JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Dat maak ik zelf wel uit!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dat maak ik zelf wel uit!

Over eigen verantwoordelijkheid en verantwoording afleggen

11 minuten leestijd

Je bent toch zeker geen kind meer. Je bent al... Vul je leeftijd maar in. Je wilt nu eindelijk zelf beslissen wat je aantrekt. Waar je naar toe gaat. Hoe je je geld besteedt. Huiswerk? Dat doe je op jouw tijd. En op vakantie? Met je vrienden en vriendinnen natuurlijk! Je bent oud en wijs genoeg om voor jezelf te zorgen. Of niet dan?

Maar hoe denken je ouders daarover? Hoeveel vertrouwen krijg je van je ouders? Hoeveel eigen verantwoordelijkheid krijg je en hoe ga je daarmee om? Je ouders noemen je een puber als het eens een keer botst. En jij vindt dat ze je wat meer vrij moeten laten en je niet zo moeten betuttelen.

In dit artikel vertellen jongeren van ongeveer zestien jaar over onderwerpen waar ze met hun ouders regelmatig over discussiëren. In het interview komt naar voren dat geldbesteding, bijbaantjes, zaterdagavondbesteding, verkering, huiswerk maken en kleding, de onderwerpen zijn waar in het gezin heel wat woorden over vallen. Ze vertellen ook hoe ze de 'bemoeizucht' van hun ouders waarderen.

De jongeren komen er eerlijk voor uit dat het soms moeilijk is om de juiste keuzes te maken. Hoeveel verantwoordelijkheid kun je aan op jouw leeftijd? Maak je alles zelf uit? Aan wie moet je verantwoording afleggen? Niet alleen aan je ouders! Daar lees je in het kader meer over.

 

Jullie hebben allemaal een bijbaantje. Mag je je verdiende geld zelf besteden? Houden je ouders daar toezicht op?

Karin: Ik heb met m'n ouders afgesproken dat ik de helft van mijn verdiende geld spaar. De andere helft mag ik dan zelf besteden. Daar bemoeien ze zich dan ook echt niet mee.

Robert: Het ligt eraan hoe je zelf bent. Als je erg slordig bent met uitgeven, letten je ouders meer op je. Mijn ouders letten ook wel op me als het over geld gaat. Ik wilde bijvoorbeeld deze zomer alvast een auto kopen van duizend gulden. Maar dat wilden mijn ouders niet. Ik heb toen heel lang moeten 'onderhandelen' om hem toch te kunnen kopen. Ik moest het geld dan wel in de zomervakantie verdienen.

 

Word je vrij gelaten in de kleding die je koopt?

Lennart: Ik heb om kleedgeld gevraagd. Dat bevalt me goed. Ik kan zelf kijken wat ik koop en je leert daardoor ook met je geld om te gaan. Als m'n ouders meegaan, heb ik het liefst dat m'n vader meegaat. M'n moeder vindt het al gauw te duur. Dat zegt ze dan ook nog eens lekker hard in de winkel. Ik heb nu met m'n moeder afgesproken dat ze als ze het te duur vindt, zegt dat ze de achterkant niet mooi vindt.

Ilse: Soms vinden m'n ouders het niet goed wat ik heb gekocht. Meestal vinden ze het dan te strak of is de rok te kort. Daar krijg je dan hele discussies over.

Ben: Ik heb meestal wel dezelfde smaak als m'n moeder. Maar met m'n vader kleren kopen is toch makkelijker. Die is niet zo kritisch.

 

Letten je ouders erop dat je je huiswerk maakt?

Lennart: Op de Mavo werd er wel veel meer op me gelet. Toen zaten ze meer achter me aan of ik m'n huiswerk wel maakte.

Ben: Als ik onvoldoendes heb, dan zitten ze me gelijk weer wat meer achter m'n broek. Als het goed gaat, letten ze niet zo op me. Het is m'n eigen verantwoordelijkheid.

Karin: Als ze me zouden verplichten om m'n huiswerk te gaan maken, heb ik er helemaal geen zin meer in. Het is toch je eigen verantwoordelijkheid.

Ilse: Het scheelt ook of je de oudste bent of één van de jongere. Als je de oudste bent, wordt er ook veel meer op je gelet. Dan laten je ouders je veel minder vrij. Ook wat huiswerk maken betreft. Met andere dingen merk je dat ook. Jongere broertjes en zusjes hoeven minder te doen in het huishouden. Daar ben ik het niet mee eens. Zij mogen ook wel eens wat doen.

Jorine: Nou, daar zorg ik wel voor dat ze wat doen in het huishouden. Ik zeg er gewoon wat van. Ik zet ze gewoon aan het werk!

Karin: Met oppassen is dat ook zo. Toen ik twaalf was moest ik al oppassen. Nu mijn broertje twaalf is vinden ze die te jong om op te passen.

 

Bemoeien je ouders zich met je tijdbesteding?

Louïse: Ik ben heel weinig thuis. Ze willen wel altijd weten waar ik naartoe ga. Meestal zeg ik dat ook wel. Ik heb twee bijbaantjes. M'n ouders vinden dat ik soms te veel wil werken. Daar zeggen ze dan wat van.

Jorine: Dat is bij mij ook zo. Ik mag niet te veel werken. Mijn ouders willen ook wel weten waar ik bijvoorbeeld zaterdagavond naartoe ga. Bij ons in het dorp heb je een strandtent. Daar gingen we met een groep vrienden naartoe. Als ik dan te laat thuis kwam, kreeg ik dat gelijk te horen. Mijn ouders hadden ook liever niet dat ik daar heen ging. Verbieden deden ze het niet. Ze dachten dat ik het na verloop van tijd wel zat zou worden. Daar hadden ze nog gelijk in ook. Na een paar keer waren we er wel op uitgekeken.

Ilse: Het ligt er ook aan met wie je weggaat. Als je een goede vriendengroep hebt, die je ouders ook kennen, dan vinden ze het al snel goed.

Robert: Mijn ouders willen ook wel weten waar ik uithang. Verbieden ergens naartoe te gaan, heeft geen zin. Want meestal ga je dan toch.

Ben: Ja, inderdaad. Mijn ouders willen bijvoorbeeld niet dat ik naar de bioscoop ga. Maar als ik toch ga, zeg ik dat wel. M'n ouders weten toch dat ik dan stiekem ga. Ze spreken me er wel elke keer op aan. Maar wat moet je dan doen op zaterdagavond? Ze willen dat ik naar de club ga van de kerk. Maar daar heb ik geen zin meer in.

Lennart: Bij ons is het juist heel gezellig op de JéV. Ik ga altijd. Mijn ouders stimuleren het ook dat ik naar de JéV ga.

 

Hoe reageren je ouders als je alleen met je vrienden op vakantie wilt?

Robert: Als ik met vrienden op vakantie ga krijg ik een hele waslijst voorgehouden. Kijk uit zus en denk erom zo... Dat laat ik dan gelaten over me heenkomen. Ik ging voor het eerst met vrienden kamperen toen ik twaalf was. Op een camping van bekenden. Dat was toch wel erg jong. Want toen het 's nachts begon te stormen en onweren hebben we onze ouders gebeld. Die zijn ons toen van ellende maar komen ophalen.

Jorine: Vorig jaar wilde ik met een vriendin samen met Beter Uit op vakantie naar Italië. Dat wilden mijn ouders absoluut niet. Italië vonden ze maar niks. En ze maakten zich zorgen over de zondagbesteding, de groep en nog wel meer dingen. Wat ik ook deed, ik mocht gewoon niet. Mijn vriendin is toen wel gegaan. Achteraf was haar de reis erg tegengevallen. Ik was blij dat ik niet meegegaan was. Hadden m'n ouders toch gelijk...

Louïse: Mijn ouders vinden het wél goed als ik met een kamp mee ga. Maar dan wel in het binnenland.

Ilse: Als ik met vrienden op vakantie ga dan willen m'n ouders graag dat er leiding bij is. Ook de bestemming en de samenstelling van de groep vinden ze belangrijk.

Karin: Het is een kwestie van vertrouwen. Kun je voor jezelf zorgen? Mijn moeder vindt vooral slapen een probleem. Ze is bang dat ik geen oog dicht doe en hele nachten opblijf.

Jorine: Ik wilde met een groep gaan trekken door Europa. Overnachten in jeugdherbergen enzo. Maar dat mocht echt niet. Dat vonden ze veel te gevaarlijk.

 

Vakanties en verkering kunnen dicht bij elkaar liggen. Hoe denken je ouders over verkering?

Robert: Ik heb verkering. Mijn ouders vonden het wel goed. Ze was in goede aarde gevallen.

Karin: Bij mij thuis maken mijn ouders er altijd grapjes over. Als ik dan weggeweest ben, wordt er uitgebreid gevraagd wie erbij waren.

Lennart: Mijn vriendin woont bij mij in het dorp. We zien elkaar regelmatig. Maar niet te vaak. Dat vinden m'n vriendin en ik beter. M'n ouders trouwens ook...

Karin: Als m'n vriend niet van de kerk zou zijn, zouden m'n ouders hem wel toelaten in huis. Ze zouden me wel vragen stellen en waarschuwen. Het kan natuurlijk ook zijn dat je afgetrokken wordt van de kerk door je vriend. Dat zouden ze heel erg vinden.

 

Discussies met ouders komen nogal eens voor. Jij wilt niet wat zij willen en andersom. Hoe ga je met zo'n meningsverschil om? Hoe waardeer je de 'bemoeizucht' van je ouders?

Lennart: Mijn ouders willen niet dat ik rook. Toen m'n vader het merkte, zei hij tegen me: "Ik verbied het niet, want dan doe je het stiekem. Maar ik keur het ook niet goed". Verbieden heeft geen zin. Ik vind het mijn eigen verantwoordelijkheid.

Robert: Ik vind het belangrijk dat m'n ouders duidelijk aangeven waarom sommige dingen niet mogen. Daar blijf ik dan wel naar vragen. Wij mogen bijvoorbeeld niet computeren op zondag. Maar een potje monopolie mag wel. Daar hebben we dan hele discussie over. Mijn vader zei toen: "Robert, ik heb niet overal een tekst voor, maar ik geloof toch dat sommige dingen niet kunnen". Maar ik vind wel dat ze moeten kunnen uitleggen waarom ze bepaalde dingen niet willen.

Jorine: Het is wel fijn dat je op ze kunt terug vallen. Ook al ben ik het niet altijd met ze eens. Ze geven wel vaak goede adviezen. Achteraf moet ik ze dan weieens gelijk geven.

 


Je bent maar één keer jong!

Je hebt nu je eigen mening. Vroeger nam je alles voor waar aan wat je ouders zeiden. Nu leg je je niet zomaar meer neer bij wat je ouders zeggen. Zeker niet als je iets niet mag wat anderen wel mogen. Je vindt het belangrijk om te weten waarom iets niet mag. Daarom discussieer je regelmatig met je ouders. Je blijft doorvragen, 'schopt' regelmatig tegen de mening en principes van je ouders aan. Net zoals je vader tegen z'n autoband schopt om te kijken hoe hard die is. Zo wil jij weten of de principes van je ouders echt belangrijk voor hen zijn. Je ouders weten dat. Ze zijn zelf ook jong geweest. Daarom vinden ze het ook niet erg om je vragen te beantwoorden. Ook al weten ze niet op alle vragen antwoord. Maar ze hebben het beste met je voor en ze hebben daarom ook geduld met je. Ze vinden het soms moeilijk om je vrij te laten. Want je bent nog best jong. Ze weten dat je ook gaat experimenteren. Uitproberen wat zij als ouders liever niet willen. Later moet je soms bekennen dat je ouders toch gelijk hadden, vertelden de jongeren uit het interview. De raad van ouders blijkt vaak goede raad te zijn. Vaak zie je dat pas achteraf. Je ouders verbieden je ook niet alles wat ze liever niet willen. Ze hopen dat je er dan zelf achter zult komen. Maar ja, je bent jong... Je wilt ook wel eens wat. Je bent nog geen vijfentwintig. Je hebt je hebt vrije tijd en je bent mobiel. De wereld ligt voor je open en de verleiding is groot. Je moet steeds kiezen. Wat doe je wel en wat doe je niet? Waar ga je op zaterdagvond heen? Ga je mee als je vrienden na schooltijd naar de bioscoop willen? Even langs de Free Record Shop? Welke keuzes maak jij?

Tijdens het interview sprak ik daar nog met de jongeren over door. Kun je als christelijke jongere naar de bioscoop? Kun je alle muziek luisteren die jij mooi vindt? Als je naar de Bijbel wilt leven niet. In de bioscoop kun je niet sterven. Daar waren we het allemaal over eens. De films die gedraaid worden zijn Bijbels niet verantwoord. Een jongere vertelde eerlijk dat het haar een heel leeg gevoel gaf als ze uit de bioscoop kwam. Misschien denk je wel: 'ik ben maar één keer jong'. Dat is waar. Je kunt je jonge jaren niet overdoen. En ook jongeren sterven.

Dat beseffen je ouders ook! Daarom waarschuwen ze je. Uit liefde, ook al zie jij dat misschien niet zo. Ze proberen je te wijzen op het geluk van Gods volk. Dat deed Salomo ook: Welgelukzalig is de mens, die naar Mij hoort. Hij wist dat de beste tijd om de Heere te zoeken de jonge jaren zijn. En daarom waarschuwt Salomo jou en je vrienden: Verblijd u, o jongeling in uw jeugd, (...) maar weet, dat God, om al deze dingen, u zal doen komen voor het gericht". Lees maar na in Prediker 11 en 12!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 februari 2002

Daniel | 31 Pagina's

Dat maak ik zelf wel uit!

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 februari 2002

Daniel | 31 Pagina's