JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Voetballeritis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Voetballeritis

4 minuten leestijd

Als jongen in de basisschoolleeftijd heb ik echt uren en uren op straat gevoetbald. En in het park. En op school. Tussen de middag was het een kwestie van zo snel mogelijk eten en dan weer naar school rennen, zodat we voor schooltijd nog een kwartier konden voetballen. Bijna alle jongens deden mee, meer of minder getalenteerd. Het streelde mijn jeugdige ego stiekem wel dat ik zonder dat ik op voetbal zat, toch een behoorlijk gelijkwaardige voetballer was als mijn vriendjes die wél elke week trainden en speelden. Veel mooier werd het nog als één van die vriendjes weer eens vroeg of ik niet bij hem op voetbal wilde komen. Helaas voor mij toen, stond mijn ouders de hardheid van de sport en de sfeer in en om het veld niet aan, dus het is nooit zo ver gekomen. (Toen ik groter werd, begreep ik hun argumenten trouwens een heel stuk beter dan toen...)

Dit 'wel willen, maar niet mogen' maakte wel de weg vrij voor eindeloos dromen. Dromen over de wedstrijden die ik gespeeld had kunnen hebben, de doelpunten die ik zou hebben gemaakt, de bewegingen die ik had kunnen maken. En over de carrière die ik gehad zou hebben, de prijzen die ik zou hebben gewonnen, en de plek die ik in het Nederlands elftal zou veroveren. Tsja, als je droomt, is de bescheidenheid vaak ver te zoeken. Ook tegen mijn vrouw heb ik meer dan eens gezegd: stél dat ik op voetbal was gegaan, dan zou ik... Op de één of andere manier heb ik echter nooit het gevoel gekregen dat ze me geloofde; ik oogstte slechts meewarige blikken. Ik troost me nog steeds maar met de gedachte dat ze het tegendeel ook niet kan bewijzen!

Kortom: ik was hierin eigenlijk een jongetje, net als heel veel andere jongens van die leeftijd, die allemaal voetbal een erg leuk spel vinden om met elkaar te doen. In het spel wordt al snel duidelijk dat je elkaar aanvult: de één is een sterke verdediger, de ander kan weer beter aanvallen en scoren. En het vraagt ook nog eens om inzet, inzicht, behendigheid en snelheid. Goed voor de ontwikkeling en de conditie dus.

Als je al jaren zo veel plezier aan een spel beleeft, staat het wat ver van je bed als je op een zondag voor de eerste keer hoort waarschuwen voor 'Koning Voetbal'. Als jongen van 10 jaar denk je dan niet gelijk aan de overdrachtelijke betekenis ervan, maar zie je meer een Nederlandse Leeuw voor je met een kroontje op z'n hoofd. Later leer je begrijpen dat daarmee bedoeld werd dat er met voetbal meer aan de hand is dan dat het alleen maar een onschuldige vrijetijdsbesteding is.

In het professionele voetbal draait het om commerciële belangen, uitzendrechten en transfergelden. Voetballers zijn helden en als er voetbal op tv is, zit half Nederland voor de buis. In tijden van wereldkampioenschappen en Europese kampioenschappen wordt het allemaal nog een tandje erger. Oranje-artikelen overstromen de winkels, als Nederland een wedstrijd speelt, kun je een kanon afschieten op straat en de media staan bol van alle flintertjes Oranje-nieuws. Er lijkt een soort van voetbalkoorts, namelijk voetballeritis, door het land te gaan. Alle voormalige jongens van 10 jaar zijn een maand lang druk met filosoferen en meeleven wat er in het veld had moeten gebeuren, of wat er zou zijn gebeurd als zij in het veld hadden gestaan.

Voetbal bepaalt in deze periode voor veel Nederlanders het leven. Staat dus op nummer 1. En is dus inderdaad Koning. Dat is dan ook de kernvraag als er over 'Koning Voetbal' gepreekt of geschreven wordt: wie is jouw Nummer 1? In plaats van koning Voetbal kan er trouwens een oneindige hoeveelheid andere koningen ingevuld worden: koning Carrière, koning Ikzelf, koning MSN, koning Nietsdoen, koning Uiterlijke godsdienst, koning Merkkleding, en ga zo maar door.

Ik heb een kleine test bedacht waarmee iedereen kan vaststellen in hoeverre hij of zij aan voetballeritis leidt: je zet de kookwekker op 20 seconden. Binnen die 20 seconden noem je uit je hoofd minstens elf namen van voetballers van het Nederlands elftal. Nadat de wekker is gegaan, schrijf je de score op. Dan zet je de kookwekker opnieuw. Nu noem je in dezelfde tijd, ook uit je hoofd, minstens elf namen van geloofshelden uit Hebreeën 11. Ook die score schrijf je op, waarna je beide scores kunt vergelijken en de conclusie kunt trekken. Succes!

Reageren? weerwatnieuws@jbgg.nl

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 mei 2006

Daniel | 32 Pagina's

Voetballeritis

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 mei 2006

Daniel | 32 Pagina's