En er werd grote stilte
Er woei een grote storm van smart
over mijn levenszee,
de baren sloegen over mijn schip,
alzo, dat het vol werd van wee.
En Jezus was met mij in het schip,
maar nu was het nacht en Hij sliep.
Ik wekte Hem op in mijn grote angst,
ik wekte Hem op en riep:
'Bekommert het U, o Meester, niet
dat ik verzink, verzink?'
Hij, opgewekt zijnde, bestrafte de wind,
die aanstonds liggen ging.
Hij sprak tot de golven: 'Zwijg, wees stil!'
De golven legden zich neer,
en er werd grote stilte.
Ik sprak vol eerbied: 'Het is de Heer'.
Ik sprak: 'O mijn ziel! Waarom zo bevreesd?
Hoe is uw geloof zo klein?
Het is de Heer' Wie ook de wind
en de zee gehoorzaam zijn.'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 april 2002
Daniel | 30 Pagina's