Ouderwetse burenhulp in een nieuw jasje
Netwerken in de gemeente
Het zal iedereen wel eens opgevallen zijn: veel oudere mensen zijn eenzaam. Hun kinderen wonen ver(der) weg, hun echtgenoot is overleden en ook andere leeftijdsgenoten vallen weg. Het wordt steeds stiller om hen heen. Er zijn weken dat ze bijna niemand zien of spreken. Of... kan het ook anders?
In het artikel hiervoor schreef ds. Visscher dat het bijzondere ambt niet opengesteld is voor vrouwen, maar dat betekent niet dat ze geen functie in de gemeente hebben. Eén van de taken van een vrouwenvereniging is het bezoeken van oudere, eenzame of zieke mensen. Zo ook bij de vrouwenvereniging in Woerden. Echter: het werk groeide hen boven het hoofd. Hun handen schoten te kort. Dat was jammer, want ondertussen werden ze regelmatig geconfronteerd met schrijnende situaties. Daar zouden ze zo graag meer willen helpen. Ook de kerkenraad signaleerde nood en eenzaamheid in de gemeente, maar de broeders wisten vaak geen pasklare oplossingen. Intussen draaide er ook een kerkelijke hulpdienst. Als er een vraag om hulp binnenkwam, werden er vrijwilligers gevraagd om bij die persoon of dat gezin in te springen. Echter... de drempel naar de hulpdienst voor 'gewone' dingen was te groot.
Zorg op maat
Bestuursleden van de vrouwenvereniging, iemand van de kerkelijke hulpdienst en de kerkenraad raakten daarover in gesprek. Ze besloten de handen ineen te slaan. Zo ontstond de commissie 'Onderlinge zorg' met drie vrouwen en één kerkenraadslid. Deze valt onder verantwoordelijkheid van de diaconie.
De commissie probeert 'zorg op maat' te bieden. Ze doet dat onder andere door netwerken op te zetten: meestal een groep mensen van ongeveer zes personen.
Waarom dat idee 'netwerken'? De commissie legt uit: "ledereen leeft in sociale netwerken. Dat zijn de mensen die om ons heen staan: het gezin, de familie, de buurt of de collega's. Als daar gaten in vallen, moeten die aangevuld worden."
Er zijn gemeenteleden die, om wat voor reden ook, te weinig mensen in hun directe omgeving hebben die voor hen kunnen zorgen. Daardoor kan er teveel neerkomen op een paar mensen in hun naaste omgeving. Het is de taak van de commissieleden om dit soort dingen te signaleren en ervoor te zorgen dat het werk over meerdere schouders verdeeld gaat worden. Allereerst wordt bekeken wat voor zorg iemand nodig heeft en daarna welke mensen bij die persoon zouden passen. Het uitgangspunt daarbij is om mensen in de gemeente iets voor elkaar te laten doen, wat zo min mogelijk energie kost. Als mensen elkaar niet liggen, verlopen de bezoekjes immers alleen maar moeizaam. Men zoekt eerst in de naaste omgeving naar mensen die deel zouden kunnen uitmaken van het netwerk. Als dat niet lukt, wordt er verder gekeken. Dat levert eigenlijk weinig moeilijkheden op. De dames krijgen niet vaak 'nee' als ze iemand opbellen. De namen van de mensen die samen het netwerk gaan vormen, worden op papier gezet en er wordt een rooster gemaakt. Daarna loopt het meestal vanzelf.
Ook jongeren worden als het mogelijk is gevraagd om mee te helpen. Aan de jeugdvereniging wordt een lijst met namen doorgegeven van mensen die zij kunnen bezoeken. Dat gaat goed: JeV-leden leggen soms alleen maar ook in tweetallen de bezoekjes af.
Netwerken in de praktijk
Door de jaren heen zijn er verschillende soorten 'netwerken' ontstaan. Er zijn mensen die elke week bezoek krijgen . Dat is al voldoende. Anderen gaan regelmatig met hun 'netwerkers' iets ondernemen: schoenen kopen of naar de dokter. De personen die op bezoek komen, nemen zo een stukje zorg over van de familie.
Een heel ander 'netwerk' is een groepje oudere dames, dat al jarenlang bij elkaar op de koffie kwam en tegelijk met elkaar iets bezinnends deed: een meditatie lezen bijvoorbeeld. Maar door het ouder worden waren de koffieochtenden gestopt. Sinds kort is daar echter een oplossing voor gevonden: er wordt eens per drie weken vervoer geregeld en er is een gastvrouw die de koffie voor hen verzorgt.
Tenslotte zijn er netwerken gevormd rond oudere mensen, die nu elke week een keer bij een gezin uit de gemeente de warme maaltijd kunnen gebruiken.
Meer betrokkenheid
Nu de commissie een aantal jaren draait, zien de commissieleden dat het goed werkt in de gemeente. "Er komt ongemerkt meer betrokkenheid op elkaar. Mensen gaan op een andere manier naar elkaar kijken. Ze gaan zorg signaleren."
Heel bewust staat nergens in de gemeentegids of de kerkbode informatie over de commissie 'Onderlinge zorg'. Men wil namelijk geen zorg afdwingen. Daarom werken ze vooral 'ondergronds', zoals ze dat zelf noemen. Door hun oren en ogen goed open te zetten, komen ze vanzelf de problemen tegen. Inmiddels zijn dat niet meer alleen ouderen. Ook jonge mensen kunnen in bijzondere omstandigheden verkeren en even wat extra's nodig hebben.. Vaak is het al voldoende, om andere gemeenteleden hierop attent te maken en enkele tips te geven. Langzamerhand breidt het werk van de commissie zich dan ook uit.
Soms vraagt men wel eens waarom dit werk allemaal georganiseerd moet worden. Het is als christen toch gewoon je taak om je naasten zoveel mogelijk te helpen? De commissieleden zijn er duidelijk over: "Vroeger had je burenhulp. Als buren lette je op elkaar, was er aandacht voor elkaar en sprong je bij als dat nodig was. Tegenwoordig gebeurt dat niet meer zo en omdat we in onze gemeente niet dicht bij elkaar wonen, moet het georganiseerd worden. Daarbij komt dat iedereen een agenda bijhoudt, zodat je er soms niet aan ontkomt om roosters te maken."
In stilheid
Het lijkt dat het werk van de commissie een taak is die beter door vrouwen uitgevoerd kan worden, dan door mannen. Ik vroeg de dames van de commissie of dat klopt. Ze reageren bevestigend. "Dit is meer je vrouw-zijn in de gemeente. Wat de mannen niet aanvoelen, dat vul je als vrouw aan. Je kunt als het ware de verlengde arm van de kerkenraad zijn. Het 'zorgen voor' is iets wat vrouwen eigen is. Het is ook Bijbels: de mannen spraken recht in de poort en de vrouwen hielden alles draaiende. Tegenwoordig zijn er in bepaalde kerken vrouwelijke ambtsdragers. Maar je kunt toch ook in stilheid je werk doen! Het gaat erom dat het werk doorgaat. Het werk dat je als vrouw doet, is anders, maar wel gelijkwaardig. Het gaat ook niet om de veelheid van wat je doet, maar om de eer van Gods Naam."
Wie geeft, die ontvangt
Het is moeilijk onder woorden te brengen wat de dames het meest voldoening geeft in hun werk. "Het is prachtig om te zien dat door enkele tips of organisatorisch kleine handelingen mensen weer opbloeien, doordat ze meer contacten krijgen in de gemeente. Niet alleen de ontvangers, maar ook zij die geven, beleven er veel vreugde aan."
"Barmhartigheid verlenen in je eigen gemeente is niet altijd gemakkelijk, want we weten soms teveel of hebben een verkeerd beeld van elkaar. We merken dat dankzij de netwerken blokkades opgeheven worden. Je moet zonder vooroordelen iemand gaan helpen. Op die manier kunnen we God dienen. Je ervaart bij dit werk heel duidelijk: wie geeft, die ontvangt. Je probeert uit te dragen wat de Heere Jezus voor ons doet. Als de Heere net zo over ons zou denken, zoals wij over onze naasten doen, dan zou er toch niemand zalig worden? Op deze manier kunnen we proberen christen te zijn zoals God dat van ons vraagt.
De vrouwenvereniging: Een luisterend oor, een kloppend hart en een dienende hand
Mevrouw Teerds-Gertenbach - bestuurslid van de Bond van Vrouwenverenigingen - is net terug van een bezoek aan het zendingsveld. Ze is er nog vol van. "We werden heel hartelijk bedankt voor het vele werk dat de vrouwenverenigingen doen voor het zendingswerk." Zonder vrouwenvereniging geen zendingswerk dus? "Nee, dat is wat overtrokken. Maar het werk van de vrouwenverenigingen heeft wel een hele grote rol gespeeld. We hebben tijdens ons bezoek echt gezien wat er gedaan werd met het geld dat onze verenigingen bij elkaar gebracht hebben."
Volgens de statuten van de meeste van onze vrouwenverenigingen is één van de doelstellingen: het steunen van kerk, zending, evangelisatie en andere werken van barmhartigheid.
Mevrouw Teerds: "De tijd is veranderd: de dingen die door vrouwenverenigingen te koop worden aangeboden op verkopingen, zijn ook veranderd. We maken het meeste niet meer zelf." "Soms hoor je wel eens geluiden dat de vrouwenverenigingen vergrijzen. Gelukkig is dat niet overal zo: er zijn verenigingen waar ook weer jongere vrouwen van in de twintig komen. We proberen als vrouwenverenigingen voor iedereen iets te bieden. We zijn echt niet alleen maar bezig met handwerken en luisteren naar een verhaal. Voor de jongere vrouwen proberen we ook bezinning aan te bieden. Hier in Zwijndrecht buigen we ons bijvoorbeeld drie of vier keer per jaar over de Dordtse Leerregels. Tegelijkertijd zijn we echter nog altijd wel bezig met het verzamelen van geld voor een goed doel."
Onderlinge band
Eén van de belangrijkste taken van een vrouwenvereniging is dus het verzamelen van geld voor de zending en andere goede doelen. Maar daarnaast zijn er nog meer taken. De vrouwenvereniging heeft een heel belangrijke taak in het onderhouden van de onderlinge band in de gemeente. Dat is ook een van de doelstellingen: de bevordering van de onderlinge band binnen de gemeente in het algemeen, en tussen de leden in het bijzonder. "Als vrouwenvereniging kijken we niet alleen naar de eigen leden. We gaan ook op bezoek in de gemeente: ziekenbezoek, kraambezoek, kennismakingsbezoek bij nieuwe leden. En we helpen mensen als dat nodig is. We richten ons als vrouwenvereniging dus ook op de andere leden van de gemeente. Dat bevordert echt de onderlinge band in de gemeente. En trouwens ook binnen de vereniging: je doet het samen."
Zorgtaak in de gemeente
Pas hoorde ik iemand zeggen: "Het is niet erg als het karakter van een vrouwenvereniging verandert en het accent verschuift van 'handwerken en meditatie' naar (Bijbel)studie, maar de zorgtaak die de vrouwen in de gemeente hebben, die moet blijven." Wat vindt u daarvan?
"Daar zeg ik echt ja op. Ik vind het ook niet erg dat het karakter van de vrouwenvereniging iets verandert. Dat hoort bij deze tijd. Het luisteren naar Gods Woord krijgt daardoor een grotere plaats, en dat is heel belangrijk. Het bestuderen van de Heilige Schrift staat voorop bij onze doelstellingen. Of het nu is door middel van een meditatie, een onderwerp, of een groepsbespreking: je bent er op wat voor manier dan ook met elkaar mee bezig. Hier in Zwijndrecht doen we op de verenigingsavonden zelf eigenlijk weinig aan creativiteit. Daardoor houd je veel ruimte over binnen je verenigingsuren voor andere dingen.
Mensen praten tegenwoordig gemakkelijker over allerlei dingen en wij groeien daarin mee. Pas vroegen leden bij ons op de vereniging of we niet eens meer met elkaar over de opvoeding zouden kunnen praten. Dat is mooi! Daarvoor kun je heel goed de opvoedingskaternen gebruiken die sinds kort in Daniël staan. De opvoedingskaternen worden trouwens door meerdere vrouwenverenigingen gebruikt."
Ook al verandert het karakter van de vrouwenverenigingen langzaam maar zeker, volgens mevrouw Teerds willen ze absoluut geen Bijbelstudievereniging worden.
" Voor mij blijft voorop staan dat een vrouwenvereniging drie functies heeft: bezinning, samenbinding en dienen. Als je lid bent van een vrouwenvereniging wordt er een beroep op je gedaan om, naast de gewone verenigingsavonden, ook op bezoek te gaan of mee te doen met de verkoping. Dan verwacht je dat mensen zich daarvoor inzetten. Je houdt daarbij natuurlijk wel rekening met de mogelijkheden die mensen hebben. Zo krijgen alle leden een bepaalde taak."
Om het kort en bondig te zeggen: de vrouwenvereniging is voor de gemeente een luisterend oor, een kloppend hart, en een dienende hand.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 maart 2002
Daniel | 30 Pagina's