Profeet van Gods heiligheid (2)
De HEERE is de heilige God. Bij zijn roeping heeft Jesaja zijn eigen onreinheid en die van zijn volk in het licht van Gods heiligheid leren kennen. Maar de HEERE heeft hem ook bekwaam en bereid gemaakt om deze boodschap in de moeilijke tijd waarin hij leefde, onder het volk uit te dragen. In zijn prediking kun je ontdekken welke spankracht de heiligheid van God heeft. Juist als Jesaja het volk laat blikken in de diepe afgronden van de gerichten van deze heilige God, ontsluit zich de bron van Gods heil voor een zondig volk in de Messias. De HEERE is de Heilige in de weg van Zijn gerichten...
Dat is het thema van het eerste gedeelte van de profetie van Jesaja (1-39). Na een tijd van betrekkelijke rust op politiek terrein en bloei op economisch terrein onder de koningen Jerobeam II van Israël en Uzzia van Juda komt de volkerenwereld weer in beweging. De macht van Assyrië is in opkomst. In Israël en Juda is de druk vanuit het Noorden steeds meer te voelen. In zijn profetie blijft Jesaja hierbij niet staan, maar wijst haarscherp de oorzaak hiervan aan. De HEERE bezoekt de zonden van Zijn volk op godsdienstig en maatschappelijk terrein. Alle offers, gebeden en feesten ter ere van God kunnen de onreinheid van het volk niet wegnemen. Er is een algehele loutering van het volk nodig. Als de heilige God gaat de HEERE Zijn volk door de omstandigheden op politiek en militair terrein in het gericht betrekken. Hij zal Zich de Heilige betonen in het uitvoeren van Zijn gerichten over Zijn volk.
Intussen proberen de koningen van Israël en Juda maatregelen te treffen om staande te blijven in dit moeilijke tijdsgewricht. Ze komen daardoor zelfs tegenover elkaar te staan. Rezin van Damaskus en Pekah van Israël sluiten een verbond. Ze proberen Achaz van Juda onder druk te zetten om deel te nemen aan deze coalitie tegen de Assyriërs. Onder deze omstandigheden zendt de HEERE Zijn knecht Jesaja (samen met zijn zoon Schear-Jaschub: een overblijfsel keert weer) naar Achaz. Hij kondigt hem aan dat het plan van Rezin en Pekah zal mislukken. Weldra zal er een einde komen aan beide rijken. Ze zijn nog slechts rokende fakkels. Ze produceren wel veel rook, maar zijn in feite uitgebrand. Jesaja gebiedt Achaz een teken van de HEERE te vragen ter bevestiging hiervan, maar deze weigert quasi vroom. Alsof hij er bang voor zou zijn de HEERE te verzoeken!
Maar dan zal de HEERE Zelf een teken geven. Jesaja profeteert: ie, een maagd zal zwanger worden, en zij zal een Zoon baren en Zijn Naam Immanuël heten (Jesaja 7:14). Immanuël betekent: od-met-ons. Liever dan op de Heere te hopen, roept Achaz de Assyriërs te hulp tegen Syrië en Israël. Hierdoor brengt hij de ondergang van het broedervolk Israël nabij. Ook brengt hij Juda op langere termijn in een moeilijke positie. Het grote Assyrië grenst straks aan Juda. Zo betrekt de HEERE Israël en Juda in Zijn gericht dat uiteindelijk zal uitmonden in de Assyrische ballingschap voor Israël en de Babylonische ballingschap voor Juda. Naast Gods gerichten heeft Jesaja ook de komst van de Messias aangekondigd. Deze profetie wordt in dit dodelijke tijdsgewricht verder uitgewerkt in nieuwe profetieën over de komende Messias (9:5 en 11:1). Temidden van de gerichten opent de HEERE hierin door de dienst van Jesaja een poort van hoop voor een zondig volk. Op deze manier betoont de HEERE Zich de Heilige temidden van Zijn gerichten. Door de gerichten en de oordelen heen houdt de HEERE het overblijfsel van Zijn volk vast en bereidt het Zijn heil in de komende Messias. Daarom kan dat volk bidden: k dank U, HEERE, dat Gij toornig op mij geweest zijt, en Gij troost mij (12:1).
De HEERE betoont Zich ook nu nog de Heilige God in de levens van mensen. Hoe dan? Als de HEERE je in het licht van Zijn heilige wet leert zien hoe groot je zonde en ellende zijn, dan leer God leert kennen in Zijn vlekkeloze heiligheid en jezelf in je onreinheid en Zijn rechtvaardige straf aanvaarden. En als Hij in die weg dan een poort van hoop voor je opent in de Heere Jezus en plaats maakt voor deze dierbare Borg en Zijn werk. laat de HEERE Zich kennen als de God Die heilig is ook in de weg van Zijn gerichten en leer je de wegen die de HEERE met je houdt, hoe moeilijk die ook zijn, goedkeuren: Heilig zijn, o God, Uw wegen, niemand spreek' Uw hoogheid tegen, Wie, Wie is een God als Gij, groot van macht en heerschappij? ' (Psalm 77:8, berijmd).
Inhoud
1 - 39 Gods heiligheid in de weg van Zijn gerichten. 1-12 Profetieën uit de eerste tijd. 1 3-23 Profetieën tegen de volkeren rondom Israël en Juda. 24-27 Profetieen over het aanstaande wereldgericht en de komst van Gods Rijk op Sion. 28-35 Profetieën uit de tijd van koning Hizkia. 36-39 Historisch gedeelte. 40-66 Gods heiligheid in de weg van Zijn heil.
Leeswijzer
Gods gericht en heil over Sion:1:27; 2:1-5:4:3-6; 10:12, 24-27; 28-29; 33:14, 37:22-35 De komst van de Messias en Zijn heil:7:14-16; 8:23-9:6; 11:1-10; 35:1-10 De zaligheid voor het overblijfsel:1:9; 4:2-6; 6:1 3; 10:20-27; 11:11-16 Gods bemoeienis met de volkeren:7:4-9; 10:5-34; 13-21; 23
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 april 2006
Daniel | 36 Pagina's