De satan als een engel des lichts
Regionale vergadering te Rhenen op 16 oktober 2001
Wat een pogingen stelt de satan in het werk om afbreuk te doen aan God, aan de verheerlijking van Gods Naam en van Gods Kerk. De satan is machtig, maar alleen tot aan de grens waar God dit toelaat.
Ouderling G. de Waard opent deze avond met het lezen van Psalm 2 en spreekt enkele woorden.
In Psalm 2 zien we de wereld van vandaag getekend. De koningen en de vorsten (lees de regering) staan tegen de Heere op. De banden van de wet worden verbroken en de touwen van algemene genade worden weggeworpen. Maar de Heere regeert! Want dan volgt het besluit dat God van eeuwigheid Zijn Zoon heeft gegenereerd en dat Zijn Koninkrijk zal worden uitgebreid tot aan de einden der aarde. Hij zal al wat weigert naar Hem te luisteren, met een ijzeren scepter regeren.
Maar er volgt ook een oproep! Handelt verstandig, gij koningen, laat u tuchtigen, gij rechters der aarde. Dient de HEERE, valt Hem te voet. Dan wijst de Heere op Zijn vrijmachtige genade die nog te verkrijgen is. Kust de Zoon, opdat Hij niet toorne en gij op de weg verga. Wat zou het groot zijn als we onszelf als die koningen en vorsten zouden leren kennen. Welgelukzalig zijn allen die op Hem vertrouwen.
Vervolgens houdt de heer G. Dijkgraaf ons voor, hoe de satan zich kan vertonen in twee gedaanten. In de arena's, in de oorlog, maar ook op 11 september liet hij zich zien als een briesende leeuw. Maar niet minder gevaarlijk is hij, als hij zich vertoont als een engel des lichts. Hij schijnt de waarheid, maar 't is een leugen, de vrijheid, maar 't is gebondenheid te preken.
De satan is de prediker der vrijheid
Het begon al in het paradijs. Als gij daarvan eet..., gij zult als God wezen. Dan ben ik vrij! En zij namen en aten! En werden diep ongelukkig! Toen verdween de satan. Adam en Eva werden gewaar dat ze naakt waren, beroofd van Gods beeld. De vrijheid was hun beloofd, maar nu waren ze gebonden. En dit 'als God willen wezen' leeft nu ieder mens van nature uit. Dan is het nog een groot voorrecht, dat we opgevoed worden bij Gods Woord. Dan roept ons dat nog een halt toe, maar het geeft ons ook een grote verantwoordelijkheid.
Streven naar vrijheid! Als er ooit een tijd is geweest waarin de mens dat zo duidelijk tot uitdrukking brengt en vastlegt in wetten, dan is het wel in onze tijd. Winkels moeten op zondag open, het bordeelverbod moet worden opgeheven, abortus en euthanasie moeten mogelijk zijn, zowel het begin als het einde van het leven willen we zeif in handen hebben. We willen als God zijn! Het huwelijk moet weg, homo's willen juist wel huwen, alles tegen de ordinantie van God in. We willen vrij zijn, we willen niet dat God dat voor ons bepaalt. En we moeten niet denken dat dit alles alleen maar geldt in de wereld, maar ook tot in de kerken toe.
De satan is de prediker van het hier en nu
Dat begon ook al in het paradijs. Toen zei de slang tot de vrouw: gij zult de dood niet sterven. Met een begrafenis kunnen we onder de indruk zijn, maar dat ebt al gauw weg. We geloven ten diepste niet, dat dit ook ons eenmaal zal gelden. Toen de Heere Jezus verzocht werd in de woestijn, zei de satan tegen Hem: "Al deze dingen zal ik U geven, indien Gij nedervallende mij zult aanbidden." Het hier en nu! Maar de mens zal bij brood alleen niet leven, maar bij alle Woord dat uit de mond Gods uitgaat. Ook hierbij moeten we niet alleen kijken naar de wereld. De moderne theologie durft te zeggen, dat hemel en hel verzinsels zijn van de mens. Hoe verder we komen, hoe meer verwarring en chaos en hoe meer men in staat is om angst rond te strooien. Nee, niet de maatschappelijke, maar de geestelijke nood dient centraal te staan. De Heere heeft in Zijn omwandeling gezegd: "De wereld gaat voorbij, en haar begeerlijkheid, maar die den wil van God doet, blijft in der eeuwigheid."
De satan is de ondermijner van Gods Woord
"Is het ook dat God gezegd heeft: Gijlieden zult niet eten van allen boom dezes hofs?" Dat gebod begon de satan te ondermijnen. Zo had de Heere het niet gezegd, 't Was precies andersom. En hij zaait ook twijfel in het hart van Gods volk. De satan heeft zelfs Petrus willen gebruiken om de Heere te weerhouden van de kruisweg (Mattheüs 16: 22). De Heere zegt dan: "Ga weg achter Mij, satanas (...) want gij verzint niet de dingen die Gods zijn, maar die der mensen zijn".
De laatste veertig jaren is er op het terrein van de godsdienst ontzettend veel verwoest. Veel zaken worden op de snijtafel van het verstand gelegd. De Bijbel is niet het onwankelbare en betrouwbare getuigenis, maar een verzameling godsdienstige getuigenissen van vrome Israëlieten. Er wordt geschreven dat Adam nooit heeft bestaan. De zondeval zou nooit hebben plaats gehad. Christus is slachtoffer geworden van Zijn maatschappelijk streven en daarin is Hij ons een voorbeeld geworden. De verhalen over de opstanding hebben niet méér waarde dan een middeleeuwse legende. En wat zegt Paulus? "En indien Christus niet opgewekt is, zo is dan onze prediking ijdel, en ijdel is ook uw geloof."
De satan is de prediker van het evangelie wel naar de mens
Op een EO-jongerendag werd gezegd, dat de liefde van Christus machteloos is als jij die niet aanvaardt! Dat is nu een evangelie naar de mens. Dan is de zaligheid afhankelijk van onze keus. Een evangelist schreef eens: "Mijn leven is als een huis. Christus staat voor de deur en Hij blijft daar staan. Als ik open doe, komt Hij binnen!" Een evangelie naar de mens. Kies voor Jezus!
En God zag van de hemel of er één was die uit zichzelf God zocht. En er was er niet één. Gods volk wordt zalig, omdat God het wil. Het evangelie is niet naar de mens. Het is de Jood en de kerkmens een ergernis en de Griek en de verstandsmens een dwaasheid, maar het is een kracht Gods tot zaligheid een iegelijk die gelooft.
De satan gaat om als een briesende leeuw, zoekende wie hij zal mogen verslinden. Maar hij heeft ook de gedaante als een engel des lichts. Indien het mogelijk ware, dat hij ook de uitverkorenen zou verleiden. De satan kan influisteren dat je je bedriegt, dat het allemaal opvoeding, allemaal gevoel is. En toch is er een geheim wat de Heere verklaart in het hart van Zijn volk. Dan mag het geloof bij ogenblikken een vaste grond zijn. Niemand kan ze rukken uit Mijn hand en uit de hand Mijns Vaders. Straks wordt de satan geworpen in een poel van vuur en sulfer. Maar die vrouw uit Openbaring 12 wordt niet gemist. En er zal er niet één worden gemist! Ze zullen komen uit de grote verdrukkingen. Dan zijn zij méér dan overwinnaars in Hem, Die hen liefgehad heeft tot het einde toe.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 november 2001
Daniel | 32 Pagina's