JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Vonne van der Meer - Eilandgasten

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vonne van der Meer - Eilandgasten

LeesWijzer

8 minuten leestijd

De schrijfster Vonne van der Meer is ook in de reformatorische hoek geen onbekende meer. Bij het verschijnen van De avondboot, een vervolg op Eilandgasten, heeft het RD ruime aandacht aan haar geschonken. Toch lijkt het me de moeite waard haar voorlaatste boek (verschenen in 1999) aan de orde te stellen.

Het boek speelt zich af op het Waddeneiland Vlieland. De locatie is het vakantiehuis Duinroos, dat gedurende het seizoen door een breed scala van mensen wordt bewoond. Deze vakantiegasten worden in het boek beschreven. Een vreemd mengelmoesje, dus? Jazeker, aan de ene kant wel: ze hebben niets met elkaar te maken. Maar de verbindende schakel in het geheel is het gastenboek, dat aan het begin van het seizoen uitnodigend wordt neergelegd en na de vakantietijd wordt opgestuurd aan de huiseigenaar. Daar zorgt de schoonmaakster voor: zij houdt ook bijna dagelijks toezicht door langs te fietsen en bij de wisseling van de gasten het huis - en gastenboek! - te controleren. Zo weet de auteur toch het gevoel van eenheid voor de lezer in het verhaal aan te brengen. Subtiel versterkt ze dat gevoel door enkele details: het vogelveertje in het gastenboek, de tas aan het stuur van de vrouw die de gasten zien langs fietsen, al kijkend naar het huis.

De eerste vakantiegangers zijn een echtpaar met een klein kind. De wat overtrokken aandacht van de man (Chiel) voor zijn vrouw (Dana) blijkt te maken te hebben met het feit dat hij haar enkele weken geleden bij een verblijf in Berlijn ontrouw is geweest. Toen heeft hij bovendien een boek, dat Dana kort geleden voor haar dertigste verjaardag van haar vader gekregen had, aan de Duitse vrouw cadeau gedaan. Die Duitse vrouw dringt voortdurend hun beider gedachten binnen. Aan het einde van het hoofdstuk maakt Dana aan Chiel duidelijk dat ze wil vergeven, hoewel dat niet gemakkelijk zal gaan, en proberen ze te beginnen aan een nieuw leven met elkaar.

Het tweede hoofdstuk vertelt het verhaal van Sanne, een jong meisje. Ze is pas zwanger van een jongen die ze amper kent. Een vriendin van haar moeder, Martine, heeft haar uitgenodigd een poosje op het eiland door te brengen. Deze raadt haar aan "het" te laten weghalen; zelf heeft ze dat twintig jaar terug laten doen, zo blijkt uit haar herinneringen. Ze realiseert zich echter dat ze waarschijnlijk jaloers is op Sanne en komt met zichzelf en haar verdrongen herinneringen in het reine. Sanne kiest uiteindelijk voor het leven.

De derde gast is een man alleen van zeventig jaar. Sinds zijn vrouw is overleden, heeft het leven zijn zin voor hem verloren. Hij komt hier op Vlieland om een einde aan zijn leven te maken: in zee, dan kan het voor zijn twee dochters op een ongeluk lijken. Toch deinst hij terug voor die daad, die hij steeds uitstelt, omdat het schrijven van een afscheidsbrief aan zijn dochters zo moeilijk blijkt te zijn. Allerlei jeugdherinneringen die een fietstocht bij hem oproept, leiden er onder meer toe dat hij weer gaat verlangen naar zijn kinderen.

Daarna wordt het huis een week of drie bewoond door een echtpaar, Simone en Nils, met twee kinderen. Er zijn grote spanningen doordat de man wordt gepasseerd in de carrière die hij op zijn werk hoopte te maken. Hij maakt lange wandelingen en fietstochten alleen, om met zichzelf in het reine te komen. Als hij zover is, hebben ze 'nog bijna een week om er iets van te maken'.

Walter en Willemijn zijn twee studenten die al meer dan twee jaar samenwonen. Toch is er geen echte relatie tussen hen tweeën. Tom, die hevig verliefd is op Willemijn, heeft dat niet door. Als zij met hun drieën in Duinroos logeren, wordt het langzamerhand duidelijk: Walter voelt niets voor een vrouw, Willemijn is wel verliefd op Tom, maar weet niet of ze zich voor altijd aan iemand kan binden. Walter schrijft een afscheidbriefje als Tom en Willemijn gaan wandelen op het strand en vertrekt met de middagboot.

De laatste gast is een vrouw van tegen de zeventig die een slopende ziekte heeft. Ze is vanaf haar zeventiende jaar vaak op Vlieland geweest, eerst met vriendinnen, later met man en kinderen. Ze wil nu in de eenzaamheid tot rust komen. Haar herinneringen betreffen onder andere haar moeder, die ze niet anders kan zien dan als een harde en vrekkige vrouw. Toch komt ze in haar herinnering iets tegen waardoor ze weet: ze heeft van me gehouden. Ze schrijft al haar emoties van zich af in het gastenboek; als ze daarmee klaar is, snijdt ze de volgeschreven bladzijden eruit.

Aan het einde van het seizoen - en ook het einde van het boek - maakt de werkster het huis winterklaar. Ze ergert zich aan de uitgescheurde bladzijden - dat moet nog wel gedaan zijn door 'die heel verzorgde vrouw' - en stuurt het boek op naar de eigenaar van Duinroos. Het veertje, dat in elk verhaal wel even voorkwam, is er niet meer. De spullen die de gasten van strand, bos en duin hebben meegebracht en achtergelaten ruimt ze op: dennenappels in de open haard, de schelpen enzovoort naar zee. Misschien dat het 'volgend seizoen weer aanspoelt, en opgeraapt wordt door de volgende gasten? Dat steeds andere handen dezelfde dingen aanraken, bewonderen, een plaats geven. Dat niets verloren gaat.'

Met die laatste zinnen van het boek geeft de schrijfster iets van haar thematiek weer: het leven gaat door, in een steeds nieuwe kringloop van personen, omstandigheden en gebeurtenissen. Dat leven is maar kort, ook al gebeurt er in ieders leven zoveel. Het is de moeite waard je intensief met je leven bezig te houden, zoals vakantiegangers zoveel mogelijk voordeel moeten halen uit hun kortstondig verblijf op hun vakantiebestemming. In dat perspectief zijn wij mensen op aarde allemaal eilandgasten. Ik denk dat ik de titel zo wel mag interpreteren.

Als we dit boek vergelijken met veel twintigste-eeuwse literatuur van na de Tweede Wereldoorlog, kunnen we het positief beoordelen. Veel schrijvers hebben in de tweede helft van de twintigste eeuw zich beijverd om duidelijk te maken dat het leven zinloos is (existentialisme), dat normen en waarden niet meer bestaan of in ieder geval nutteloos zijn (postmodernisme). Tegen die achtergrond ademt dit boek een verkwikkende sfeer: mensen hebben het moeilijk met het leven, hebben problemen in hun relaties, worstelen met hun eenzaamheid, maar kiezen uiteindelijk toch voor het leven, voor (het herstel van) relaties, voor aanvaarding van hun lot.

Diverse recensenten vinden het boek wat te zoetsappig geworden. Ze missen 'de broeierigheid en erotiek, die de eerdere boeken van de schrijfster juist zo spannend maakten'. Laten we daar maar blij om zijn. Het zal wel te maken hebben met het feit dat Vonne van der Meer zich, evenals haar man, de schrijver Willem Jan Otten, gewend heeft tot het christendom: de Rooms-katholieke Kerk. Otten werd vorig jaar bekend door zijn publieke verdediging van het christendom tegenover de vele aanvallen daarop in de literatuur. Toch moet je bij het lezen van Van der Meers boeken daar niet al te veel van verwachten. Natuurlijk pleit Van der Meer voor een positieve kijk op het leven, natuurlijk is het heel mooi dat het meisje Sanne kiest voor het leven van haar kind en tegen abortus, natuurlijk is het mooi dat Nils erachter komt dat zijn vrouw en kinderen belangrijker zijn dan carrière maken. Maar iets van de 'enige troost in leven en sterven' zul je in dit boek tevergeefs zoeken. Misschien is dat te veel gevraagd van deze auteur op dit moment. Dat is ook iets wat zich in romans niet zomaar laat beschrijven zonder al te gauw in clichés te vervallen. Het hoeft geen verhaal in de stijl van de christelijke gezinsbladen te worden, waarin literaire aspiraties meestal afwezig zijn. Maar een kritische opmerking over dit punt wilde ik toch niet nalaten te maken.

Rest me nog een positief punt van de roman te noemen tot afsluiting. Het boek bestaat uit verschillende verhalen, die eigenlijk los van elkaar staan. Ik vind het knap dat de auteur deze tot een geheel heeft weten te smeden op deze manier. Allerlei kleine verwijzingen (het gastenboek, het veertje, de asbak, de werkster) die buiten het leven van de hoofdpersonen staan, leggen op een bijzondere wijze de band die het boek tot een roman maakt. Dat ze in een tweede deel daarop nog heeft weten verder te borduren zonder in herhaling te vervallen, is een compliment waard.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 juni 2001

Daniel | 32 Pagina's

Vonne van der Meer - Eilandgasten

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 22 juni 2001

Daniel | 32 Pagina's