JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Eenzaam en alleen in  de gemeente?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Eenzaam en alleen in de gemeente?

De betekenis van het gemeenteleven voor de 'alleen-gaanden'

13 minuten leestijd

In ons land wordt eenzaamheid 'een volksziekte' genoemd. Dat is een schrikbarend feit! Eenzaamheid is een algemeen verschijnsel. Zowel mannen als vrouwen, jongeren als ouderen kunnen kampen met gevoelens van eenzaamheid. Of je tussen veel mensen leeft of alleen bent, het maakt geen verschil. De eenzaamheid kan toeslaan. We richten ons deze keer op de betekenis van het gemeenteleven voor de 'alleen-gaanden'. Een aantal reacties heb ik in dit artikel verwerkt.

Weet je dat Koningin Wilhelmina aan het einde van haar leven al 'voorspeld' heeft dat de eenzaamheid in ons land zou toenemen? In haar boek 'Eenzaam maar niet alleen' schrijft ze erover. Haar gedachte is dat wanneer mensen in de samenleving zich vooral richten op vooruitgang, techniek en promotie, juist het 'samen-leven' verdwijnt. Als we zo opgeslokt worden door de jacht van het leven, komt de echte ontmoeting onder elkaar in het gedrang... Individualisme bedreigt de samenleving!

 

Eenzaamheid

Het meest aangrijpende van langdurige eenzaamheid is wel de grote leegte. Een leegte die gevuld wordt met een gevoel van verlatenheid, angst en machteloosheid. Een gevoel dat ieder mens op een heel persoonlijke manier kan beleven. En waar iedereen ook weer op eigen wijze mee omgaat. Eenzaamheid kan ontstaan als de praktijk van het leven heel anders is dan je graag wilt, hoopt of verwacht. Het wordt echt een probleem als die eenzaamheid voor lange(re) tijd je leven beheerst en je functioneren belemmert. Ten diepste kent ieder mens eenzaamheidsgevoelens. Het is het gevolg van de zondeval. We zijn van de Heere, van elkaar en ook van onszelf vervreemd geraakt. Dus eenzaam!

 

Alleen zijn

We mogen het begrip eenzaamheid niet verwarren met 'alleen-zijn'. Het is soms fijn en noodzakelijk om alleen te zijn. Als je jezelf kunt terugtrekken uit alle geroezemoes van het leven, komt er plaats voor rust, voor bezinning, voor ontspanning of voor studie. Sommige mensen hebben meer behoefte dan anderen aan 'momenten van alleen-zijn'. Maar zeker ook voor de persoonlijke omgang met de Heere is het belangrijk dat we alleen kunnen zijn. De Heere Jezus Zelf ging ook regelmatig op de berg 'alleen' om te bidden!

 


Ik woon alleen in een flatje en kan vanwege mijn psychische klachten niet werken. Daarbij vind ik het moeilijk om contacten te leggen. Hierdoor heb ik buiten mijn ouders en broers om weinig contacten. Op advies van de maatschappelijk werker van De Vluchtheuvel heb ik een aanvraag gedaan voor het 'sonoproject'. (Een project waarbij De Vluchtheuvel helpt om een sociaal netwerk op te zetten door gebruik te maken van al bestaande contacten of door het opzetten van een nieuw netwerk - HdG). Dit kan een goed hulpmiddel zijn om nieuwe contacten aan te gaan om zo een sociaal netwerk binnen de gemeente rondom mij te vormen.


 

Alleen-gaanden

Binnen onze Gereformeerde Gemeenten zijn echter ook jongeren en ouderen die weten wat eenzaamheid betekent. Deze keer richten we onze vragen over eenzaamheid op die gemeenteleden, die als alleen-gaanden in de gemeente staan. Volwassenen dus, die nog geen perspectief hebben op een huwelijk. We merken dat een aantal van hen daar vrede mee kan hebben. Van verschillende kanten weten we ook dat alleen-gaanden hun leven rijke inhoud mogen geven. 'Er is naast de alledaagse verplichtingen tijd en ruimte om me bezig te houden met de diepere dingen van het leven. Soms denk ik te begrijpen wat Paulus schrijft over de waarde van het ongehuwd zijn. Vooral als ik mijn leeftijdgenoten om me heen zie, die nu ouders zijn van een jong gezin. Ze leiden zo'n druk bezet leven. Ze worden vaak echt opgeslokt door familie- en gezinsomstandigheden. Ik voel me dan wel eens bevoorrecht, omdat ik wel aan mezelf toe kan komen!' Maar ook horen we van anderen, die juist erg kunnen lijden onder dat alleen-gaande leven.

Sommigen van hen voelen zich kwetsbaarder dan gehuwden als het over eenzaamheid gaat. Wat zegt ons dat als mede-gemeentelid? Hoe krijgen we oog voor elkaar? Allereerst is het belangrijk dat we iets meer van het ontstaan van eenzaamheidsgevoelens weten.

 

Oorzaken van eenzaamheid

We komen mensen tegen die hun momenten van eenzaamheid niet als een probleem ervaren dat het leven beheerst. Zij kunnen ermee omgaan. Vaak zijn deze alleen-gaanden vrij spontaan in de omgang met andere mensen. Zij kunnen goed aangeven wat ze nodig hebben. Wat ze wel of niet fijn vinden. Wanneer het soms moeilijk loopt in hun leven en ze verdriet hebben om het alleen-zijn, zijn ze toch vaak in staat om dat verdriet aan te pakken. Er wordt naar oplossingen gezocht en vaak durft de persoon ook de eenzaamheidsgevoelens met iemand te delen. Ze tonen initiatief en durven hun kwetsbare kant te laten zien.

Anderen verwoordden de eenzaamheid wel als een levensgroot probleem. Er zijn verschillende oorzaken te noemen voor langdurige eenzaamheidsgevoelens. Je vindt ze hieronder. Al lezend zul je ontdekken dat de oorzaken wel verband met elkaar houden. Bij de voorbeelden kiezen we voor levensomstandigheden van alleengaanden binnen de kerkelijke gemeente, terwijl voor gehuwden dezelfde oorzaken kunnen meespelen.

 


Paulus wijst in 1 Korinthe 7 op de zegen van het alleen zijn. Het is een voorrecht voor mij om ongestoord Gods Woord te kunnen lezen en overdenken, de tijd en de gelegenheid te hebben om te spreken met de Heere in het gebed. Bovendien zegt de Heere in Jesaja 54: 1 dat de kinderen van de eenzame meer zijn dan de kinderen van de getrouwde. Ik mag het persoonlijk ervaren, hoewel ik ongetrouwd ben, toch kinderen te hebben, geestelijke kinderen door God op mijn weg gebracht.

De zegen van de gemeente heb ik bijzonder ervaren toen ik moest verhuizen. De ene vader bood aan mij in de tuin te helpen en andere mannen stonden spontaan voor me klaar om te sjouwen. Jongeren hebben geholpen met verven en behangen... Vrouwen uit de gemeente hebben schoongemaakt. Gods zorg voor mij werd zichtbaar in de mensen die me geholpen hebben. Moeilijk vind ik het als afgelezen wordt dat er 'manslidmatenvergadering' zal zijn. Na afloop wordt de krant nog eerder op de hoogte gesteld dan de eigen gemeenteleden. Een andere pijnlijke situatie is als er gebeden wordt of de Heere ons daar wil brengen waar we verwacht worden. Ik vind het daarentegen fijn als de dominee bidt of de Heere de eenzamen thuis op wil wachten.

Een alleen-gaande vrouw


 

De omstandigheden

Pieter heeft op zijn veertiende jaar een ongeluk gehad. Hij was ernstig gewond en heeft blijvend letsel. Hij is nu 25 jaar. Het lopen gaat niet goed en ook zijn reactievermogen is verminderd. Hij voelt zich in de kerk wel vaak alleen gelaten. Hij heeft al een aantal keren meegemaakt dat zijn vrienden verkering kregen en trouwden. Elke keer betekende dat voor hem loslaten, afstand nemen.

"Voor de meeste mensen is het inmiddels gewoon dat ik ben zoals ik ben", zegt hij. "Maar voor mij went het nooit; ik trek mezelf vaak terug, verzin smoesjes om net te doen alsof ik nergens mee zit, maar niemand weet wat ik echt voel. Wat mijn toekomst betreft? Steeds eenzamer... En niet alleen in de kerk..."

Joke geeft als eerste reden voor haar eenzaamheidsgevoelens aan dat ze alleen is.

"Het is net of mijn leven niet af is. Ik voel me anders dan getrouwden in de kerk. Ik beleef niet wat ook vaak in een preek genoemd wordt: het huwelijk als een beeld voor de eenheid van Christus en Zijn bruidskerk."

 

Karakter en persoonlijkheid

Marian is in haar kinderjaren veel geplaagd. Zelf ziet ze dat als oorzaak van haar eenzaamheidsgevoelens. In een groep is ze verlegen, ze schaamt zich als ze iets zegt en is altijd bang dat anderen haar bekritiseren. Het liefst zegt ze niets. Op de +21-vereniging laat ze zich niet meer zien. "Tussen al die vlotte mensen daar voel ik me angstig en machteloos." Na drie keer zei ook niemand meer iets tegen haar. "Logisch natuurlijk, want wie praat er graag met zo'n saaie." Ze vindt het eigenlijk ook wel begrijpelijk dat ze niet getrouwd is: "Wie kan er nu op mij verliefd raken?"

 

Gedrag

Joost over het contact met leeftijdgenoten: "In de groep hang ik erbij; dat blijkt steeds weer. Ik kan het nooit goed doen". Joost geeft aan zich eenzaam te voelen, want hij merkt dat hij niet echt bij de club hoort. Hij snapt niet dat zijn eigen gedrag anderen vaak irriteert.

 

De omgeving trekt zich terug

Marijke woont alleen op kamers. Ze komt niet elke zondag naar de kerk, omdat ze regelmatig naar familie gaat. Wanneer er mensen vanuit de gemeente op bezoek komen, blijkt dat Marijke boordevol kritiek zit over het gemeenteleven.

"Je komt er nooit in; niemand zit op mij te wachten. Er is wel eens gevraagd of ik een keer wil komen, maar dan moet ik altijd zelf nog een afspraak maken."

Na heel veel pogingen van verschillende kanten om Marijke erbij te houden, zijn de gemeenteleden onzeker geworden en nemen afstand, want 'je kunt het bij haar toch nooit goed doen'.

 

Gemeenteleven: zon-en schaduwzijden

Om te bezien wat de kerkelijke gemeente voor alleen-gaanden kan betekenen, hebben we aan Mark en Elise gevraagd hun 'gemeente-ervaringen' te vertellen. Ze noemen enkele knelpunten en zoeken daarna naar mogelijkheden tot verbetering van het onderlinge contact in de gemeente. Als je het gesprek leest, is het goed om het artikel van ds. C. Harinck over 'Gemeente-zijn in Bijbels licht' in Daniël nummer 2 er naast te leggen. Elise: "Ik ben allereerst dankbaar dat ik bij een gemeente hoor. Naast mijn familie is de gemeente voor mij heel belangrijk. Ik weet dat ik in moeilijke tijden mag aankloppen voor pastorale zorg. Maar ook bij enkele gemeenteleden kan ik mijn verhaal kwijt."

Mark: "Wat jij zegt, vind ik ook wel, maar ik zie mezelf nog niet zo snel naar iemand toegaan als ik het moeilijk heb. Eerder ga ik dan naar mensen die verder van mij af staan. Ik vind het vreselijk om binnen de gemeente het stempel van de 'zielige jongen' te krijgen. Dat zou mij alleen maar een onveilig gevoel geven."

Elise: "Voor mij is het 'erbij horen' heel wezenlijk. Maar het gemeenteleven kan ook heel confronterend zijn. Bijvoorbeeld 's zondags als ik alleen een plekje zoek in de kerk, terwijl ik om me heen (echt)paren samen zie komen of ouders met hun kinderen zie zitten. Vooral ook doordat ik geen familie in de kerk heb, kan het mij overvallen dat ik toch een eilandje ben. Ik waardeer het trouwens wel dat ik regelmatig bij gezinnen uitgenodigd word. Maar soms zeg ik dat ik liever een andere keer kom, omdat ik het dan niet goed aankan. Wat ik echt naar vind, is als ik informatie uit de gemeente mis. Bijvoorbeeld na een ledenvergadering. Wanneer ik dan later in de wandelgangen over iets hoor praten waar ik niets van weet, voel ik me er echt bijhangen. Als ik moet wachten tot de kerkbode komt, is het vaak al 'oud nieuws'."

Mark: "Om bij je eerste opmerking te beginnen: ik ben meestal niet jaloers op ouders in de kerk. Soms vraag ik me af wat zij kunnen oppikken van een preek met al dat gewiebel naast zich! Maar bij een doopdienst of een huwelijksaankondiging voel ik wel vaak iets prikken van binnen. Vooral sinds de trouwdienst van een vriend toen iemand aan mij vroeg of ik dacht ook eens aan de beurt te komen... Hoe kijkt zo iemand tegen mij aan? Ben ik vreemd? Ik denk trouwens dat het van meisjes en vrouwen veel meer geaccepteerd is dat ze alleen blijven dan van jongens en mannen. En door je opmerking over informatie na een ledenvergadering zet je me wel aan het denken: ik had je ook wel eens kunnen bellen. Ik heb er nooit bij stilgestaan dat je daar als vrouw-alleen niets over hoort."

 


Nu iets over mijn alleen-zijn in de gemeente. Ik ben heel spontaan, maar moet veel moeite doen om goed contact te krijgen. Ik voel me lang niet alleen in mijn gemeente. Ik zal een paar dingen opschrijven die ik daarbij belangrijk vind.

Ga er van uit dat anderen positief over je denken.

Wees niet zo op jezelf gefixeerd.

Zet je deur vrijblijvend open voor anderen.

Wees reëel ten opzichte van andere gemeenteleden: iedereen heeft zijn of haar drukke gemeenteleven.

Heel beschamend is het voor jezelf als je ziet wat wij soms allemaal van anderen verwachten, maar wie zijn wij voor andere gemeenteleden? Ik voel me echt wel eens heel alleen, maar dat komt dan omdat m'n zorgen en m'n eenzaamheid de overhand hebben. Dan heb je vaak geen oog voor de ander.

Een alleen-gaande man


 

De gemeente: een lichaam; velerlei leden

Belangrijk is de omgang met elkaar binnen de gemeente. Zowel voor de alleen-gaanden als voor de andere gemeenteleden kunnen onderstaande aandachtpunten bijdragen om binnen de gemeente een veilige gemeenschap te vormen voor iedereen. In 1 Korinthe 12 wordt het beeld van een lichaam gebruikt voor de gemeente. Hebben we ook in onze gemeente oog voor ieders plaats en ieders mogelijkheden? Kijken we soms niet over mensen heen, zodat 'te' veel op een paar schouders terecht komt? Doen we daarmee niet tekort aan anderen die hun talenten ook dienstbaar hebben te stellen in de gemeente? Vinden we tegenover het individualisme van onze tijd in de kerk het samenzijn terug?

Wordt er in de gesprekken naar elkaar geluisterd? Is er belangstelling en respect over en weer? Vooroordelen staan een open communicatie in de weg. Het stellen van open vragen brengt dichter bij elkaar. Zijn de contacten betrouwbaar, waardoor je iets persoonlijks durft te vertellen? Gaan we respectvol met elkaar om?

Beseffen we dat we eikaars moeiten niet kunnen 'oplossen', maar dat onderlinge verbondenheid en gebed voor elkaar echte steun betekenen? Willen we ons inzetten voor het verenigingsleven? Welke mogelijkheden zoeken we op om elkaar echt te ontmoeten?

 

De Bron van het gemeenteleven

We kunnen als alleen-gaanden met de andere gemeenteleden ons best gaan doen om binnen de gemeente meer op elkaar te gaan letten. Dat is een goed voornemen, maar wat komt er doorgaans van terecht als we in eigen kracht gaan verbeteren?

Er is een belangrijker vraag: zijn we werkelijk van harte lid van de gemeente? Mogen we het ook heel persoonlijk weten lid te zijn van de levende Kerk, waarvan Christus het Hoofd is? Dan weten we er ook iets van dat de Heere het leven van ons en van anderen leidt. De een binnen het huwelijk, de ander erbuiten. Dan leert de Heere ons ook iets van de uitnemendste gave te verstaan: De liefde voor de Heere en voor onze naaste. Kijk maar in 1 Korinthe 13: En al ware het dat ik al mijn goederen tot onderhoud der armen uitdeelde, en al ware het dat ik mijn lichaam overgaf opdat ik verbrand zou worden, en had de liefde niet, zo zou het mij geen nuttigheid geven. Kan het van onze gemeente gezegd worden: zie hoe lief zij elkaar hebben?

Laten we niet eerst naar anderen kijken, maar bij onszelf beginnen. Hoe sta ik in de gemeente? Dat brengt op de knieën voor God. Bij Hem is alles te verkrijgen wat ons ontbreekt. Tot Wie zullen we dan anders heengaan, ook met de vragen over het gemeenteleven?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 maart 2001

Daniel | 32 Pagina's

Eenzaam en alleen in  de gemeente?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 maart 2001

Daniel | 32 Pagina's