Christus en de gemeente
Deze verborgenheid is groot; doch ik zegt dit, ziende op Christus en de gemeente (Efeze 5:32)
Er is in het huwelijk een verborgenheid ja zelfs een grote verborgenheid. Het gaat over een mysterie, over iets verbazingwekkends. Het gaat in die verborgenheid vooral over de wijze waarop man en vrouw één vlees worden. Dit vertoont gelijkenis met de wijze waarop Christus en Zijn gemeente met elkaar worden verenigd. De verborgenheid waarnaar het huwelijk verwijst is in de eerste plaats, dat de Zoon van God om Zijn uitverkorenen met God te verzoenen en te redden van dood, vloek en Satans macht, de hemel heeft verlaten en hun vlees en bloed heeft aangenomen. De verborgenheid waarnaar het huwelijk heen wijst, is in de tweede plaats, dat de zondaar wereld, zonde en Satans banier verlaat en door het geloof zich met Christus verbindt.
Verlaten en aanhangen
Het huwelijk bestaat dus uit verlaten en aanhangen. De Zoon van God heeft 'verlaten'! De Zoon van God kon op geen andere wijze Zijn bruid bezitten, dan door te verlaten. Hij verliet de hemel der heerlijkheid, de schoot van Zijn Vader, de plaats van glorie en werd mens uit de maagd Maria. Hij heeft alles 'verlaten' wat Hem dierbaar was. Hij heeft niet alleen Zijn rijkdom verlaten om arm en een Man van smarten te worden. Het 'verlaten' werd voor de Zoon van God hoogste en bittere werkelijkheid, toen Hij op het kruis riep: Mijn God! Mijn God! Waarom hebt Gij Mij verlaten? De apostel noemt dit niet zonder reden een 'verborgenheid'. Wanneer een man zijn vader en moeder verlaat om zijn vrouw aan te hangen, ligt daar een liefdesmysterie aan ten grondslag. Maar aan het verlaten van de Zoon van God ligt een veel dieper liefdesmysterie ten grondslag. De Zoon van God wordt mens, Zijn broederen in alles gelijk uitgenomen de zonde, om in hun plaats de straf van de zonde te dragen, te lijden, te bloeden en te sterven op het vervloekte hout. Er is nooit iets gezien dat groter is! Het is een verbazingwekkend, aanbiddelijk mysterie!
Maar ook de gemeente van Gods uitverkorenen moet alles verlaten om de bruid van Christus te kunnen worden. Alles wat de verbintenis tussen Christus en ons hart in de weg staat moet verlaten worden. Dit is niet alleen de zonde, de wereld en de dienst van Satan, maar ook de Wet als een verbond der werken. De vrouw aanvaardt als zij huwt een nieuw gezag, namelijk het gezag van haar man. De zondaar kan niet met Christus worden verbonden zonder aanvaarding van het koningsschap van Christus. De huwelijksvereniging gaat van de man uit. Hij doet het aanzoek. Zo richt Christus in het Evangelie een huwelijksaanzoek tot zondaren van Adams gevallen geslacht. Gods dienaren brengen dit aanzoek met alle drang en ernst tot zondaren als zij in Christus' naam prediken: Bekeert u en gelooft het Evangelie!". Maar de zondaren willen tot Christus niet komen. Zij zijn doof en dood en ongevoelig en houden de deur van hun hart voor Christus gesloten. Maar Jezus is een hartveroverende Minnaar. Hij beschikt over de middelen om het hart van de zondaar te winnen. Hij zendt Zijn Geest uit en opent het hart dat gesloten is; maakt levend wat dood is en gewillig wat onwillig was. Hij overtuigt van zonden en ellende; doet de zondaar wanhopen aan de Wet en wint het hart in om Zich aan Hem te onderwerpen. Van verlaten komt het tot aanhangen. Jezus zal ons Zijn gehele hart verklaren en de zondaar zijn gehele hart aan Jezus geven. Het werkt een verbintenis, die doet zeggen: k ben Mijns Liefsten en Zijn genegenheid is tot Mij (Hooglied 7:10).
Besluit
De apostel besluit met te zeggen: Zo dan ook gijlieden. Zo moet het onder christenen zijn. Hun huwelijk moet een afschaduwing zijn van de liefdesverhouding tussen Christus en Zijn gemeente. Het grote verschil tussen kerk en wereld komt aan het licht inde relatie tussen man en vrouw. De oplossing voor de grote problemen van onze tijd liggen in het christelijk huwelijk en in het christelijk gezin. Daar moet de genezing beginnen. ds. C. Harinck
Vragen
1. De apostel is in hoofdstuk 5:1 begonnen met te zeggen: ijt dan navolgers Gods, als geliefde kinderen. Waaruit blijkt dit kindschap Gods? Efeze 5:2.
2. Is het niet erg aards om het huwelijk en het gezinsleven zo bij het geestelijke leven te betrekken? Moeten wij Efeze 6:10-20 niet veel hoger aanslaan dan Efeze 5:22-33 en Efeze 6:1-9? Wat zou in dit licht het begrip 'de praktijk van de godzaligheid' betekenen?
3. Kun je wel een christen zijn zonder het begrip 'verlaten'?
4. Kun je wel een christen zijn zonder het begrip 'aanhangen'?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 september 2005
Daniel | 32 Pagina's