Stromen van boven
Meditatie
Want Ik zal water gieten op den dorstige en stromen op het droge; Ik zal Mijn Geest op uw zaad gieten en Mijn zegen op uw nakomelingen. Jesaja 44: 3
Soms verlang je naar iets te drinken. Vooral als je hard moet werken in de hete zon. Toch is dat nog geen echte dorst. Zoals er verschil is tussen 'trek' en 'honger', zo is er ook groot verschil tussen 'dorstig' en 'smachtend'. Ieder mensenhart heeft dorst. Dorst naar iets dat bevredigt. Als je dan eens 'lekker drinkt' van deze wereld, dan lijkt die dorst weer even weg. Maar het is niet weg: de dorst komt weer terug, in een heviger mate. De Heere Jezus heeft die hartservaring aangeduid als: Een ieder, die van dit water drinkt, zal wederom dorsten. Worstel je met die leegheid van de wereld? Proef je al hoe zout het wereldse water is? Heb je al gemerkt dat, hoe meer je van de wereld drinkt, je hart steeds dorstiger wordt? Wil je niet meer drinken van de kelk van deze wereld?
"Nee, ik wil niet meer drinken van de wereld. Ik kan het daar niet meer vinden. Ik probeer echt m'n Bijbeltje te lezen. Urenlang. Elke week zoek ik God in Zijn Woord en in gebed. Elke zondag ga ik met verlangen naar de kerk. Mijn ziel brandt van verlangen naar God. Maar er vallen alleen maar hete druppels op mijn ziel. God is boos op me en terecht! Hij antwoordt mij niet en terecht! De preken zijn voor anderen mensen, maar mij gaat Hij voorbij. Telkens weer komen er zonden terug in mijn gedachten en dromen. Soms zie ik het water van Gods liefde en genade wel, maar ik kan er niet bij. Ik durf ook niet te denken dat het voor mij zou zijn."
"... En terecht!" zei je. Meen je dat nu echt of is dat napraten? Het is inderdaad terecht dat God ons laat staan of wegstoot. We hebben Hem niet alleen laten staan, maar nog erger. Lees maar eens mee in Jesaja 43 wat wij, mensen, Hem aangedaan hebben: Doch gij hebt mij niet aangeroepen, o Jakob, als gij u tegen mij vermoeid hebt, o Israël. (...) Gij hebt mij vermoeid met uw ongerechtigheden.
Wat is zonde toch erg! God spreekt natuurlijk in een beeldspraak om ons iets te laten voelen wat zonden aan Hem doen. Daarom ... en terecht! Terecht als Hij ons als een dorstige aan Zijn voeten laat liggen. Terecht ook als Hij de gevallen mens als 'droge grond' laat liggen.
"Maar..." zo begint dit 44e hoofdstuk van Jesaja. God was nog niet klaar met Zijn oude verbondsvolk Israël. De belofte die boven deze meditatie staat is vervuld op de Pinksterdag. God heeft Zijn Geest uitgestort op Zijn dorstige Kerk, maar ook op het droge land van onherboren zielen. In die Godsdaad ligt de hoop voor dorstige en voor droge zielen. Kun je geen leven in je hart vinden? Zoek het daar ook niet langer. Hoe langer je naar dorre grond kijkt, hoe droger het lijkt. Kijk uitziende omhoog... naar die God Die Zijn Woord vervulde daar op die Pinksterdag in Jeruzalem. Hij beloofde dat Hij water zou gieten! Niet druppelen, maar gieten. Geen druppeltjes, maar stromen. Heeft Hij het niet gedaan? Kijk eens wat er gebeurde op die Pinksterdag. Niet alleen dorstige en wachtende discipelen werden gelaafd met het water van Gods Geest, maar ook die droog en dood waren, werden aangeraakt door die Geest. Wat een sterke en volle stromen van Zijn Geest zijn sindsdien op de wereld uitgegoten! Duizenden, nee, miljoenen zijn door die stromen van Gods Geest uitgesproten, als wilgen tussen het gras, van geslacht tot geslacht (Jesaja 44: 4). Niet alleen ouderen, maar ook jongeren: Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien (Handelingen 2: 17). Lees nog eens even mee wat God zegt in Jesaja 59: Als de vijand zal komen gelijk een stroom, zal de Geest des HEEREN de banier tegen hem oprichten. Die vijand heeft ook de kerk niet onaangetast gelaten. Hij heeft ons hart ingenomen, Erger nog, we hebben zelf de poorten voor die vijand open gedaan. En toch, dan zijn Gods beloften onze enige houvast en hoop. Hij was gedachtig aan Zijn belofte. En als de dag van het pinksterfeest vervuld werd. Zoek de Heere en Zijne sterkte. Wacht toch op Hem, vraag Hem maar veel om Zijn Geest op je hart uit te storten. Niet in druppeltjes, maar in stromen. Vraag het niet alleen voor jouw dorstig hart, maar ook voor je droge en dorre buurman of collega; voor je broer en zus; voor nicht en neef. Hij heeft het immers beloofd: Ik zal water gieten op den dorstige en stromen op het droge; Ik zal Mijn Geest op uw zaad gieten en Mijn zegen op uw nakomelingen. Dat is niet omdat iemand dat waardig is. Gods genade is zo machtig rijk omdat het juist zo soeverein is. Dat geeft moed om te bidden, zelfs als het zo droog geworden is door al mijn eigen doen en laten.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 juni 2003
Daniel | 32 Pagina's