Christus de open Deur
Ik ben de Deur. Johannes 10: 9a.
Ik ben de Deur. Deze woorden zegt de Heere Jezus tegen de farizeeërs die dachten dat zij midden in het Koninkrijk van God stonden. Maar nu gaat de Heere Jezus tegen ze zeggen, dat ze buiten staan. Hij vergelijkt Zichzelf dan met de goede Herder. De Heere Jezus vertelt dat Hij schapen heeft die Hij bij name noemt en die Hem volgen. Maar de farizeeërs begrijpen dit beeld niet. Of liever gezegd, ze willen Hem niet begrijpen. Zij willen niet als herder afgezet worden en een ander hun plaats laten innemen.
Maar als zij het niet willen begrijpen, komt de Heere Jezus met een ander beeld. Hij zegt: Ik ben de Deur der schapen. De Heere Jezus spreekt over een ommuurde ruimte waar de schapen 's avonds heengebracht worden om ze te beschermen tegen rovers en wilde dieren. In zo'n muur was één opening gelaten, waar de schapen doorheen konden. Als alle schapen binnen waren, ging de herder in de opening zitten. Er kon dan geen schaap uit en geen rover kon er in. Dan was de herder de deur der schapen. Nu wordt duidelijk wat de Heere Jezus bedoelt, als Hij zegt Ik ben de deur der schapen. Achter die Deur loopt de kudde van Christus. Daar is het Koninkrijk van God. Nu zegt de Heere Jezus: "U kunt nooit in dat Koninkrijk komen en die gemeenschap met God hebben dan door die Deur, door Mij".
Eens hebben we in de gemeenschap met God geleefd in het paradijs. Maar de deur naar Gods gemeenschap hebben wij door onze zondeval met één klap dichtgegooid en gezegd: "Die hoeft nooit meer open". Onze zonden maken scheiding tussen God en ons en er is geen toegang meer tot God. Maar nu zegt Christus: "Ik ben de Deur". Hij bedoelt dat er een toegang is tot het Koninkrijk van God en dat Hij Zelf die toegang is. Dat wordt jullie nu voorgesteld: Christus is de Deur. Hij is de toegang. Daartoe heeft Hij al de ongerechtigheden van de Zijnen op Zich geladen. Christus heeft die in het gericht van God gedragen. Hij is in dat recht van God gaan staan. Hij heeft dat recht verheerlijkt. En nu is Christus de Deur tot de gemeenschap met God. De Heere Jezus heeft aan het kruis geroepen: "Het is volbracht!" Toen is het voorhangsel in de tempel gescheurd. Dat wil zeggen, dat de toegang tot het heiligdom is ontsloten en dat er nu in de weg van Zijn bloed een toegang is te verkrijgen.
Christus zegt met nadruk: "Ik ben dé Deur". Er is er maar één! En waar het nu om gaat in jouw leven, is of jij deze Deur nodig hebt. Of leef je nog gerust buiten Gods gemeenschap. Meisjes en jongens, leven jullie nog buiten die schaapskooi van Gods Koninkrijk? Nog nooit de Heere Jezus Christus nodig gehad om weer in Gods gemeenschap te komen?
Er zijn veel mensen die nog buiten die Deur leven. Die hebben nog nooit geklopt op die Deur, hoewel ze week aan week in de prediking hebben gehoord van deze Deur. Maar ze leven gerust door en kunnen het buiten God stellen. Leef jij zo? Dan moet ik je zeggen dat je straks voor eeuwig zult omkomen. Dan zul je er achter komen wat het is om buiten God te leven. Nu komt nog de nodiging tot jullie: Ik ben de Deur! Je zult door Hem moeten ingaan.
Andere mensen zijn druk bezig om een deur te maken van eigen ontwerp. Zo kunnen we bezig zijn met de deur van het wetticisme. Maar deze deur is door God afgekeurd. Een ander is weer druk bezig met de deur van de rechtzinnigheid. Ook onze bevindingen kunnen wij tot een deur verklaren. Maar God keurt al deze deuren af, want ze zijn Jezus niet. Zij laten ons buiten het bloed en de gerechtigheid van Christus. Dit is een ernstig woord tot ons. De Heere Jezus zegt niet: "Ik was de Deur". Dan was het voorbij. Hij zegt ook niet: "Ik zal de Deur zijn". Want dan zouden wij niet weten of wij het ogenblik zouden beleven, dat wij Hem zouden ontmoeten als de geopende Deur. Nee, de Heere Jezus zegt: "Ik bén de Deur!". Dat wil zeggen, dat Hij nóg open staat. Want dit is nóg de dag der zaligheid. Maar straks zal deze Deur gesloten worden, zoals de Heere ook de deur van de ark van Noach sloot. Als we sterven, gaat deze Deur dicht. Dan is er geen verzoening, geen verlossing en reiniging meer mogelijk in het bloed van het Lam. Dan gaat deze Deur voor eeuwig dicht en zullen we met de dwaze maagden roepen: "Onze lampen gaan uit!".
Nu staat deze Deur nog open. Boven deze Deur staat geschreven: "Klopt en u zal opengedaan worden. Zoekt en gij zult vinden". Wat is het nodig om deze Deur binnen te gaan.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 september 2002
Daniel | 30 Pagina's