Het zondagsschooluur
Bond van Zondagsscholen der Gereformeerde Gemeenten
Leiding geven aan een zondagsschoolgroep... Wat houdt dat in en hoe verloopt een zondagsschooluur? Over deze en andere vragen spraken wij met juf Anja van der Hoek, zondagsschooljuf te Boskoop.
Kun je iets vertellen waarom je zondagsschool bent gaan geven en aan welke groep je vertelt?
Vier jaar geleden werd ik benaderd om leiding te geven aan de zondagsschool en ik heb daarin toegestemd. Ik vind de zondagsschool heel essentieel. Het is nodig dat kinderen Bijbelkennis verkrijgen, psalmen leren, bezig zijn met de dingen van de eeuwigheid. Wat ze in de jeugd leren, komt later vaak terug.
Bij ons vertelt elke leid(st)er in iedere groep. We hebben drie groepen. Je vertelt drie weken achter elkaar in dezelfde groep, daarna heb je een zondag vrij, dan vertel je drie weken achter elkaar in de volgende groep en dat blijft zo rouleren.
Hoe bereid je in grote lijnen de Bijbelvertelling voor?
Ik lees eerst het gedeelte in de Bijbel door, vervolgens lees ik het Bijbelgedeelte nog een keer door met de kanttekeningen erbij. Voor de achtergrondinformatie gebruik ik 'Leren en leven' van drs. P. Cammeraat en het hervormd zondagsschoolblad. In dit blad staat de betreffende vertelling uitgeschreven. Ook zoek ik altijd een Psalm uit die bij de vertelling past.
Je moet voor verschillende groepen voorbereiden, zit er per groep verschil in de voorbereiding?
Het maakt wel uit voor welke groep je de vertelling moet voorbereiden. Bij de oudere kinderen probeer je wat meer achtergrondinformatie te geven. Je kunt ook proberen om een stukje uit de catechismus of uit de NGB bij de vertelling te zoeken. Bij de jongere kinderen moet je dat allemaal wat eenvoudiger houden, maar voor elke groep hebben we de verantwoordelijkheid dat we ons goed moeten voorbereiden en dat je dit bovenal biddend doet. Op de jaarvergadering van het afgelopen jaar werd erop gewezen, dat in elke vertelling Christus centraal moet staan. Vanuit elke Schriftplaats loopt er een lijn naar Christus. Dit is iets waar ik bij de voorbereiding het meest mee worstel, hoe ik dat moet doen. Ik heb het dan vooral over de vertellingen uit het Oude Testament, waar niet direct over Christus wordt gesproken.
Hoe wordt bij jullie het zondagsschooluur ingevuld?
Bij ons wordt er 's ochtends na de kerkdienst zondagsschool gegeven. We beginnen met het zingen van een Psalm, gebed, vervolgens overhoren we het geleerde waarvoor ze punten krijgen en we vragen terug van de vorige keer. De kinderen die met terugvragen goede antwoorden geven, kunnen ook een punt verdienen. Daarna gaan we met de 'snoepjesbus' rond. Dan komt de vertelling die ongeveer vijftien à twintig minuten duurt. Ter afsluiting zingen we nog een psalmversje. We hebben gekozen voor deze volgorde, omdat de kinderen na de preek niet gelijk heel geconcentreerd kunnen luisteren.
Hoe ervaar je het zondagsschooluur?
Soms moet je er wel eens moeite voor doen om de kinderen te motiveren. Er zijn ook uren dat de kinderen heel betrokken zijn en dat er wezenlijke vragen gesteld worden. Ik moest pas geleden vertellen over de vijgenboom uit Markus 11 die geen vruchten voortbracht. Eén van de kinderen vroeg: "Kun je vruchten voortbrengen als je geen nieuw hart hebt?" Je kunt dan door zo'n vraag een heel goed gesprek hebben met de kinderen. Daarnaast vind ik het fijn om op deze manier met de kinderen uit de eigen gemeente bezig te zijn.
Heb je tot besluit nog een tip voor andere leidinggevenden van de zondagsschool?
Ik merk wel eens dat leidinggevenden het er moeilijk mee kunnen hebben, als de kinderen niet stilzitten onder de vertelling. De vraag komt dan: "Luisteren ze wel?" Uiteraard moet er rust en eerbied zijn als je je vertelling gaat beginnen. Maar laat je niet al te zeer ontmoedigen door de houding van kinderen. Ga door met je vertelling en probeer je niet te laten afleiden. Ik heb een jongen in de klas gehad, die voor mijn gevoel alleen maar zat te wiebelen onder de vertelling en waarvan de ouders mij zeiden, dat hij thuis de Bijbelvertelling altijd precies kon terugvertellen. Wij hebben de verantwoordelijkheid ons goed voor te bereiden, het is God alleen Die de wasdom geeft.
Zij komen aan, door Codd'lijk licht geleid,
Om 't nakroost, dat den HEER wordt toebereid.
Te melden 't heil van Zijn gerechtigheid
En grote daden. Psalm 22: 16
Stolwijk, Jannie de Jong
Ds. A. Bac hoopt dit najaar afscheid te nemen als voorzitter. Ter afsluiting wil hij het volgende graag aan de leiders en leidsters van zondagsscholen meegeven.
Ik ben de Weg
Wij weten allemaal wat een weg is en wat met een weg wordt bedoeld. We maken er ook regelmatig gebruik van. Een weg dient om twee plaatsen aan elkaar te verbinden. Via de weg gaan we van plaats A naar plaats B. In Johannes 14: 6 zegt de Heere Jezus: Ik ben de Weg. Jezus Christus, de Zoon van God, is de Middelaar Gods en der mensen. Hij is daartoe door de Vader gegeven. De Heere Jezus zegt Zelf: Niemand komt tot de Vader dan door Mij. Het komt in dit leven voor dat een aantal wegen naar één en dezelfde plaats gaan. Zo is het hier niet, Jezus Christus is de Weg, Hii is de enige Weg die tot God geopend is. Als Christus zegt dat we alleen door Hem tot de Vader kunnen gaan, betekent dit, dat in het licht van de eeuwigheid alle wegen buiten Christus doodlopende wegen zijn. Het zijn wegen die op het verderf uitlopen. Zo gaat de mens van nature op de weg die naar het verderf gaat. Wanneer de Heilige Geest vanuit het Woord daar licht over geeft, is het met de dodelijke rust in ons hart gedaan, en gaan wij zoeken naar de Weg des Levens. Er moet wat gebeuren in ons leven: daar is de mens, die van de Heere geleerd wordt, diep van vertuigd. Ja, er wordt in het gebed wel gesmeekt: "Heere, leer mij de Weg door U bepaald, dan zal ik die ten einde toe bewaren, ja leidt mij op de eeuwige Weg". Zo is Christus de enige Weg. Hij is ook de ware Weg.
Wat is het nodig om elkaar op die Weg te wijzen. Dat houdt tegelijk in, dat wij elkaar moeten zeggen dat onze weg van nature een heilloze weg is. Wat is er een wijsheid voor nodig om elkaar op die weg te wijzen! Tegelijk moet je zeggen, dat er weinig aandacht voor dit onderwerp is.
Wat vereist het een goede voorbereiding om te vertellen op de zondagsschool. Maar ook gebed: "Heere, geeft U toch de opening van Uw Woord, opdat ik dat mag en zal verstaan, om het anderen in alle eenvoud door te geven". Het gevaar is groot, dat wij het te moeilijk maken. Het is een grote zegen als wij kind met de kinderen mogen zijn.
Christus zegt dat Hij de Weg is. Als Christus er niet was, dan zou elke mogelijkheid van behoud en zalig worden uitgesloten zijn. Buiten Christus en Zijn borgtochtelijk lijden en sterven is er geen behoud denkbaar. Elke weg buiten Christus' offer en bloed is een doodlopende weg. Daarover zegt de Schrift dat het einde daarvan het eeuwig verderf is. O laten wij dat toch met ernst en aandrang aan de kinderen zeggen, opdat zij het niet alleen zouden horen, maar ook door de kracht van de Heilige Geest in het hart verstaan. We moeten het maar eerlijk tegen elkaar zeggen dat de mens, ook jonge mensen, er zo voor openstaat zich op een heilloze weg te begeven of te laten leiden. O, wat zal het einde zijn van de brede weg, die naar het verderf leidt? Het einde daarvan is de dood.
Wat is het een groot wonder, dat God Zelf, naar Zijn eeuwig voornemen, een Weg tot het leven geopend heeft. Dat is de ware Weg. Die op die Weg mag wandelen zal niet dwalen. Dat is tegelijk ook een smalle weg. De zonden kunnen niet mee op die Weg. Anderzijds is het een betrouwbare Weg. Deze leidt tot het eeuwige leven. Het einde daarvan zal vrede zijn. O, dit is de Weg, wandelt in dezelve.
Bodegraven, ds. A. Bac
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 18 april 2001
Daniel | 32 Pagina's