Geen tijd meer
Meditatie
... dat er geen tijd meer zal zijn. Openbaring 10: 6c.
Tijd kun je niet zo gemakkelijk omschrijven. We drukken de tijd uit in uren, dagen, maanden en jaren. Vooral in onze jachtige wereld is tijd kostbaar. Tientallen jaren geleden stuurden we een brief naar Canada gewoon met de post, die gebruik maakte van de boot. Dat duurde enkele weken. Nu doen we dat anders, we faxen, we e-mailen of we sturen een sms'je. Het vraagt maar een paar seconden. Alles gaat sneller, maar we hebben steeds minder tijd. Probeer maar eens een afspraak met iemand te maken. Hoe vaak krijg je niet te horen: ik heb geen tijd.
Geen tijd. Het is het woord van een engel die Johannes ziet staan op de zee en op de aarde. De engel heft zijn hand op naar de hemel. Hij roept de hemel tot getuige en hij zweert bij Dien, Die leeft in alle eeuwigheid..., dat er geen tijd meer zal zijn. Het rekenen in uren, dagen, maanden en jaren zal dan ophouden. Wanneer zal dat zijn? Als (vers 11) de zevende engel gebazuind zal hebben. Daarom is het geen tijd meer in onze tekst zo aangrijpend. De tijd gaat door. Niemand kan die stilzetten. Alleen God Zelf kan dat. Eenmaal zal Hij, Die leeft tot in alle eeuwigheid, de tijd stilzetten. Als Christus komt op de wolken des hemels, zullen de wijzers van de klok stilstaan.
Geen tijd meer. Dat is voor veel mensen in 2002 reeds waar geworden. Hun tijd was op. Hun tijd ging over in de eeuwigheid. De genadetijd was ten einde. Voor jou nog niet. Je zult ongetwijfeld in 2002 ook vaak gezegd hebben: geen tijd. Tijd tekort om alles te doen wat je meende te moeten doen. En wat schiet dan de tijd voor het belangrijkste wat je moet doen er vaak bij in. Of heb je daar tijd voor gehad, voor het zoeken van Gods Koninkrijk? Of moest je elke keer aan het eind van de dag zeggen: geen tijd meer voor de dingen van de eeuwigheid. Eigenlijk niet eens aan gedacht.
Je moet in het nieuwe jaar de keren dat je zegt: geen tijd eens turven. Je zult er versteld van staan, hoe vaak je zoiets zegt. Misschien heb je wel goede voornemens voor dit jaar. Vraag of de Heere je tijd wil geven om de vraag te overdenken, hoe het met je zal zijn als de tijd ophoudt. Of Hij die vraag door Zijn Heilige Geest op je hart wil binden.
De tijd die achter ons ligt, is geen tijd meer. Niet in het natuurlijke, maar ook geen genadetijd meer. Hoeveel genadetijd de Heere nog geeft, weten we niet. Het zou kunnen dat de Heere in het komende jaar tegen je zegt: geen tijd meer. Het is genoeg geweest. Geloof je niet dat dit kan? Kijk dan eens om je heen. Tel ze eens op die in je familie, in je naaste omgeving, in de kerk, overleden zijn. Leg de vraag er eens bij: waarom ik niet? Het is toch alleen maar omdat de Heere nog lankmoedig over je is en nog geen lust heeft in je dood. Hij roept nog op tot bekering.
Geen tijd meer. Voor hen die Christus tot hun deel mogen hebben, zal het niet erg zijn als de tijd ophoudt. Er zijn weleens ogenblikken in het leven van Gods kinderen dat ze daarnaar uitzien. Geen tijd meer om te kunnen zondigen, geen tijd meer van moeite en verdriet over zoveel onheilige dingen die ze nog bij zichzelf waarnemen, geen tijd meer van verdrukking, maar om eeuwig bij God te zijn. Zijn er bij jullie die daar weleens naar uitzien? O Heere, wanneer komt die dag, dat ik toch bij U mag wezen, en zien Uw aanschijn geprezen? Die tijd is dichterbij gekomen. Want de tijd die achterligt, komt niet meer terug. De tijd van strijd kort in. Nog een klein ogenblik. Hier op aarde heb je dan maar een verdrukking van tien dagen en dan zal er geen tijd meer zijn. Misschien zal dit nieuwe jaar de oudejaarsavond van je leven brengen. Als je Christus tot je deel hebt, zal die oudejaarsavond je brengen in de eeuwige vreugde en onbepaalde blijdschap. Dan rekenen we niet meer met dagen, uren, maanden, jaren. Aan de wand van het Godsgebouw met zijn vele woningen hangt geen klok, maar dan zullen we altijd bij de Heere zijn. Geen tijd meer, maar hun blijdschap zal dan onbepaald, door 't licht dat van Zijn aanzicht straalt, ten hoogste toppunt stijgen.
Geen tijd meer. Hoe zal het met je zijn als de slinger van de klok van je leven verstilt? Zal dan de genadetijd voorbij zijn, zonder dat je die hebt uitgekocht? Of zul je ingaan in de eeuwige en storeloze rust, die er overblijft voor al Gods kinderen?
Zijt dan nuchteren en waakt in de gebeden. Te allen tijde biddende, dat gij moogt waardig geacht worden te ontvlieden al deze dingen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 januari 2003
Daniel | 33 Pagina's