Dopen: als kind of als je er zelf voor kiest?
"Bij ons worden de kinderen gedoopt. Waarom doen wij dat eigenlijk? Er staat toch nergens in de Bijbel dat dat moet? Is het niet beter dat je pas gedoopt wordt als jezelf daarvoor kiest? Nu zijn er veel jongeren die niet geïnteresseerd zijn. Ze horen gedwongen bij de kerk omdat hun ouders ze lieten dopen. Daardoor zijn velen onverschillig. Maar als je jezelf laat dopen dan bind je jezelf daardoor. Dat is toch veel beter? "
Onze doopopvatting hangt samen met onze visie op het verbond. De doop is immers een teken en zegel van het genadeverbond. Daarom moeten we beginnen met na te denken over het genadeverbond. Nu is er over het genadeverbond heel veel te zeggen. Over het genadeverbond van eeuwigheid. Daarmee bedoelen we de overeenstemming van God de Vader en God de Zoon over het zaligen van de uitverkorenen. Of over de plaats en het werk van de Heere Jezus in het genadeverbond als Borg en Zaligmaker. Maar over deze en andere facetten willen we het nu niet hebben. We letten nu op het punt dat de Heere mensen bekend maakt met het genadeverbond en hen in dit verbond betrekt.
De Heere is de Eerste
Dat deed de Heere in het Oude Testament ook. Alle Israëlieten hoorden bij het genadeverbond. Dat had de Heere al tegen Abram gezegd: k zal Mijn verbond oprichten tussen Mij en tussen u en tussen uw zaad na u in hun geslachten tot een eeuwig verbond om u te zijn tot een God en uw zaad na u (Genesis 17:7). Daarom moesten alle jongetjes worden besneden. Dat was de inzetting van de Heere.
Daar moeten we goed op letten. Het begint niet met onze keus maar het begint met het beleid van de Heere. Hij brengt mensen onder Zijn Woord, bij Zijn verbond. De Israëlieten werden niet besneden omdat zij dat zo graag wilden, maar omdat God wilde dat zij zouden worden besneden. Die gedachte dat God de Eerste is en van Hem het initiatief uitgaat, kom je heel breed en in diepe geestelijke zin heel veel in de Bijbel tegen. De Hebreeën werden niet uit Egypte gehaald omdat zij dat zo graag wilden, maar omdat God het wilde. Het volk Israël was - boven andere volken - Gods volk, niet omdat dit hun keuze was, maar omdat het Gods keuze was. Ze kwamen in Kanaan, niet omdat zij voor dat land kozen, maar omdat God hen dat land wilde geven en hen daar wilde laten wonen. De Messias kwam, niet omdat mensen zo graag een Messias wilden, maar omdat God Zijn Messias wilde doen komen om Zijn heilsplan uit te voeren, enzovoort. Dit is een zeer centrale gedachte in de Bijbel: van God gaat het initiatief uit. Zo is het ook met de kinderdoop. Wij laten onze kinderen dopen omdat God wil dat ze bij Hem horen, bij Zijn Woord, dienst, verbond. Niet
de keuze van de mens is het eerste, maar de keuze van God. Ook in de lijn der geslachten. Hij liet deze kinderen uit deze ouders geboren worden. Hij zorgde dat deze kinderen in een christelijk gezin terecht zijn gekomen en niet in een onkerkelijk of islamitisch gezin. Omdat de Heere dit zo heeft geleid, daarom moeten onze kinderen gedoopt worden.
Ook geroepen
Maar zijn er daardoor niet velen ongeïnteresseerd? Die naar de kerk gaan omdat dit nu eenmaal moet of omdat het van hen verwacht wordt, maar als ze de vrije keuze hadden, deden ze het niet. Dat is voor sommigen helaas waar. Maar - opnieuw trek ik even de parallel - er waren ook heel veel Israëlieten die niet vrijwillig God dienden; er waren er zelfs velen die de Baal dienden. Toch deed de Heere Zijn recht gelden en riep hen tot bekering. Zelfs Achab en het tienstammenrijk. Zo moet het ook vandaag gebeuren. De Heere roept allen, ook hen die niet zoveel belangstelling hebben, tot bekering.
Het eerste is de keuze van God: Hij wil dat dit geslacht, deze kinderen ook bij Zijn dienst en verbond horen. Daarom dopen wij de kleine kinderen van de gemeente. Natuurlijk hoort er ook een positief antwoord van de mens te komen. Moge het door genade een oprechte keuze met het hart zijn. Je zou het doen van belijdenis zo'n antwoord kunnen noemen. In de geloofsbelijdenis zegt degene die inmiddels volwassen is geworden: vrijwillig ga ik verder in dat spoor waarin de Heere mij gezet heeft en waarin mijn ouders mij zijn voorgegaan. Het is mijn overtuiging dat dit de goede weg is. En laten we dat maar doen met de bede: helpt U mij, bekeert U mij zodat ik het echt en van ganser harte doe.
Doop en besnijdenis
Maar er staat toch nergens in de Bijbel dat kinderen gedoopt moeten worden? Inderdaad staat er geen letterlijke opdracht. Toch moeten we daar niet te sterke consequenties aan verbinden. Er staat ook nergens een letterlijke opdracht tot het dopen van meisjes en vrouwen. Die werden immers in Israël ook niet besneden? Wel lezen we van het dopen van gezinnen in Handelingen 16:15 en 33 en in 1 Korinthe 1:16. Zouden de kinderen daarvan uitgezonderd zijn? Dat staat er in elk geval niet. En let eens op Handelingen 2. Daar zien we hoe dicht verbond en doop bij elkaar horen. In vers 38 gaat het over de doop en in vers 39 over het verbond in de lijn van de geslachten Er staat immers: ant u komt de belofte toe en uw kinderen en allen die daar verre zijn. zovelen als er de Heere onze God toe roepen zal. Van de verbinding van besnijdenis en doop lees je ook in Kolossenzen 2:11 en 12.
Doop en wedergeboorte
De doop is het teken van de wedergeboorte, van de inlijving in het verbond. Het teken, maar dat wil vanzelf niet zeggen dat iedere gedoopte dus automatisch echt, geestelijk, inwendig in het verbond is. Want de wedergeboorte gebeurt niet door de doop, maar door Woord en Geest. Zo was het ook in Israël. Want niet alle Israëlieten waren echt kinderen van God omdat ze besneden waren. Jeremia zegt dat de besnijdenis van het hart nodig is (Jeremia 4:4). Dat leerde Mozes ook al (Deuteronomium 10:16). De kern, het wezenlijke van het verbond is inwendig, is geestelijk van aard. Dat lezen we bijvoorbeeld ook in Ezechiël 36:26 en 27. De lijn bij Israël was. leder kind binnen de kring van het verbond geboren, hoort (uitwendig) tot het verbond, ontvangt het verbondsteken. Maar ook voor verbondskinderen geldt dat ze bekeerd moeten worden, anders worden ze buiten geworpen (zie Mattheüs 8:12). Deze zelfde lijn hanteren wij. leder kind binnen de kring van de gemeente, het verbond geboren, krijgt het teken van het verbond, de doop. Maar ook voor hen geldt dat ze bekeerd moeten worden, anders worden ze buiten geworpen. Let eens op het grote voorrecht dat de Heere jou al als kind apart heeft gezet en met Zijn verbond en woorden bekend maakt. Het is ook een grote verantwoordelijkheid. Vraagt dan maar naar de toepassing door de Heilige Geest. Hij gedenkt aan Zijn Verbond tot in der eeuwigheid.
Heb je vragen? Over geloof, over de maatschappij, over vriendschap: mail dan naar steljevragen@jbgg.nl. Schrijven kan ook: Postbus 79, 3440 AB Woerden. Ds. P. Mulder en de heer J.H. Mauritz beantwoorden deze vragen om de beurt. Je naam hoef je niet te vermelden. Met je vraag wordt vertrouwelijk omgegaan.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 2005
Daniel | 32 Pagina's