JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Armoede in Nederland

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Armoede in Nederland

“De rijke wereldling, die nergens tijd voor heeft, is zo arm als een kerkrat”

9 minuten leestijd

"Mijnheer, kunt u mij vertellen wat dit brood kost?" Een oude dame - voorzien van rollator - vroeg mij dit in de plaatselijke supermarkt, wijzend op een halfje bruin. "Jawel mevrouw, 1 euro 27", antwoordde ik. Met een teleurgesteld gezicht legde ze het brood terug. Ze slofte verder. Beschaamd keek ik naar mijn volgeladen winkelwagen. Je zou het haast vergeten, maar armoede komt in Nederland nog regelmatig voor.

Oude mensen die van een AOW-uitkering moeten rondkomen, hebben het vaak niet breed. Zij missen een goed aanvullend pensioen, dat hun leeftijdgenoten in staat stelt om welvarend te ieven. Armoede beperkt zich echter niet tot deze groep, maar is een veel breder probleem. Van alle Nederlandse huishoudens (6,5 miljoen) hadden er in 2000 ruim 800.000 een laag inkomen. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) verzamelt deze cijfers, geholpen door het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Een gezin met twee kinderen heeft een laag inkomen als het minder verdient dan 17.000 euro per jaar. Voor een alleenstaande is dit ruim 9.000 euro.

Nu kan gesteld worden dat armoede in Nederland relatief is. Kijk eens naar ontwikkelingslanden. De armoede die daar heerst is toch van heel andere orde? Daar sterven dagelijks mensen van honger en dorst. In Nederland is daarvan toch geen sprake? Ook kan worden gekeken naar andere Europese landen. Nederland is van deze landen - naast Denemarken - het land met het laagste percentage armen. In Griekenland, Engeland en Portugal zijn bijna twee keer zoveel armen als in Nederland. Tenslotte zou de huidige armoede in Nederland vergeleken kunnen worden met - zeg - honderd jaar geleden. Wie bijvoorbeeld het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen bezoekt, komt zeker onder de indruk van de omstandigheden waaronder vroeger in Nederland geleefd werd.

 


Huishoudens onder de armoedegrens (1998)

Denemarken 9

Nederland 12

Oostenrijk 13

Duitsland 16

België 16

Frankrijk 18

Ierland 17

Spanje 19

Italië 20

Verenigd Koninkrijk 21

Griekenland 22

Portugal 20

Bron: Armoedebericht 2002 (CBS en SCP)

 


 

Steden

Toch moet het armoedeprobleem in Nederland niet onderschat worden. Opvallend is dat armoede in de grote steden het vaakst voorkomt. In Utrecht leeft 15% van de huishoudens op of onder de armoedegrens. In Rotterdam, samen met Amsterdam koploper armoede, is dit zelfs 22 %. Wie bedenkt dat de concentratie armen in bepaalde wijken ook nog eens veel hoger ligt, voelt wel aan tot wat voor problemen dit kan leiden. Opvallend is ook dat de armoede het minst voorkomt in de (kleinere) gemeenten van de Randstad. Met name in het noorden des lands, in Zeeland en in Limburg zijn er veel gemeenten waar armoede vaak voorkomt.

Zo vreemd is het overigens niet dat armoede niet gelijk over Nederland verdeeld is. In de eerste plaats komt dit omdat mensen met weinig geld goedkope huizen zoeken. Deze zijn vooral buiten de Randstad en in de arme wijken van grote steden te vinden. Hierdoor concentreert zich de armoede. In de tweede plaats zijn er gebieden waar het economisch niet zo goed gaat. Goed betaalde banen zijn in bepaalde regio's moeilijk te vinden, waardoor mensen eerder aangewezen zijn op een uitkering.

Wie denkt dat armoede zich beperkt tot Turken, Marokkanen en mensen uit andere niet-westerse landen heeft het mis. Wel is het waar dat onder deze groepen armoede veel vaker voorkomt. Van de 460.000 allochtone huishoudens leefde in 2000 33 % op of onder de armoedegrens. Voor autochtone Nederlanders is dit 11%. Dit verklaart natuurlijk ook waarom de grote steden zo slecht scoren. Juist daar wonen veel allochtonen.

 


Nibud-tips

Het Nibud geeft advies voor het goed omgaan met geld. Als er teveel wordt uitgegeven kan aan de volgende dingen gedacht worden:

Besparen op vaste lasten is meestal een kwestie van lange adem. Het duurt even voordat je er iets van merkt. 

Waar je wel meteen op kunt bezuinigen, is de auto, brommer of scooter. Minder rijden scheelt onmiddellijk in het benzineverbruik.

Ais er weinig geld is, is het verleidelijk om te besparen op de reserveringsuitgaven. Dat moet echter niet betekenen dat je straks de reparatie van de wasmachine niet meer kan betalen. Het kan wel betekenen dat je een jaar langer op je bankstel blijft zitten of wat minder kleding aanschaft.

Huishoudelijke uitgaven zijn vaak gemakkelijker te beïnvloeden. Let bijvoorbeeld wat meer op aanbiedingen. Ook menulijstjes, boodschappenlijstjes en slechts één maal per week boodschappen doen zijn handigheidjes die kunnen helpen.

Je kent wellicht de oude zegswijze "wie schrijft, weet waar het blijft". Dat geldt nog steeds. Een bepaalde periode bijhouden waar het geld blijft is vaak een goed hulpmiddel om weer greep op de financiën te krijgen. Je kunt er ook voor kiezen alleen op te schrijven wat je uitgeeft aan een bepaalde post, zoals voeding.

Als er in een huishouden bezuinigd moet worden, is de kans dat dat lukt groter wanneer alle gezinsleden daar de noodzaak van inzien en zich ervoor inzetten. Zo is zakgeld voor alle gezinsleden voor de persoonlijke uitgaven een goed hulpmiddel. leder gezinslid kan dan zijn eigen prioriteiten stellen.

Een andere mogelijkheid om uw begroting sluitend te krijgen, is zorgen voor extra inkomsten.

Heb je een laag inkomen, dan kun je bijzondere bijstand aanvragen voor kosten die u niet van uw eigen inkomen kunt betalen. Daarnaast hoeven inwoners met een minimum inkomen (of net daarboven) gemeentelijke belastingen vaak niet (helemaal) te betalen.

Inwonende verdienende kinderen of kinderen met een volledige studiefinanciering kunnen kostgeld betalen.


 

Politiek

Dat in Nederland armoede relatief minder vaak voorkomt dan in andere rijke landen heeft veel met de politiek te maken. In Nederland is ervoor gekozen om een uitgebreid systeem van uitkeringen op te zetten. Het doel hiervan was om ervoor te zorgen dat Nederlanders niet bang hoefden te zijn om van de honger om te komen. Zo kan iedere Nederlander sinds 1963 aanspraak maken op de Algemene Bijstandswet. Deze wet regelt dat iedereen een minimumuitkering krijgt. Wie zich verder wil verdiepen in het sociale stelsel kan zijn lol op. Naast de al genoemde ABW kan men in bepaalde gevallen terecht bij de ZW, WAO, WW, ZFW, AWBZ, AOW, ANW, AKW, WAJONG, TW, IOAW, IOAZ, WSW, WIW, WIK en WAZ...

Een woud van regelingen dus. Dat het beheren van dit woud een niet bepaald eenvoudige klus is, blijkt wel als je de krant goed volgt. Regelmatig sneuvelt er een regeling, wordt er een wet aangepast of een nieuwe maatregel verzonnen. Eigenlijk is het kernprobleem redelijk overzichtelijk. ledereen is het er wel over eens dat het sociale vangnet ervoor moet zorgen dat mensen die een probleem hebben, geholpen worden. Het lastige is echter dat het systeem niet te duur mag worden. Uitkeringen moeten betaald worden door degenen die werken. Meer uitkeringen betekent hogere belastingen voor de werkenden en daardoor minder inkomsten. Dit kan ertoe leiden dat mensen op een gegeven moment liever een uitkering hebben dan zelf gaan werken. En dat is natuurlijk niet de bedoeling.

Niet alleen wordt het systeem daardoor behoorlijk duur, ook worden mensen lui gemaakt. Veel herzieningen van bestaande regelingen zijn er dan ook op gericht om wel de mensen te helpen die het nodig hebben, maar niet de profiteurs. En dat is geen eenvoudige opgave.

 

Kerk en familie

Tot de overheid zich na de Tweede Wereldoorlog uitgebreid met armoede ging bemoeien door allerlei regelingen in het leven te roepen, was de zorg voor de arme vooral een taak van kerk en familie. In de Bijbel vind je een heel aantal teksten, die ieder mens de taak geeft om te zorgen voor de armen. De maaiers moesten bijvoorbeeld een deel van de akker laten staan voor de armen. Broeders die armoede leden, moesten geholpen worden. En het niet helpen van armen, of erger het verdrukken van de armen, wordt in de Bijbel duidelijk veroordeeld.

Familie en kerk hebben dan ook eeuwen veel aandacht besteed aan armenzorg. Dat de overheid uiteindelijk het grootste deel van die taak heeft overgenomen heeft twee oorzaken. In de eerste plaats bestonden er nogal wat misstanden. Zo waren er diaconieën die een grote D lieten schilderen op de klompen die ze aan arme kinderen gaven. Zo kon iedereen zien waarvan geleefd werd. Ook was er soms zoveel controle, dat de armen zich in een hoek gedrukt voelden. Toen de economische groei na de Tweede Wereldoorlog het mogelijk maakte om de overheid een grotere rol te geven, waren er dan ook veel mensen die graag van het juk van kerk en familie verlost werden. Daar kwam bij, en dat is de tweede reden, dat de ontkerkelijking ervoor zorgde dat mensen die niet bij een kerk waren aangesloten niet (of minder) geholpen werden. De overheid moest daardoor wel meer de rol van armoedebestrijding op zich nemen.

 

En jij?

Dat de overheid een steeds grotere rol is gaan spelen bij het bestrijden van armoede wil niet zeggen dat jij en ik geen taak hebben. Nog steeds wordt er zondags gecollecteerd voor de diaconie. Een deel van dit geld wordt gebruikt om mensen uit de eigen gemeente te helpen in moeilijke omstandigheden. Sommige mensen willen niet graag van de diaconie geld krijgen. Ze voelen zich dan afhankelijk. Maar afhankelijk zijn we toch allemaal? is het niet de Heere die zowel armen als rijken regeert? Dat geeft dus ruimte voor hen die het nodig hebben om vrijmoedig de kerk te vragen om hulp. Via de kerk zijn we er om elkaar te helpen. Overigens is het in het collectezakje stoppen van wat geld natuurlijk geen alibi om vervolgens de rest van ons inkomen voor onszelf te houden. Misschien ken je we! mensen om je heen die wat extra hulp goed kunnen gebruiken. Vergeet ze niet! Dat de Heere armen en rijken regeert, wil niet zeggen dat we in moeilijke omstandigheden maar in een hoekje moeten gaan zitten. Als het mogelijk is, moeten we onze van God gekregen gaven inzetten. Afhankelijkheid van de Heere mag niet verworden tot luiheid. Bid en werkt, geldt ook hiervan. Wat dat betreft kun je als christen goed meevoelen met de herziening van het armoedebeleid. Het Bijbelse principe is dat wie niet wil werken, geen eten heeft. Maar wie niet werken kan, moet eten krijgen. Een systeem waarbij profiteurs eenvoudig aan voldoende geld komen is niet goed. Maar dat moet niet betekenen dat de echte arme de dupe is van strengere regels.

 

Welvaart

Nederland is een welvarend land. Er is een traditie gegroeid van hard werken. Via opvoeding en onderwijs worden velen gestimuleerd zo ver mogelijk te komen. Pas hier wel mee op. De rijke hardwerkende wereldling die nergens tijd voor heeft dan voor werk, werk en nog eens werk, is zo arm als een kerkrat. Laat de schone schijn van voorspoed je niet verleiden. Ook wat dat betreft is er een evenwicht nodig tussen gezonde ontwikkeling van je zelf en je carrière en de tijd die de Heere van je vraagt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 2003

Daniel | 17 Pagina's

Armoede in Nederland

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 augustus 2003

Daniel | 17 Pagina's