Winterstilte
De grond is wit, de nevel wit,
de wolken waar nog sneeuw in zit
zijn wit dat zacht vergrijzelt.
Het fijngetakt geboomte zit
met witte rijp beijzeld.
De wind houdt zich behoedzaam stil
dat niet het minste takgetril
't kristallen kunstwerk breke;
de klank zelfs van mijn schreden
wil zich in de sneeuw versteken.
De grond is wit, de nevel wit,
wat zwijgend toverland is dit,
wat hemel loop ik onder?
Ik vouw de handen en aanbid
dit grootste stille wonder.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 december 2004
Daniel | 36 Pagina's