Een kind zoals alle andere kinderen, en toch...!
Meditatie
Boter en honing zal Hij eten, totdat Hij weet te verwerpen het kwade en te verkiezen het goede. Zekerlijk, eer dit Knechtje weet te verwerpen het kwade en te verkiezen het goede, zal dat land waarover gij verdrietig zijt, verlaten zijn van zijn twee koningen. Jesaja 7: 15 en 16.
In deze moeilijke passage uit het boek Jesaja wordt ons een adventsgedachte aangereikt, en tegelijk is het een rijke profetie over het leven van Jezus op deze aarde en van de trouw van Gods Verbond.
Jonge vrienden, dat verbond zal nooit verbroken worden en de Heere blijft getrouw. Wij hebben ons de vloek Gods waardig gemaakt. Verloren in zonden en schuld is het van onze kant onmogelijk om tot God te genaken. Dat wordt de beleving als de ogen opengaan door de wederbarende genade Gods. Wij kunnen niet meer bij God komen en Hij niet meer tot ons. Maar God heeft uitgedacht en uitgewerkt, dat het toch weer mogelijk is. Het is ontsproten aan de innerlijke bewegingen der barmhartigheid onzes God, met welke ons bezocht heeft de Opgang uit de hoogte (Lukas 1: 78).
In de woorden van Jesaja wordt uitgewerkt op welke wijze dat zal gebeuren. Boter en honing zal Hij eten, totdat... en dan zal Hij verwerpen het kwade en verkiezen het goede. Het knechtje waarvan Jesaja spreekt, zal de beloofde Messias zijn. Hij zal boter en honing eten, Hij zal ook echt kind zijn. Geen schijnlichaam, geen onwezenlijk kind, geen menselijk wonderkind, maar wel een wonder van goddelijke oorsprong. Hij zal geen bijzondere opvoeding krijgen, maar Hij zal een kind zijn als andere kinderen. Hij moest immers in verband met het doel van Zijn komst waarachtig en rechtvaardig mens zijn. Hij moest heilig zijn en toch ons vlees en bloed aannemen. Ziedaar het Kind, dat boter en honing eten zal. Eigenlijk wordt ons hier een teken gegeven, dat koning Achaz niet wilde hebben, namelijk een teken beneden in de diepte en boven uit de hoogte. Jezus wordt ons in dit verband getekend in Zijn twee naturen, verenigd in één Persoon. Een wonderlijke en aanbiddelijke troost voor een volk, dat in duisternis wandelt en zo'n Middelaar nodig heeft.
Maar in deze tekening wordt ons ook geleerd, dat het geloof nodig is om in Hem de Zoon van God, de Zaligmaker te zien. Anders lopen we eraan voorbij. Dat is gebleken bij Zijn komst op aarde, maar ook tijdens Zijn omwandeling. Helaas zagen velen het niet. Men zag in Hem een gewoon kind en een echt mens. Maar het geloof nam Hem in de armen (Simeon). En door het geloof mocht Petrus belijden: "Gij zijt de Christus, de Zoon des levenden Gods". Alleen voor een zondaar krijgt deze Middelaar Gods en der mensen wezenlijke waarde en inhoud.
Hij zal boter en honing eten, totdat... Dit kind zal wassen en toenemen. Hij zal echt kind zijn. Hij zal net als ieder ander kind de menselijke ontwikkeling doormaken tot de tijd daar is dat Hij het kwade weet te verwerpen en het goede te verkiezen. Reeds op twaalfjarige leeftijd in de tempel is het gebleken. Toen heeft Jezus reeds het goede verkozen. Hij kende Zijn opdracht en waartoe Hij was verordineerd en is ook gewillig geweest in het doen van die dingen. Jezus wist op volmaakte wijze het kwade te verwerpen en het goede te verkiezen. Hij heeft de verzoeking van satan verworpen, die Hem koninkrijken beloofde en Hem alzo van Zijn opdracht, maar ook van Zijn liefde wilde afbrengen. Maar Hij heeft ook de verleiding van mensen weerstaan om Zijn arbeid op te geven. Niet alleen de goddeloze wereld bewijst hier vijandschap, maar ook de Zijnen die Hij van eeuwigheid liefgehad heeft, behoren aanvankelijk tot degenen die Hem tegenstaan. Echter, Jezus heeft de voorstellen van Zijn discipelen verworpen, toen ze op de berg der verheerlijking voorstelden: "Laat ons hier maar drie tabernakelen maken". In voor Hem vernederende omstandigheden is Hij juist gehoorzaam geweest. Wat een troost en zekerheid voor de Kerk des Heeren. Hij heeft alles tot zaligheid van de Zijnen volbracht.
Gods kinderen leren zichzelf kennen als eerrovers Gods. Zij moeten zichzelf aanklagen, dat zij zo vaak het verkeerde verkiezen en het goede verwerpen. Maar nu is Hij gegeven als het teken, het verbondsteken tot zaligheid voor de Zijnen. Er is altijd weer zonde van onze kant. Ik ben vleselijk, zegt Paulus, verkocht onder de zonde. Zie dan dat Kind in Zijn ware en volmaakte menselijke natuur. Zo'n Hogepriester betaamt ons. Jesaja profeteert: eer dit Kind groot zal zijn, zullen de bedriegers van Juda en van het verbond (vers 6) de dood gevonden hebben. De vijandelijke landen van Juda zullen ervaren, dat de Heere hun koning weg zal werpen. En zij zijn binnen enkele jaren een gewelddadige dood gestorven. Ook voor Achaz, die niet geloven wilde en daarom geen teken begeerde, betekende het een eeuwige ondergang. Ondanks zijn godvruchtige vader boog hij niet voor de God des Verbonds. Jonge vrienden, hoe is dat bij jullie? Jullie leven onder het teken van het Verbond. Ben jij al onder de banier van Prins Immanuël? Hij was een kind onder de kinderen, maar tegelijk de Zoon des Vaders. O, wonder! Hij is over Zijn volk getrouw tot het einde!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 december 2000
Daniel | 35 Pagina's