Schriftkritiek steekt soms zomaar de kop op
Kritiek op de Bijbel leidt uiteindelijk tot volslagen ongeloof
Af en toe lijken er foutjes in de Bijbel te staan. Werd Bartimeüs genezen toen Jezus Jericho naderde of toen de Heere de stad weer verliet? Mattheüs en Markus lijken wat anders te zeggen dan Lukas. En soms lijkt de Bijbel niet compleet. Want waarom is de Bergrede in Mattheüs drie keer zo lang als in Lukas? En de plaats waar de Bergrede werd uitgesproken? Mattheüs spreekt over een berg, maar Lukas over een vlakte... Bij het lezen van zulke voorbeelden kunnen vragen soms zomaar de kop opsteken.
Met het woord 'schriftkritiek' wordt de houding van veel moderne Bijbelwetenschappers aangeduid. Een houding die de Bijbel en het ontstaan ervan tot onderwerp van kritisch-wetenschappelijk onderzoek maakt. Die wetenschappers kennen Gods Woord niet meer het absolute gezag toe. De Bijbel is volgens hen een bonte verzameling van verhalen en tradities die door elkaar lopen in één Bijbelboek en soms zelfs in één hoofdstuk. Op een gegeven moment zijn deze verhalen door een eindredacteur definitief samengebundeld.
Schriftkritiek is in zekere zin zo oud als de wereld zelf. In het paradijs heeft de vader der leugenen vraagtekens gezet bij het spreken van God. Is het ook, dat God gezegd heeft... En in plaats van te buigen voor het gezag van God, heeft de mens geluisterd naar de satan. Schriftkritiek is een vorm van hoogmoed: de mens wist het beter dan God. Door de zonde leest niemand van nature de Schrift onbevangen. Kritische vragen kunnen zomaar opkomen. Is het wel waar dat God gesproken heeft door Mozes? Is het waar dat de 66 boeken de inhoud van Heilige Schrift vormen?
Schriftkritiek begint vaak heel voorzichtig en lijkt in het begin onschuldig. De mens stelt vragen bij de verschillen die er in de Bijbel staan. Maar langzamerhand nemen de kritische vragen toe en kunnen zelfs de overhand krijgen. Het beruchte voorbeeld hiervan is de geschiedenis van de Gereformeerde Kerken in Nederland. Het begon met de kwestie Geelkerken: heeft de slang werkelijk gesproken? Het eindigde met Kuitert...
Schriftkritiek leidt uiteindelijk tot volslagen ongeloof.
Verdacht
Veel kritiek is er van de kant van de wetenschap op het Oude Testament. De schepping? Daar gelooft bijna niemand meer in. Dat de slang in het paradijs gesproken heeft? Dat kan toch niet waar zijn?
Ook op het Nieuwe Testament zijn vele vurige pijlen afgevuurd. Dat er iemand geweest is op aarde, met de naam Jezus, woonachtig te Nazareth in Palestina en gestorven in de tijd van Pontius Pilatus zal vandaag niemand ontkennen. De vondst in Israël in oktober 2002 van een ossuarium - een kalkstenen kistje met beenderen van Jacobus - met daarop de Aramese inscriptie 'Jacobus, zoon van Jozef, broer van Jezus' is een van de vele buitenbijbelse bewijzen, dat Jezus werkelijk geleefd heeft.
Voor de wetenschap heeft deze vondst uit 63 na Christus zeker een archeologische waarde. Maar de Leidse hoogleraar H.J. de Jonge beweert dat het zeer waarschijnlijk gaat om een vervalsing. Zijn redenering? De Jonge vindt vooral de verwijzing naar Jozef verdacht. Waarom? De Jonge: "Jozef komt als Jezus' vader pas voor in de Evangeliën van Lukas en Mattheüs. Het oudste Evangelie, dat van Markus, vermeldt Jozef nog niet." Het is dus volgens De Jonge niet erg waarschijnlijk dat het evangelie van Markus, dat dateert uit 70 na Chr., Jozef niet kent en het ossuarium uit 63 wel! Het kistje is dan voor hem vermoedelijk 'christelijk maakwerk' uit de tijd nadat Lukas en Mattheüs hun Evangeliën schreven. En zo onderwerpt De Jonge alles aan zijn redenering...
Bewijzen
Dat Jezus historisch bestaan heeft, is overigens vroeger wel door velen geloochend. Maar de huidige moderne wetenschap twijfelt daar niet echt meer aan. Er zijn in de loop van de jaren te veel bewijzen boven tafel gekomen. Wat wel een vraag blijft voor de geleerden is: wie was Jezus van Nazareth? En een vraag die hier zeer nauw mee samenhangt: geven de Evangeliën een getrouw beeld van Hem? Of geven zij een vervorming? Wie hier meer over wil weten en goede Bijbelse antwoorden wil hebben, moet bet boek van ds. C. Harinck lezen: Wie is Jezus van Nazareth?
De belangrijkste vraag is ook inderdaad: welk beeld moeten wij van Jezus hebben? De vraag die Christus Zelf al gesteld heeft: Wie zeggen de mensen, dat Ik, de Zoon des Mensen ben? De vraag: wat dunkt u van de Christus? is een vraag van eeuwigheidsbelang!
Maar: in de Bijbel staan toch nogal eens verschillen? Verschillen in getallen, bijvoorbeeld. In Genesis 15: 13 staat dat Israël vierhonderd jaar in Egypte zal zijn. In Exodus 12: 40 en Galaten 3: 17 staat echter dat het om 430 jaar ging. Een ander bekend voorbeeld is dat van de volkstelling door David. In 2 Samuel 24: 1 staat dat de HEERE David aanporde, terwijl in 1 Kronieken 21: 1 de satan David aanzette. Verder zijn er nog verschillen in tekstverwijzingen. In Mattheüs 27: 9 staat: Toen is vervuld geworden hetgeen gesproken is door de profeet Jeremia. De kanttekeningen: Deze plaats wordt niet gevonden bij Jeremia, maar bij Zacharia 11: 13...
In de krant
Soms lijkt de Bijbel gewoon niet te kloppen: Als nu Jezus te Kapernaüm ingegaan was, kwam tot Hem een hoofdman over honderd, biddende Hem en zeggende: Heere! mijn knecht ligt tehuis geraakt, en lijdt zware pijnen (Mattheüs 8: 5,6). Maar Lukas vertelt het wat anders: En een dienstknecht van een zeker hoofdman over honderd, die hem zeer waard was, krank zijnde, lag op zijn sterven. En van Jezus gehoord hebbende, zond hij tot Hem de ouderlingen der Joden, Hem biddende dat Hij wilde komen en zijn dienstknecht gezond maken (Lukas 7: 2,3). Hoe dat kan? In de krant staat ook regelmatig dat 'de minister-president zei dat', terwijl eigenlijk zijn woordvoerder namens hem sprak...
Zulke verschillen zijn door de eeuwen heen natuurlijk ook opgemerkt door Calvijn en anderen. Geen domme jongens en toch hadden zij daar geen problemen mee... Daaruit blijkt wel dat de houding ten opzichte van de Bijbel heel belangrijk is: wie niet negatief-kritisch met de Bijbel omgaat, heeft vaak geen moeite met zulke 'tegenstrijdigheden'.
Herodus
Met wat positief nadenken is een goede uitleg zo gegeven. Op dat van de toedracht van de genezing van Bartimeüs bijvoorbeeld. Lukas schrijft dat de genezing plaatsvond toen Jezus Jericho naderde (Lukas 18: 35), terwijl Mattheüs en Markus zeggen dat het gebeurde toen Jezus de stad verliet (Mattheüs 20: 29 en Markus 10: 46). Er zijn verschillende verklaringen voor dit probleem. Het kan zijn dat Mattheüs en Markus spreken over het oude Jericho, maar Lukas over het nieuwe, dat Herodes de Grote bouwde ten zuiden van de oude stad. De ontmoeting kan hebben plaatsgevonden tussen de beide Jericho-steden. Een andere mogelijkheid is, dat Jezus zonder oponthoud door Jericho is getrokken, omdat er geen onderdak werd gevonden (Lukas 19: 1). Toen Hij aan de andere kant van de stad kwam, ontmoette Hij daar Zacheüs en ging met hem mee naar huis (Lukas 19: 1-6). Het was daar, aan de andere zijde van de stad, dat de blinden werden genezen. Het moment kan in dit geval zowel omschreven worden met 'bij aankomst in' als met 'bij vertrek uit' de stad. Ten derde is het ook nog mogelijk dat Jezus zowel bij Zijn aankomst in als bij zijn vertrek uit de stad blinden heeft genezen. Het verschil tussen de Evangeliën betekent dus niet dat het één het ander uitsluit of tegenspreekt! En de Bergrede? Lukas heeft maar een deel van de rede overgeleverd en mogelijk heeft zelfs Mattheüs niet de hele rede bewaard. Dat Mattheüs spreekt over een berg (Mattheüs 5: 1), waar Jezus heeft gesproken en Lukas over een vlakke plaats (Lukas 6: 17), is niet tegenstrijdig. Het is goed mogelijk dat Christus sprak op een vlakte in de bergen. Lukas schrijft namelijk: En met hen afgekomen zijnde, stond Hij op een vlakke plaats. Oftewel: En Jezus daalde met hen de berg af en bleef staan op een vlakke plaats. Hetzelfde gebied kan een vlakte of een berg genoemd worden, afhankelijk van het oogpunt van waaruit de schrijver het bekijkt.
Moeilijk
Maar sommige 'problemen' zijn niet zomaar op te lossen. Petrus wist dat ook. In zijn tweede brief, hoofdstuk 3: 16, schrijft hij dat sommige delen in de brieven van Paulus 'zwaar' zijn om te verstaan. Inderdaad: niet alleen sommige stukken in de brieven van Paulus, maar ook delen in de geschriften van sommige profeten en het boek Openbaring zijn moeilijk te begrijpen. Eerbiedig luisteren en buigen, dat leert Petrus. Hij schrijft dat er ongeleerde en onvaste mensen zijn die de Schriften verdraaien. En, voegt Petrus, voegt de Heilige Geest als de Auteur ook van dit Schriftwoord, er aan toe: tot hun eigen verderf.
Maar hoeveel bewijzen er ook aan te voeren zijn voor de betrouwbaarheid van Gods Woord, de Heilige Schrift ontleent haar gezag aan de Auteur. De eeuwige God is Zelf de Auteur van Zijn Woord. Hij heeft door Zijn Geest mensen gedreven om de heilige dingen te boek te stellen. Schriftkritiek? Het is van belang te weten wat de Heere Zelf zegt over het gezag van Zijn Woord. Dat is het punt waar het over gaat. En niet: wat zegt de mens. Het gaat niet om wat de mens meent, of wat de wetenschapper zegt en zelfs niet over wat de gelovige voelt. Het gaat erover wat de Schrift Zelf zegt over het gezag van de Schrift!
Op meerdere plaatsen in de Schrift staat daar wat over te lezen. In het begin van de Bijbel en op de laatste bladzijde ervan. De Heilige Geest deed Mozes in Deuteronomium 4: 2 opschrijven: Gij zult tot dit woord dat ik u gebied, niet toedoen; ook daarvan niet afdoen...
En dezelfde Heilige Geest doet Johannes in Openbaring 22: 18 en 19 optekenen: Indien iemand tot deze dingen toedoet, God zal over hem toedoen de plagen die in dit boek geschreven zijn. En indien iemand afdoet van de woorden des boeks dezer profetie, God zal zijn deel afdoen uit het boek des levens, en uit de heilige stad, en uit hetgeen in dit boek geschreven is.
En in 2 Timotheüs 3: 16 staat te lezen: Al de Schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing die in de rechtvaardigheid is.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 november 2002
Daniel | 30 Pagina's