de Gereformeerde Gemeenten. "Wat ik al dacht: de gergemmers, en maar liefst drie kerkdiensten." Ook de verboden krijgen flink de aandacht: "Niet fietsen op zondag. Verboden te dansen. Geen bezoek aan café of bioscoop. Twee keer per week naar de kerk. Seks voor het huwelijk: verboden. Homoseksualiteit: des duivels."
Toch is het beeld dat uit het boekje oprijst niet negatief. Oosterbeek staat welwillend ten opzichte van de gereformeerde gezindte. "Het zijn mensen van vlees en bloed voor me geworden." En: "Ik ben er achter gekomen dat hun standpunt over polio helemaal niet zo wereldvreemd is. Evenmin als hun ideeën over abortus, het zedelijk verval van de jeugd of hun gedachten over het einde der tijden [...]. Die Bijbel levert hen echter wel de normen en waarden die ik waardeer en die er voor zorgen dat ze nooit brallend en bier zuipend de tribunes van een stadion zullen bevolken."
Het is wel jammer dat, terwijl de meeste positieve herinneringen van Oosterbeek aan 'zijn' kerk van vroeger het jeugdwerk betreffen, hij geen bezoek heeft gebracht aan een jeugdvereniging. Misschien was dat een goede gelegenheid geweest om niet bij de buitenkant van rokjes en hoedjes te blijven hangen.
Het boek is erg toegankelijk geschreven. Wel staan er nogal wat foutjes in. Een voorbeeldje: de SRB-avonden worden georganiseerd door de Stichting Reformatorische Bezinningsavonden, niet door de Stichting Reformatorisch Beraad. Erger is dat Oosterbeek één keer een vloek noteert. En de titel allitereert wel mooi, maar is toch wel bedenkelijk. Dat geldt nog sterker voor de ondertitel.
Die kanttekeningen daar gelaten, geeft het boek een vrij aardig beeld van de gereformeerde gezindte. Jammer is wel dat die gezindte niet echt gastvrij overkomt. Het is opvallend dat Oosterbeek relatief veel spreekt met mensen die niet meer bij de kerk horen. Waren er echt zo weinig mensen bereid het gesprek met hem aan te gaan, zoals hij schrijft? Gelukkig dat tenminste zes Gergemmers het wel aandurfden: Ekeris uit Elspeet, ouderling Kareis, zijn zoon en een vriend uit Veenendaal, ds. C.G. Vreugdenhil - steeds gespeld als "Vreugdehill" - uit Vlissingen en VJisse uit Oostkapelle. Opvallend is ook de ontvangst in de kerk. In Staphorst zegt niemand wat tegen hem, in Ederveen is hij nauwelijks welkom in de kerk. '"U kunt niet zomaar ergens gaan zitten, ' zegt de koster tegen me als ik de kerk binnenstap. Dat ik een vreemde ben in dit land had hij allang gezien. [...] Ik durf me nauwelijks te bewegen en zit gespannen als een veer op de bank. Als de koster mijn plaatsje aan een ander wil geven, word ik gesteund door de zware broeder aan mijn rechterhand: 'Eerlijk gekregen is eerlijk gekregen, ' fluistert hij in mijn oor."
Wat dat betreft, is het goed zo nu en dan te kijken in de spiegel van een buitenstaander.
Willem Oosterbeek, Gordel van God. Een voettocht langs 's Heeren wegen {Wormer: Inmerc 2006) ISBN 90 6611 674 9; 144 blz.; € 19, 95.
Sandor van Leeuwen
Het Piëtisme, waarover dit boek gaat, is een vroomheidsbeweging die grenzen van landen en kerken overschrijdt.
De wortels zijn volgens de auteur al te vinden in de Rooms-Katholieke kerk voor de Reformatie. Na de Reformatie treffen we zowel binnen het Lutheranisme in Duitsland als binnen het Gereformeerd Protestantisme in tal van Europese landen bewegingen aan die vragen om innerlijke doorleving van Gods Woord (bevinding) en de uitleving daarvan in het dagelijks leven (heiliging). Onder ons zijn de puriteinen uit Engeland en Schotland bekend en de Nadere Reformatoren in ons land. De auteur probeert in deze rede aan te geven hoe die stromingen elkaar over en weer hebben beïnvloed.
Hij verzet zich tegen de gedachten als zou het voor een groot deel gaan om volksvroomheid. Het is een beweging waarbij predikanten (de elite) en (kerk-)volk elkaar over en weer hebben beïnvloed en gestimuleerd. Men ontmoette elkaar op gezelschappen in de tijd van W. Teelinck en G. Voetius in de zeventiende eeuw. Het is een discussie die vandaag regelmatig opduikt. Dan wordt gesteld dat de aandacht voor bevinding binnen onder andere de Gereformeerde Gemeenten voortvloeit uit gezelschapstheologie. Theologie niet van theologen en de kerk maar van mensen die voor een deel een weg zochten buiten de kerk. Op dit terrein is nog veel onderzoek te doen. De auteur hoopt dit werk aan de Vrije Universiteit verder ter hand te nemen. Het boek bevat namelijk de verder uitgewerkte tekst van een rede die dr. W. J. op 't Hof hield bij de aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar in de geschiedenis van het gereformeerd Piëtisme aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Wil je studie maken van de wortels van onder meer de Gereformeerde Gemeenten dan is dit een goed boek om ook te lezen. W.J. op 't Hof, Het gereformeerd
Piëtisme (Houten: Den Hertog 2005), ISBN 9033119552; 142 blz.; € 9, 90.
De ondertitel van dit boek luidt: antwoorden op vragen over de Avondmaalsdeelname en meditatieve bijdragen rond de Avondmaalsviering.
Het boek biedt dus geen behandeling van het Avondmaalsformulier maar gaat in de eerste veertien hoofdstukken onder de titel 'Zonder bruiloftskleed ten Avondmaal' in op vragen die onder jongeren en ouderen leven over de gang naar het Avondmaal. In het verleden verschenen deze hoofdstukken als artikelen in de kerkbode van Alblasserdam en later in de Saambinder. Voor publicatie in dit boekwerk ondergingen de artikelen een bewerking en uitbreiding. In de vele vragen die leven rond het Avondmaal wordt door de auteur de Bijbelse weg gewezen. Er wordt gesproken over een kerkelijk recht en een goddelijk recht tot het Heilig Avondmaal. De vraag waaruit dat goddelijk recht bestaat wordt in meerdere hoofdstukken nader uitgewerkt. Op de leerschool van Gods genade, zo lezen we in hoofd-
stuk 7, begint het niet met Avondmaalsviering. Nodig is voor alle dingen onderwijs door Gods Woord en Geest, opdat daardoor een opwas ontstaat. De Heere zelf schenkt op Zijn tijd en wijze voeten des geloofs om te gaan, handen des geloofs om te ontvangen en een mond des geloofs tot gebruik. Met vrucht deelnemen aan de bediening gaat nooit buiten kennis van Christus om. Het ochtend gloren van de Zonne der gerechtigheid door de traliën van het Woord wordt als onmisbaar aangewezen (hoofdstuk 10).
Deelname aan de bediening vraagt steeds opnieuw herhalingslessen in de drie stukken: ellende-verlossing en dankbaarheid.
Het tweede deel van het boek bevat meditaties en gedichten vanaf de tijd van de Reformatie tot vandaag die te lezen zijn in de tijd van voorbereiding, bediening en nabetrachting. Zo reikt de schrijver voor vier perioden stof tot overdenking aan. Hij neemt voor deze meditaties soms door hem geselecteerde gedeelten uit preken. Dit citaat kan een aanleiding zijn om zelf de preek of het boek waaruit het gedeelte komt ter hand te nemen. Dat is zeker aan te bevelen.
Het is zeker gewenst om in een week van voorbereiding maar ook op andere momenten zich met dit soort literatuur biddend te bezinnen voor Gods aangezicht. God geeft middelen en wil die zegenen tot bekering en oplossing van geestelijke vragen. Daarom neem en lees dit boek. Bij een tweede druk is het wellicht mogelijk om onder de meditaties de auteur/bron te vermelden. Nu moet er steeds achter in het boek gekeken worden. Verder zou het goed zijn om in het eerste deel van het boek ieder hoofdstuk een andere titel te geven die aansluit bij wat in dat hoofdstuk specifiek aan de orde komt.
Ds. C. de Jongste, ...tot Mijn gedachtenis! (Barneveld: Gebr. Koster 2006) ISBN 9055513792; 199 blz.; € 16, 90.
Wie van ons zal nooit te maken hebben gehad met het vragenboekje van Hellenbroek? Veel catechisanten en catecheten zijn daar ook in het seizoen dat achter ons ligt weer mee bezig geweest. Catecheten kunnen dit boek van dhr. J. de Jager gebruiken bij de voorbereiding van de catechisatieles. Per (gedeelte van een) hoofdstuk uit het vragenboekje van Hellenbroek reikt de auteur stof aan die de vragen en antwoorden verduidelijken en verbanden leggen naar Gods Woord.
Als catechisant vind je het misschien jammer dat de catechisatie afgelopen is. Dit boek kan je helpen om het vragenboekje van Hellenbroek beter te begrijpen. Je kunt met dit boek buiten het catechisatie seizoen om je verdie je eeuwig heil op het oog heeft. Ook tijdens het catechisatie seizoen kun je met behulp van dit boek de catechisatiestof volgen. Je verdiept je in veel, waarom zou je je ook niet wat meer verdiepen in waar het op catechisatie omgaat. J. de Jager, Catechisatieschetsen
bij het vragenboekje van Hellenbroek (Barneveld: Gebr. Koster 2006) ISBN 9055513555; 232 blz.; € 22, 50.
ds. L. Terlouw
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 juli 2006
Daniel | 32 Pagina's