Het spanningsveld van een SGP-raadslid
Gezag handhaven of gedogen?
Het lijkt soms wel alsof er geen gezag is. 'Alles wordt tegenwoordig gedoogd', denk je misschien. En als ik zonder helm op de brommer zit, of 51 kilometer per uur rij, of... dan word ik gepakt. En als iemand een auto sloopt of een bushokje, dan gaat hij vrijuit. Hierover praten we met C.J. van Tuijl, SGP-raadslid in Woerden en werkzaam als rechercheur bij de politie.
Het lijkt soms of er geen gezag meer bestaat...
Gezag verdien je door je optreden. Er zijn regels. Als die niet worden gevolgd, volgen sancties. In het gezin moet ontzag voor gezag geleerd worden, maar ook de vertaalslag naar andere verbanden: school, kerk en overheid.
Politie is het meest zichtbare overheidsgezag, maar deze heeft een heel slechte periode achter de rug: jongeren maakten rustig vieze gebaren en het strafrecht was te soft. Men ziet nu gelukkig weer in dat een samenleving regels nodig heeft en dat deze ook nageleefd moeten worden.
Regels worden nu strakker gehandhaafd: beledigen van een agent: bon, fietsen zonder licht: bon, wildplassen: bon. Dat lijken kleine dingen, maar ze kunnen grote gevolgen hebben. Het is eigenlijk opvoeden: men leert dat er regels zijn, die gehandhaafd worden. Je kunt natuurlijk met de VS kiezen voor 'zero tolerance': een helemaal veilige metro in New York, maar tegen welke prijs? Vaak leidt het tot verplaatsing van het probleem: misdaad op een andere plaats.
Waarom kiest men dan in de VS voor deze benadering, maar in Nederland niet? Heeft het Nederlandse beleid wel succes?
De mentaliteit is daar veel harder: ieder leeft meer voor zichzelf. Hier kun je meestal niet met dit soort maatregelen aankomen. In de VS is het zo: succes, dus ga je door.
Terughoudend optreden kan ook problemen voorkomen. 'Bats erboven op', moet je wel kunnen blijven volhouden, anders werkt het niet. Bij heel grote (sport-)evenementen treedt de politie terughoudend op. Men is uit beeld, maar wel in de buurt. Als een groep een schild en een helm ziet, denken ze: 'daar kan wel een steentje bovenop'. Uit beeld zijn roept geen agressie op, maar je bent wel paraat om op te treden. Gezag laten gelden, betekent rekening houden met de situatie en de persoon.
Waarom is er bij de rechtspraak vaak zoveel begrip voor 'verzachtende omstandigheden'?
Er zijn strafzaken, waarbij men kan zeggen: het is niet 'normaal' dat hij dat doet. Lukraak straffen is dan niet het beste. Maar bij veel strafzaken krijgt het recht gewoon zijn loop. Het gevoel van rechtvaardigheid moet genoeg gedaan worden. Er is wel veel aandacht voor de dader en helaas minder voor het slachtoffer. Natuurlijk heeft de dader bepaalde rechten en overziet hij zijn daden niet altijd. Maar hierdoor ontstaat soms het gevoel van onrechtvaardigheid: zo'n korte (taak)straf, is dat nu genoeg gezien het misdrijf?
Christelijk strafrecht moet rechtvaardig zijn: als een dader berouw heeft, dan is er ook vergeving; maar als er onrecht is gedaan, moet straf volgen. Voorkomen van herhaling moet ook aandacht krijgen. Het resocialisatiewerk van Ontmoeting is hiervan een heel goed voorbeeld.
Er wordt wel harder opgetreden tegenwoordig. Waarom?
Men vindt dat de overheid toch te zacht optreedt. Een bolletjesslikker na twee dagen vrij, dat kan niet. Als je ziet hoe soms een zaak afloopt na diefstal, verkrachting of moord, dan doet dat geen recht. Daarom moet de overheid steviger optreden. Anderzijds: drie jaar in plaats van twee jaar werkt ook niet echt. Dus we moeten het niet alleen in die richting zoeken.
Harder optreden blijkt vooral uit meer mensen bekeuren, die 51 kilometer per uur rijden, dan aanpakken van mensen die bushokjes slopen of auto's beschadigen. Is dat makkelijker scoren als politie?
Ja en nee. Bij snelheidscontrole gaat het ook om verkeersveiligheid. Het is daarbij inderdaad ook lucratief voor de overheid. Maar gelukkig pakt de overheid niet alleen snelheidsovertreders. Het heeft ook met bewijsvoering te maken. Een foto, daar is geen speld tussen te krijgen. Dit ligt anders bij bushokjes slopen of auto's beschadigen. Het strafrecht kan alleen plaatshebben als de dader bekend is. Bij veel 'kleine' misdaad is de dader onbekend. Dit kost veel inspanning.
Hier ligt ook een taak voor gewone burgers. Een winkelstraat verloedert als er geen toezicht is van omwonenden. Om elf uur 's avonds je hond uitlaten is ideaal voor sociale controle. Je verantwoordelijk voelen voor je buurt helpt ook, hoewel ik best weet dat veel mensen bang zijn voor een dader die zich verraden weet en hem daarom niet aangeven. Ook wijkplatforms zoals in Woerden hebben hierin een functie. Gewoon melden wat er in je wijk gebeurt, liefst met daderomschrijving.
'Hangjongeren' geven omwonenden vaak een onveilig gevoel. Hoe treed je daar tegen op?
Jongeren willen gewoon gezellig bij elkaar zijn. (Daar kan, tussen haakjes gezegd, het jeugdwerk ook veel voor betekenen). Vroeger gebeurde dit aan de rand van het dorp, maar in onze dichtbebouwde wijken kan het soms niet anders dan via zo'n hangplek. Een onveilig gevoel ontstaat: 'daar heerst een crimineel sfeertje'. Meestal gaat het echter hooguit om wat balorigheid. Het is wel goed als de (wijk)politie en het welzijnswerk op de hoogte is van de situatie. Men blijft in gesprek met deze jongeren. Men doet op hen een beroep om hun gedrag niet alleen vanuit eigen gezichtspunt te bekijken, maar ook vanuit hun omgeving. Jongeren moet je de gelegenheid geven om hun verantwoordelijkheidsgevoel waar te maken. Je moet echter wel ingrijpen als het uit de hand loopt.
Een coffeeshop is het toppunt van gedogen, want het is illegaal, dus tegen de wet. Waarom koos de SGP in Woerden toch voor één coffeeshop?
De overheid plaatst harddrugs altijd in de misdaadsfeer, hoewel men afkicken vergeet. Rondom softdrugs leefde het idee: het heeft zijn ongezonde kanten, maar het heeft een ander publiek en je krijgt vrolijke jongeren.
Dit leidde tot een gescheiden beleid. Rond softdrugs groeide een cultuur van gedogen: bij wet verboden, maar door justitie niet vervolgd, als men tenminste aan vijf normen voldoet: geen reclame, geen harddrugs verkopen, geen overlast veroorzaken, niet aan jongeren onder de achttien verkopen en niet meer dan vijf gram per persoon. Een beetje fout, maar geen vervolging, is natuurlijk in tegenstelling met de bon als je 51 kilometer per uur rijdt. Het gaat tegen het rechtvaardigheidsgevoel in, maar het is ook een kwestie van mankracht.
Men redeneert ook: alles verbieden betekent verplaatsing naar de illegale sfeer en dus controleverlies. Dit is geen reden voor de SGP om dan maar voor een coffeeshop te zijn. Justitie moet vervolgen, maar nam deze verantwoordelijkheid niet. Veel gemeenten kozen daarom voor een vergunningenstelsel: als de shop zich niet aan de normen houdt, dan kan de burgerlijke overheid optreden. Begin 2000 was er iemand die aan de norm voldeed, dus had Woerden zijn coffeeshop. Een coffeeshop is echter geen geschikte experimenteerplek waar jongeren zichzelf en hun mogelijkheden ontdekken. Die plaats geef ik het jeugdwerk liever.
Blijft de SGP niet ageren tegen deze coffeeshop?
We kozen destijds voor de 1-optie, omdat er toen geen betere keus was. Nu blijkt dat justitie het zwaar laat wegen als de gemeente voor de O-optie kiest. Dus als dit eerder bekend was, hadden we voor 0 gekozen.
Fout is toch fout en wie tegen de wet ingaat, verdient toch straf?
Dat is ook zo, maar er zijn situaties denkbaar, waarin het beter is om milder op te treden. Waarom straf je? Er is een regel overtreden, je moet rechtdoen aan en in de samenleving. Maar je wilt ook herhaling voorkomen.
Je moet toch 'alle kwaad weren en uitroeien'?
Maar hoe doe je dat? Wij vertalen het zo: de wet en de regels moeten in overeenstemming zijn met Gods geboden en zijn bedoeld om de samenleving te ordenen. Deze wetten en regels zijn helaas door de zonde aangetast. Het kwaad moet gestraft worden. De overheid is hiertoe geroepen. Daders moeten aangepakt en slachtoffers geholpen worden. Daders moet je ook helpen, maar dan loop je tegen de beperkte middelen en mogelijkheden aan. Dit alles speelt mee bij het 'kwaad weren en uitroeien'. We moeten ook bedenken: het kwaad zit allermeest in ons eigen hart.
'Gezag handhaven', hoe doe je dat vanuit Bijbels perspectief?
Je moet gezag erkennen dat boven je staat. Jongeren moeten dat leren in het gezin, daar begint het mee. Gezag is niet een- maar tweerichtingsverkeer. Soms moet je alleen 'ja' of 'nee' zeggen, op een ander moment moet je luisteren, uitleggen en motiveren om te gehoorzamen. Gezag handhaven betekent ook rekening houden met diegene die dit nodig heeft. Bij ouderen en jongeren moet het gevoel van verantwoordelijkheid voor de ander ontstaan. Jongeren moeten wel ruimte krijgen om zich te ontwikkelen, ook in hun verantwoordelijkheidsgevoel. Gezag moet als iets natuurlijks ervaren worden. Alleen dan functioneert het, zoals het vijfde gebod dit bedoelt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 februari 2002
Daniel | 31 Pagina's