Geen fundamentalist, wel een vast fundament
Jongerenbijeenkomst Woerden 'Jij na 11 september'
"Daar zit hij achter de stuurknuppel. Met de moed der wanhoop in de ogen. Hij boort zich met zijn vliegtuig in een van de torens van het WTC in New York. In opdracht van Osama Bin Laden en Allah. Satan lacht in de rookpluim. Martelaren, gedreven door haat." Zo verwoordt ds. C.G. Vreugdenhil de gebeurtenissen van 11 september 2001. Ruim duizend jongeren zijn bijeengekomen in de Bethlehemkerk van Woerden op de traditionele Tweede Paasdagbijeenkomst. De heer C.G. van der Staaij wijst in zijn lezing het etiket fundamentalist krachtig af: "Wij willen wel staan op het fundament van de Bijbel, maar moeten krachtig afstand nemen van de naam fundamentalist."
"'America under attack'. Het nieuws van 11 september. De wereld is uit zijn doen. Drieduizend doden, grote economische gevolgen, oorlog in Afghanistan, wereldwijde aandacht voor de islam, de Bijbelverkoop gaat omhoog in Amerika, de verkoop van de Koran stijgt in de rest van de wereld. Op 11 september is de wereld toch niet fundamenteel veranderd. Er is wel verandering mogelijk: Jezus Christus is in deze wereld gekomen om zondaren zalig te maken. Heb jij Zijn stem gehoord? Dit betekent: Zijn voetstappen drukken en iets van de smaadheid van Christus dragen." De heer J.H. Mauritz introduceert hiermee het thema van de avond.
Fundamentalist: haat en geweld
Tweede Kamerlid mr. C.G. van der Staaij krijgt het woord. "De laatste 25 jaar is het woord 'fundamentalist' veel gebruikt voor gewelddadige moslims, maar Elsevier schreef onlangs ook over 'lieve fundamentalisten van eigen bodem'. De toon was mild, maar was wel gezet. Fundamentalisme wordt ook gebruikt voor mensen die hun normen willen opleggen aan anderen, bijvoorbeeld ten aanzien van euthanasie en homohuwelijk.
Wat moet je dan onder fundamentalisten verstaan? Men zoekt een krachtige term voor afkeuring van haat en geweld tegen en onderdrukking van andersdenkenden. Zijn wij ook fundamentalist? Nee, de SGP treedt nooit met geweld op en roept ook niet op tot een staatsgreep en is daarom niet te vereenzelvigen met bommengooiers. De haat spreekt soms uit de gezichten. Is het niet te weerspreken dat wij geen fundamentalist zijn, als onze gezichten zouden spreken van liefde tot de naasten?
Fundamentalisten denken dat ze het gelijk aan eigen kant hebben. Het toegenomen gebruik van het woord 'fundamentalist' in de zin van onverdraagzaamheid heeft te maken met het toegenomen heersende relativistische denken in de samenleving. Zijn wij dan fundamentalist? Nee, maar ook geen relativist.
In de kerk
Binnen de kerk is de term fundamentalisme in de twintiger jaren van de vorige eeuw ontstaan als aanduiding voor mensen die de Bijbel te letterlijk nemen zonder op het verband te letten. Vrijzinnigen als Kuitert gebruiken deze term voor mensen die geloven in absolute waarheden als de opstanding. Zijn wij fundamentalist? Nee, maar ook geen vrijzinnigen.
Wat dan wel? Paulus roept uit dat Christus nog met Zijn levenwekkende werk voortgaat. Na 11 september geldt dan voor ons dat we geen fundamentalist zijn, maar wel moeten staan op het vaste Fundament Christus."
Zijt getrouw
Ds. Vreugdenhil begint met de brief aan de gemeente van Smyrna: Zijt getrouw tot den dood en ik zal u geven de kroon des levens. Hij vervolgt zijn lezing met enkele voorbeelden van islamitische martelaars: een vlieger die het WTC invloog, Arafat die bereid is de dood te sterven en een dader van een zelfmoordaanslag in Jeruzalem. "Zij worden gedreven door haat. Maar de Heere Jezus is getrouw tot in de dood uit eeuwige zondaarsliefde. De martelaren in de vroege kerk waren ook getrouw tot in de dood. Voor Wie waren zij bereid te sterven? Deze vraag bracht vele Romeinen tot Jezus Christus. Dit was het geheim van de uitbreiding van de kerk. Martelaarschap uit liefde! Alleen wie voor die Naam sterft, krijgt de martelaarskroon. Als het christendom dan zo exclusief is, dat er geen andere Naam onder de hemel is door Wie we kunnen zalig worden, dan is het onbestaanbaar dat een christen niet getuigt. Dit betekent trouw bewijzen tot in de dood. Trefwoorden in de brief aan Smyrna zijn: verdrukking, smaad, lijden en laster. Er sterven momenteel 160.000 christenen per jaar de marteldood. Zou jij belijdenis gedaan hebben, als je wist dat het je leven zal kosten? Je houdt dit niet vol als je naamchristen bent. De Heere Jezus roept op om Zijn kruis te dragen. Dat is geen weg van glorie, maar van smaad. Als je Hem volgt, kom je alleen te staan. Smyrna werd letterlijk het brood uit de mond gestoten. Beklagenswaardig? Ik weet uw armoede, maar gij zijt rijk. Je ziet twee lijnen: opgaand en neergaand. Het is maar een verdrukking van tien dagen en er mag ook vreugde zijn onder het kruis. Als je Christus volgt, ben je niet rijk in deze wereld. Daarom: als de Heere niet bij je is, ga je onderuit. Maar: in de Heere ben je krachtig. De Heere vraagt om heel concreet christen te zijn in je dagelijkse leven. Hoop je op Hem, de opgestane Levensvorst? Heb je met al je zonden en schuld Hem nodig gekregen? Ben je bezig met deze kroon des levens? Toen de brief aan Smyrna werd voorgelezen was de jonge Polycarpus in de kerk. Zestig jaar later brandden de woorden nog in Zijn hart. Hij moest de brandstapel op en riep uit: '86 jaar heb ik Hem gediend, hoe kan ik Hem nu verloochenen? Ik dank u God, dat U mij waardig geacht hebt te drinken de beker van Christus'. Hij werd van de eerste dood gegrepen, maar door de tweede dood niet beschadigd, want hij kreeg de kroon des levens."
Geen fundamentalist maar fundamenteel
Na de pauze waren er veel vragen. 'Moeten we fundamentalisme niet wat positiever benaderen? We leven toch op een fundament?' Van der Staaij: "We hebben wel een fundament, maar zijn geen fundamentalist. We willen wel sociaal zijn, maar zijn ook geen socialist. 'Ismen' zijn vaak ontsporingen. We moeten ons niet laten aanwrijven, dat we over een kam geschoren worden met bommengooiende terroristen. Bij 'fundamentalist' gaat het om niet zomaar een scheldwoord, want het wordt in de sfeer van staatsgevaarlijke burgers getrokken tegen wie je mag en moet optreden. Het maakt de publieke opinie rijp voor maatregelen. Het wordt nu veel gebruikt in het betekenisveld van haat. Daarom wil ik nu afstand nemen. Onze voorouders in de negentiende eeuw accepteerden ook de naam 'dwepers' niet."
"Hoe kun je uitdragen als Christus je Fundament niet is?" Volgens Van der Staaij moet allereerst het antwoord zijn, dat er geen vrede en rust in je hart kan zijn, als je niet op Chrisus gefundeerd bent. Laat maar gerust merken dat je met deze vraag worstelt. "Deze onvanzelfsprekendheid kan soms het gesprek met anderen vergemakkelijken. Die hebben te vaak dit beeld van vanzelfsprekendheid."
Niet opdringen?
"Hoe ga je om met de houding: jij je mening, maar je moet deze niet aan mij opdringen?" Van der Staaij: "Soms zijn dingen zo belangrijk voor de maatschappij, dat we ze niet over kunnen laten aan de persoonlijke keuzes. Als je voor het recht van levensbeëindiging bent, dan ontstaat niet alleen een probleem voor artsen en verpleegkundigen, maar kun je ook zelf met de vraag worden geconfronteerd: 'meneer, zou u niet eens gaan denken aan euthanasie?'"
De heer Mauritz stelt vervolgens de vraag: "Het lijkt soms wel of u zomaar getuigt in de Tweede Kamer. Klopt dit?" "Getuigen blijft moeilijk. Je zoekt vaak een verder gesprek te hebben. Het gebeurt meer dan eens, dat je energie erin stopt om het tot in de puntjes op papier te hebben, maar dan lukt het juist niet. Je moet niet je vertrouwen op jezelf, maar op God stellen." Ds. Vreugdenhil beaamt dit: "Soms stuntel je, juist als je het aardig op papier hebt, je hebt de bediening en zalving van de Heilige Geest zo nodig, hoewel het ons niet ontslaat van de plicht tot voorbereiding."
Wat stralen we uit?
Een 17-jarig meisje vraagt: "Soms denk je aan het eind van de dag wel eens: wat heb ik weinig voor Hem gedaan. Wat moet ik hiermee?" Ds. Vreugdenhil: "Aanhouden bij de Heere. Laat het zo zijn: 'Ik laat u niet los, tenzij Gij me zegent'."
Een andere vraag gaat in op vervolging: "Wordt er in Nederland niet vervolgd, omdat we weinig uitstralen?" Van der Staaij stelt een wedervraag: "Stralen we niet zo weinig uit, omdat we niet vervolgd worden? Voor velen komt het soms wel sympathiek over als je een overtuiging hebt. De ergernis komt vaak pas als je de exclusiviteit benadrukt. Je leven kan ook tot navolging leiden, zegt zondag 32. Maar als je altijd lauwheid oproept, dan moet je wel alles nakijken. Het komt ook voor dat niet-lijden duidt op niet serieus genomen worden, omdat het ongeloof in de omgeving zo sterk is. En dat is ook lijden."
Ds. Vreugdenhil voegt hieraan toe, dat het ontbreken van vervolging ook te maken heeft met Gods leiding. "Wij leven, Gode zij dank, in een rechtsstaat waarin vrijheid mag zijn. Maar als er werkelijk uitstraling is, dan kan er ook innerlijk smaadheid ervaren worden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 12 april 2002
Daniel | 30 Pagina's