Vragen die je hart onrustig maken?
steljevragen@cbgg.nl
Door drie jongelui werden per brief vragen gesteld die allemaal gaan over vragen die het hart onrustig maken. Steeds zal ik een stukje uit een brief aanhalen en daarop ingaan.
Ik heb m'n eigen leven verknoeid en dat van mijn ouders, omdat ik op een heel verkeerde manier door het leven ga (dat wordt in de brief concreet gemaakt). Ik doe m'n best om het anders te doen, maar het lukt niet. Ik heb op m'n knieën gelegen om te vragen hoe het toch verder moet met mij, maar ik moet tot mijn schaamte zeggen dat het zeer weinig is, omdat ik dacht en nog denk dat het niet mag baten; dat de Heere zo'n ellendige zondaar toch niet wil aanzien. In de kerk heb ik gehoord dat de Heere Zijn oren sluit voor goddelozen. Ik heb wel eens gevraagd aan de Heere, waar ik me nu diep voor schaam, of Hij wil laten merken dat Hij vertoornd op mij is. (.....) Mijn vraag is: kan ik nog wel verlost worden van dit kwaad?
Jij plaatst ons in de werkelijkheid van het leven buiten het Paradijs. Want dat blijkt wel: wij zijn van nature de goede verhouding met de Heere helemaal kwijt, en er komt vanuit onszelf niks van terecht. Intussen ontslaat dat niemand, en dus ook jou niet, van de opdracht het goede te doen en het kwade te laten. Bekeert u, zegt de Heere telkens weer. En dat bedoelt Hij heel concreet. Doe het zondige niet, maar doe het goede.
De Heere zegt ook: Wendt u naar Mij toe om behouden te worden. Wij redden het nooit in onze eigen kracht. Vraagt dan toch om Zijn kracht. Zie toch hoe verkeerd, verwoestend - juist daarover schrijft jij iets - en ernstig de zonde is. Belijdt dat voor de Heere en vraag aan Hem om Zijn Geest en genade. Het is hoogst noodzakelijk dat er een wonder van God in ons leven gebeurt. Anders gaat het echt verkeerd. Want juist als Hij Zijn liefde in ons hart geeft, wordt alles anders. Als Hij ons gaat bekeren, dan gaat het vanzelf. Dan gaan we echt strijden. En onze verlorenheid voor de Heere inleven. Maar ook Hem van harte zoeken. Wie zijn zonde belijdt en laat, zal barmhartigheid geschieden. De Heere is zo genadig en goed. Bij Hem is raad, bij Hem alleen.
Je moet maar niet vragen of de Heere wil laten merken dat Hij vertoornd op je is. je moet maar vragen om Zijn ontferming. Zou dat kunnen, dat Hij Zich ontfermt? Zelfs Manasse werd bekeerd. Van ons uit kan het nooit, maar bij de Heere vandaan kan het zelfs voor de grootste der zondaren. In de weg van ware bekering en oprecht geloof.
Soms hoor ik vloeken in mijn hoofd, of: nu lees ik niet meer in de Bijbel en wel meer van dat soort dingen. Is dat de zonde tegen de Heilige Geest?
De duivel doet verschrikkelijke dingen. En soms weten we niet te onderscheiden of iets van de duivel is, of dat het uit ons zondige hart komt. Buig je knieën en vertel het maar eerlijk aan de Heere. Probeer ertegen te strijden. Dat kan heel moeilijk zijn, maar vraag maar naar de Heere en Zijn sterkte. Soms kunnen het dwanggedachten zijn, die met een psychisch probleem verband houden. Dan kan het nodig zijn dat je er met een hulpverlener, bijvoorbeeld van De Vluchtheuvel, over praat.
Vaak vind ik het zo moeilijk: wat is nu van God en wat niet? Vaak ben ik zover van God, en soms kan ik goed naar preken luisteren. Dan neem ik me voor elke dag de Bijbel te onderzoeken, maar dan is er weer de onwil. Vaak ben ik alleen maar bang voor God, zoals met onweer. Maar Hij heeft toch een vriendelijk Aangezicht? Dan voel ik zo dat ik geen kennis van God en van Christus heb. Hoe kom ik nu ooit aan die kennis?
En in een andere brief was te lezen: Zondag preekte de dominee over de gelijkenis van het onkruid en de tarwe. Dan denk ik: zie je wel, ik hoor bij het onkruid. Ik ben zo'n huichelaar en zelfbedoeler; een eerrover van God, terwijl de Heere het zo waard is dat ik Hem bedoel. Maar als de dominee het dan over de tarwe heeft, dan ben ik zo jaloers op die mensen. Zij hebben het en ik niet. Soms heb ik weleens de neiging om ermee te stoppen met kerkgaan en bidden, maar toch kan ik dat niet. De kerk is de laatste jaren mijn liefste plek geworden. Graag zou ik Hem oprecht willen dienen. Maar het lijkt wel of de Heere niet hoort. Misschien heb ik wel te weinig verdriet over mijn zonden. Alles lijkt soms tevergeefs; ik weet het echt niet meer.
Laten we steeds de middelen der genade waarnemen. En maar veel vragen: "Doorgrond me en ken mijn hart, 0 Heere". En ook: "En als er bij mij een schadelijke weg is, brengt U me dan op de goede weg". Dat hebben we wel nodig, want ons hart deugt niet voor de Heere. En inderdaad is er veel onwil. We hebben ontdekkend licht nodig en de overtuigende kracht van de Heilige Geest. Maar als de liefde Gods in ons hart wordt uitgestort, dan gaan we willen wat God wil. Dan gaan we Hem van harte zoeken. Soms wordt het je ingefluisterd: "Stop overal maar mee. Met jou wordt het nooit wat". Aan de ene kant moet je die stem gelijk geven: van jezelf kun je niets verwachten. Er is zoveel onwil en onzuiverheid bij jezelf. Aan de andere kant kun je niet loslaten. Als het Woord en de dienst des Heeren je lief geworden zijn, dan blijf je toch de Heere verwachten. Tegelijk wordt de zonde een steeds grotere last. Hoe kom je ooit van je boze hart af? We gaan aan de Heere vragen of Hij ons bekeren wil. We zullen strijden, maar ervaren dat onze kracht zo gering is. Er zijn niet alleen de concrete zonden, er is een boos hart dat God en Christus niet wezenlijk erkent. Ook leren we dat onze zonde ons in de schuld stelt tegenover de Heere. Hoe moeten we daarvan bevrijd worden? Wat een grote vragen. Een schuldige zondaar voor God. Hoe worden zulke vragen opgelost?
De Heere Jezus is gekomen juist om zondaren en schuldenaren zalig te maken. Je gaat wel voelen dat je de geloofskennis van Hem nodig hebt. Dat het echt nodig is dat Hij eraan te pas komt. Dat Hij je redt; dat Hij aan je hart geopenbaard wordt; dat je door het geloof Hem leert kennen en op tot Hem leert vluchten. Want zo alleen kan het goed worden tussen de Heere en je hart. Zo alleen ook zal God aan Zijn eer komen in ons leven.
In Mattheüs 8 lezen we van een hoofdman. Hij had de Heere Jezus nodig en riep Zijn hulp in. Tegelijk voelde hij diep hoe onwaardig hij was. Dat zegt hij ook: Ik ben het niet waardig dat U onder mijn dak zou inkomen. Toch kan hij niet loslaten. Dat is de zuivere gang van het geloof. Eigen onwaardigheid inleven. Leren dat je strafwaardig bent, want God is heilig en rechtvaardig. En je krijgt God lief zoals Hij is. Tegelijk weet je heel diep en heel sterk: Hij alleen kan mij helpen. En Hij wil helpen. Hij is genadig en barmhartig, juist over ellendigen en armen. Weest alle drie de Heere bevolen.
Stel je vragen
Ds. P. Muider en de heer J.H. Mauritz beantwoorden vragen van jongeren. Heb je vragen? Mail naar steljevragen@cbgg.nl. Je kunt natuurlijk ook schrijven naar Redactie Daniël, Stel je vragen. Postbus 79, 3440 AB Woerden. Voor deze rubriek hoef je niet per se je naam er bij te zetten, maar dan krijg je ook geen antwoord als je vraag niet in Daniël beantwoord kan worden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 oktober 2004
Daniel | 32 Pagina's