Ons dagelijks brood
In gesprek met ds. A.M. den Boer over de vierde bede
Hebben aardse dingen ook zo'n grote plaats in je gebed? Is je gebed een verlanglijstje? Je mag bidden om 'dagelijks brood'. Wat is dat eigenlijk? Hoe moet je hierom bidden? En... als je bidt om iets 'aards' dat je heel graag wilt, maar de Heere verhoort (nog) niet, wat dan? Hoe weet je of dat in Gods gunst is? We spreken hierover met ds. A.M. den Boer.
Welke is de vierde bede? Geef ons heden ons dagelijks biood. Dat is: wil ons met alle nooddruft des lichaams verzorgen, opdat wij daardoor erkennen dat Gij de enige oorsprong van alles goeds zijt en dat nog onze zorg en arbeid, noch Uw gave zonder Uw zegen ons gedijen en dat wij derhalve ons vertrouwen van alle schepselen aftrekken en op U alleen stellen.
Hij is lange tijd predikant geweest in Canada en de Verenigde Staten. Op de dag van ons gesprek is het precies 32 jaar geleden dat hij tot predikant is bevestigd in Ridderkerk. In Nederland heeft hij verder alleen Lisse gediend van 1986 tot 1989. Hij staat nu vier jaar in Dirksland.
Na de Academie voor Beeldende Kunsten in Rotterdam volgt de kunsthandel. De schitterende schilderijen in huis getuigen er nog van. Hij heeft op een gegeven moment vier kunsthandels. Jaren leeft de drang om te emigreren en daar verder proberen te gaan met de kunsthandel. Het lukt steeds niet om een visum te krijgen wegens inenting. In 1960 wordt het wel mogelijk, maar hij moet met zijn gezin wel uiterlijk 16 juli in de VS zijn. Op 17 juli preekt ds. Heerschap daar. Toen is de Heere hem te sterk geworden. 'De Heere moest me wel toeslaan naar het predikantschap, want ik had inmiddels een heel goed lopende zaak. Ik wilde steeds maar niet. Het brak op een gegeven moment bij mijn handen af, tot ik moest uitroepen: "Heere, ik zal U volgen".'
Aardse zaken eisen vaak onze aandacht te veel op. Waarom horen ze er toch helemaal bij in het volmaakte gebed?
De Heere heeft ons geschapen met een ziel èn een lichaam. Dit moeten we vasthouden. Luther legt 'dagelijks brood' uit als het brood des levens, dus meer geestelijk. Calvijn en de Catechismus leggen heel duidelijk het accent op het concrete brood, onze geestelijke en - heel nadrukkelijk - onze lichamelijke noden. Ook het wereldgebeuren valt hieronder.
Opvallend is dat het gebed om het dagelijks brood zelfs voor de geestelijke gebeden 'vergeef ons onze schulden' en 'leid ons niet in verzoeking' staat. Waarom doet de Heere Jezus dat?
Het komt overeen met de scheppingsorde: de Heere schiep eerst het lichaam en daarna de ziel. En Christus heeft Zijn Kerk gekocht naar ziel en lichaam beide. De Heere neemt eerst de broodzorg weg, zodat daarna om geestelijke zorgen gebeden kan worden. Eerst mogen de tijdelijke noden opgedragen worden, maar de geestelijke mogen niet vergeten worden.
De Heere wil gebeden zijn om al onze lichamelijke noden. Als we er dan maar bij bidden: Uw wil geschiede.
Enkele Bijbelse voorbeelden: de melaatse, die bad: 'Indien Gij wilt, Gij kunt mij reinigen', de man die door het dak werd neergelaten, de bloedvloeiende vrouw. Nergens staat daar iets over geestelijke nood. Het gaat over lichamelijke nood. De Heere gebruikt vaak moeilijke situaties om uit te drijven tot Hem. Hij heeft er een bedoeling mee.
In de gewone orde staat Gods eer op de eerste plaats. De mens is geschapen om Hem te bedoelen. Het Onze Vader is bovendien niet gegeven om altijd letterlijk zo te bidden. Het geeft aan om welke zaken de Heere gebeden wil zijn.
Wat houdt 'Geef ons heden ons dagelijks brood' allemaal in? Mag je alleen bidden om het allernoodzakelijkste?
De Catechismus zegt: 'wil ons met alle nooddruft des lichaams verzorgen'. Brood betekent hier dus veel meer dan het brood dat wij eten. Het gaat hier om alles wat we nodig hebben voor ons dagelijkse leven, ons levensonderhoud. Het gaat bijvoorbeeld om eten en drinken, frisse lucht, kleding, geneesmiddelen, opleiding, werk vinden. We mogen het allemaal voor Hem neerleggen.
Jabez bidt in 1 Kronieken 4: 10 om veel rijkdom en de Heere hoorde Zijn gebed. Het gaat hem niet om vergroting van macht, maar om vervulling van Gods opdracht. Salomo gebruikte ook zijn rijkdom in de dienst van God. De een heeft wel meer nodig dan de ander. Voor de koningin omvat 'dagelijks brood' meer dan voor ons.
Leidt overvloed niet af van de Heere en Zijn dienst? Drijven wij door onze welvarende levensstijl niet de spot met deze bede?
Toen de kunstmest kwam, zei een boer: nu hoeven we geen biddag meer te houden. Afhankelijkheid van God verdween. Er staat: 'Toen Jeschurun vet werd, sloeg hij achterwaarts'. Alle overvloed is geen zegen. In de VS hebben velen een boot, vervolgens ook een camper en daarna een vakantiehuis. De mentaliteit is tegenwoordig dat ik en alleen mijn gezin in het middelpunt staan. De nood van de naaste verdwijnt dan uit beeld en de zondag komt in het gedrang.
We zijn kind van onze tijd. Kranten en media houden ons voor dat de mens niet gelukkig is, als hij dat ene niet heeft. We lijden aan 'instant satisfaction', ofwel 'directe behoeftenbevrediging'. Je wilt als jongere allemaal een brommer of scooter en later een auto.
God vraagt matigheid van ons, hoewel wat matig is wel gerelateerd wordt aan onze stand. God vraagt niet om in diepe armoede te leven.
Mozes is een mooi voorbeeld voor onze gemeenten. Hij verkoos liever met het volk van God smadelijk behandeld te worden boven de rijkdommen van Egypte. Hier zouden we meer van moeten kennen.
Het gebed gaat over 'dagelijks' brood. Wat betekent dit?
'Dagelijks' wil zeggen 'genoegzaam', tot onderhoud voor die dag voldoende. Een christen mag zonder zorgeloos te zijn van dag tot dag uit Gods hand leven. God zorgt zelfs voor vogels, waarom zou hij dan niet voor Zijn kind zorgen? Elia's raven zijn dood, maar Elia's God leeft nog.
David Brainerd, zendeling onder de indianen, was eens op reis. Er kwam een snelle weersverandering, zodat hij drie dagen in een holle boom verbleef zonder eten. Maar elke dag kwam een eekhoorn en bracht hem een voorraad nootjes, precies genoeg voor één dag. Wonderlijkl
Je moet van dag tot dag leven. Hoe moet je dan bidden voor plannen voor de toekomst?
Ik heb zakelijk ook wel plannen gemaakt en beslissingen genomen waarvan ik dacht dat het in Gods gunst was. Maar het was wat ik graag wilde...
Hoe weet je nu dat het een beslissing of plan in Gods gunst is?
Bij George Müller heb ik eens het volgende gelezen: eerst is het nodig dat ik niet mijn wil doorvoer, maar me onvoorwaardelijk onderwerp aan de wil van God. Ik moet ook niet afgaan op mijn gevoel, maar op wat God en Zijn Woord tot mij zeggen. Ten derde let ik op de omstandigheden in Gods voorzienigheid en vraag ik of de Heere Zijn weg wil verklaren. Wanneer ik dan twee of drie keer bid en vrede in het hart blijf ervaren, dan weet ik dat het Gods wil is.
Toch blijven misschien dingen wel eens niet duidelijk...
Doe het niet bij twijfel in het hart. Ik geloof dat de Heere altijd de weg wijst, als we in afhankelijkheid van Hem leven. Bij de beroepen die ik kreeg, ondervond ik steeds dat de Heere Zijn wil bekend maakt.
Het beroep naar Norwich had ik niet aangenomen als ik mijn verstand had gebruikt: de gemeente lag net in drie stukken en mijn gezin was tegen. Maar de Heere sprak door Zijn Woord. Ik wilde altijd graag eens preken over de verheerlijking op de berg. Het maken van deze preek lukte me steeds niet. Het ging toen bij dat beroep plotseling wel. De tekst ging over de gewillige Christus. Ik zocht naar een ander voorbeeld van een onwillige om Gods weg te gaan. Ik kwam uit bij Jona. Hij wilde niet naar Ninevé. Ik herkende mezelf en alle bezwaren vielen weg. Dit was de weg die ik moest gaan.
Mag je letten op je gaven en talenten als je staat voor studiekeuze of keuze van beroep en werk?
Bij studiekeuze mag je best letten op je gaven en talenten. Mede hieruit kan de Heere duidelijkheid geven. De Heere geeft ons ook het verstand. We zijn redelijke, zedelijke schepsels. Maar ga deze weg biddend en in afhankelijkheid.
Waarom staat er in het gebed niet: 'geef mij heden mijn dagelijks brood', maar staat er 'ons'?
Deze bede gaat niet over alleen mijn noden. Het is een gebed in naastenliefde. Het is ook een gebed dat in openbaarheid uitgesproken moet worden. Heel nadrukkelijk komt dan de nood van de naaste aan bod. We hoeven echter onze naaste niet meer lief te hebben dan onszelf - onze eerste verantwoordelijkheid ligt bij onze eigen noden - maar we mogen zijn noden niet vergeten. De werkgever mag niet onverschillig zijn over zijn werknemers en de werknemer mag dat niet over zijn werkgever. Ook onze verre naaste moeten we gedenken, ook al weet je het soms niet meer vanwege alle bedelbrieven.
En Afrika dan?
Gaat het ons om onze economie of om het betonen van barmhartigheid? Het is anderzijds geen simpele vraag: de VS of Europa kunnen hun eigen economie ondergraven, als ze teveel weggeven. Persoonlijk geloof ik dat de vragen van het dagelijks brood de wereld zeer sterk gaan beïnvloeden. Het kan een van de oorzaken zijn dat de antichristelijke wereldregering, waarover de Bijbel spreekt, er komt.
Wat moet je als de Heere gebed om dagelijks brood niet verhoort?
Ouders zullen hun kinderen niet alles geven waar ze om vragen. Zo is het ook geestelijk. Er zijn dingen die de Heere niet goedvindt. De vloed van 1953 is toch gekomen. Er zijn er ook van Gods volk omgekomen. David zegt dat het goed is om verdrukt te zijn geweest.
Waar het om gaat is, dat Zijn welbehagen gelukkig zal voortgaan. Aanhouden in gebed is soms nodig. In mijn persoonlijke leven heb ik wel om dingen gebeden, die meer dan dertig jaar op vervulling moesten wachten.
Wat zou u uit deze bede juist voor jongeren naar voren willen halen?
Het ging in ons gesprek veel over aardse zaken. Dat mag, want het is de enige bede die hierover gaat. Maar wat is een leven van voorspoed in het licht van de eeuwigheid? Wie van het levende brood gegeten zal hebben, heeft nooit honger meer. Ik hoop dat jongeren niet alleen met hun plaats in de maatschappij bezig zijn, maar ook in kerk en zending werkzaam willen zijn.
Ik heb veel van de wereld gezien, maar de wereld is leeg in vergelijking met de dienst van de Heere. Een dichter heeft eens gezegd: ''k Heb alles verloren, maar Jezus verkoren, wiens eigen ik ben.' Dat is het grote voorrecht in een mensenleven, dat ik jullie allemaal toewens.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 oktober 2000
Daniel | 32 Pagina's