Gedragsproblemen bij kinderen
Xander zit in groep 8 van de basisschool. Hij is een ijverige jongen en heeft een goed, gemiddeld rapport. "Zo kun je er wel tien van in de groep hebben, "zegt de leerkracht tijdens de ouderavond.Thuis loopt het minder goed. Om een paar dingen te noemen die zijn ouders opvallen: Xander verdraagt zijn broer onder hem slecht, voelt zich vaak tekort gedaan en kan heel slecht tegen zijn verlies bij een spelletje. Het moeilijkste vinden ze dat hij bijna dagelijks een behoorlijke driftaanval heeft. Dan is hij echt onbereikbaar en niet te corrigeren. Gelukkig wil hij het 's avonds in bed altijd weer goed maken als zijn vader of moeder bij hem komen. "Wij weten niet goed wat we eraan moeten doen, "verzuchten zijn ouders.
Waar hebben we het over als het gaat over gedragsproblemen bij kinderen? De ouders van Xander voelen zich niet altijd serieus genomen als ze met andere ouders over Xander praten."Xander moeilijk? Hij heeft een prima rapport.de leerkracht is tevreden, als hij bij ons komt spelen, hebben we geen kind aan hem.Trouwens het ene kind is het andere niet.Verschillen mogen er zijn, toch? " De boodschap voelen de ouders wel: "Ligt het niet een beetje aan jullie manier van opvoeden en jullie kijk op Xander? " Toch kunnen we wel iets meer zeggen over wat we verstaan onder probleemgedrag. Zo zijn er kinderen, die zich voortdurend verzetten tegen volwassenen, geen gezag en bescherming accepteren. Andere kinderen vechten vaak of zijn juist schuw in het contact met andere kinderen. Dergelijk gedrag wordt probleemgedrag als:
het langdurig aanhoudt; - het afwijkt van wat we van het kind gewend zijn; - het kind er zelf last van heeft; - de omgeving er last van heeft.
Leeftijd
Leeftijd Gedragsproblemen hebben ook te maken met de leeftijd van een kind.Van een driejarig kind vinden we het heel normaal dat het lekker op schoot kruipt bij mama om getroost te worden. Bij een 14jarige tiener verwachten we dat niet direct.
Begaafdheid
Het is ook belangrijk om na te denken over de mogelijkheden van een kind. Een hoogbegaafd kind heeft snel dingen door en raakt soms emotioneel verward over alles wat het nog niet kan verwerken. Dat kan gedragsproblemen.Zoals gespannenheid en angst veroorzaken. Maar stel dat een meisje van 4 jaar zwakbegaafd blijkt te zijn en nog steeds niet zindelijk. De moeder heeft alles gedaan om de zindelijkheid te bevorderen, maar het lukte niet. Door het niveau van het meisje te bepalen, is het beter te begrijpen dat het'leren' langzamer gaat en meer oefening vraagt.
Ontwikkelingsstoornis
In de ontwikkeling van een kind zijn het vaak de ouders die iets opvallends waarnemen, maar daar ook niet direct over kunnen praten, er geen woorden aan durven geven. Het kan dan gaan om een stoornis in de ontwikkeling van een kind waardoor opvallend gedrag een signaal kan zijn.
Levensstijl
Als volwassenen is het ook goed om in dit verband te kijken naar de stijl van leven.Zouden sommige kinderen gedragsproblemen kunnen ontwikkelen door de manier van leven? Denk dan aan de jacht en onrust, de eisen die gesteld worden aan ouderschap naast financiële belangen.de tijd die wordt besteed aan materiële zaken, de aandacht voor zaken buitenshuis (werk, ambten, sport, sociale contacten, verplichtingen).
Signaleren, en dan?
Wanneer een juf of buurman bezorgd is over een kind en dat met ouders wil delen, dan kan dat alleen in een sfeer van vertrouwen en met een positieve bedoeling. Laten we beseffen dat we het hebben over het kind van de ander! Als derden signalen opvangen, kan het zijn dat ouders al veel langer worstelen met het probleem. Ze hebben méér aan steun dan aan een verwijt. Mogelijk heeft u als ouders iets aan de volgende tips, wanneer u zich zorgen maakt over uw kind:
- Praat er als ouders samen over; - Houd een periode (bv. een maand) in een schrift bij wanneer het ongewenste gedrag van uw kind voorkomt; - Probeer open te zijn naar andere'opvoeders' van uw kind, zoals de leerkracht; - Bedenk wat er mogelijk veranderd kan worden in uw gezin om het gedrag te beïnvloeden. Bijvoorbeeld: gezamenlijk als ouders bij de maaltijd zijn en rust inbouwen als juist dan het probleemgedrag dan vaak zichtbaar is; of kinderen op een vaste plaats zetten aan tafel tijdens het eten; - Praat over het probleemgedrag niet in verwijtende zin, maar meer in de wensende zin; - In sommige gevallen is het mogelijk om met het kind over het probleemgedrag te praten en gezamenlijk een plan te bedenken waar met elkaar aan gewerkt kan worden; - Schakel zo nodig deskundigen in.Vooral ook als u twijfelt of vage onrust houdt over uw kind.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 september 2005
Daniel | 36 Pagina's