JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Eeuw uit, eeuw in

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Eeuw uit, eeuw in

De komende eeuwwisseling

7 minuten leestijd

De spanning stijgt... Met rasse schreden nadert de oudejaarsavond. Dat is ieder jaar opnieuw een gebeurtenis met veel lawaai, dronkenschap, baldadigheid en vechtpartijen. Het schijnt niet zonder te kunnen. De samenleving, die toch zo heel gevoelig - overgevoelig? - is voor het milieu, knijpt massaal voor één keer een oogje dicht - en de neus. En weinigen bekommeren zich erom wat al dat lawaai voor oude mensen, zieken, stervenden(!) en ook voor veel dieren betekent... Om een of andere onbegrijpelijke reden schijnt het afsteken van vuurwerk voor sommigen onder ons ook z 'n bekoring te hebben. En altijd weer opnieuw zijn er wel wat jongeren of ouderen die het nieuwe jaar en alle nieuwe jaren die nog komen, moeten beginnen met een paar vingers minder... of een oog.

Hoe zou dat toch komen, dat de mens er behoefte aan schijnt te hebben lawaai te maken bij een jaarwisseling? Men hoeft geen profeet te zijn om te voorspellen dat het dit jaar erger zal worden dan alle voorgaande. Er worden enorme feesten - millenniumfeesten! - georganiseerd. Nü al is vuurwerk in beslag genomen dat in gevaar en kracht de handgranaat te boven gaat!

Zou het dan toch angst zijn, onzekerheid ook, die - onbewust veelal - de mens onrustig maakt? Nu bedoel ik niet de angst voor het uitvallen van allerlei apparatuur, hoewel die zorg er ook wel zijn kan. Maar als ik me niet vergis, bestaat er bij velen ook een zekere angst, puur voor het jaartal:2000. In zijn boek Als goden sterven vertelt dr. F. de Graaf, dat men in Europa bij het naderen van het jaar 1000 een grote angst kende voor het naderend oordeel. Hij schrijft dat paus en keizer - over het algemeen gesproken toch geen vrienden! - in de oudejaarsnacht languit naast elkaar in een toren in Rome het onherroepelijke oordeel lagen af te wachten... (blz. 160). Angst beheerste de harten!

Helemaal niet bang?

Misschien haal je nu je schouders wel op. Angst? Nü? Bij het naderen van het jaar 2000? De mensen zijn nu toch helemaal niet bang meer voor het naderend oordeel? Wie gelooft er in onze westerse, ontkerstende samenleving nog in God en in de komst van Christus op de wolken? Is de mens niet zó door en door materialistisch en genotziek geworden

dat de eeuwige dingen hem totaal niet meer interesseren? O ja, in bepaalde evangelische kringen en bij sommige sekten verwacht men heel bijzondere dingen bij het aanbreken

van het nieuwe millennium - zelfs wel de wederkomst van Christus in de oudejaarsnacht misschien, of het aanbreken van het duizendjarig vrederijk op aarde... Maar daar heeft de postmoderne mens van deze tijd toch geen boodschap aan? Daar lacht hij toch om?

Ongeloof en bijgeloof

Dat alles moge waar zijn. Toch moeten we twee dingen niet vergeten. In de eerste plaats: de mens heeft én houdt zijn ingeschapen godskennis. Nee - die maakt hem niet zalig! Maar het diepe besef dat er een God is, samen met de stem van het geweten, kan de mens wel onrustig maken. O, 't is waar: men kan die stemmen smoren van binnen. Men kan ze het zwijgen opleggen. Door de zonde, door de drank, door het rumoer... Maar die stemmen zijn er wel! En dan is er nog iets:

waar het oprecht geloof in God en in Zijn Woord verdwijnt in een samenleving, daar komen er meestal twee dingen voor in de plaats: ongeloof en... bijgeloof! En reken maar dat

ook het bijgeloof de mensen bang kan maken. Daarom zullen we maar niet te spoedig zeggen dat angst en onrust helemaal niets te maken hebben met het rumoer dat de komende jaarwisseling zal kenmerken.

Betrekkelijk

We gaan een nieuwe eeuw in... zo de Heere wil en wij leven. Of... toch nog niet? Volgens sommigen begint de nieuwe eeuw - en dus ook het nieuwe millennium - pas vólgend oudjaar, bij het aanbreken van 2001.

Die discussie - die te maken heeft met de vraag of het jaar nul heeft bestaan - laten we nu maar rusten. Daarnaast beseffen we heel goed dat we wellicht helemaal niet leven in het jaar 1999. Een zekere Dionysius Exiguus - een monnik in Rome - heeft onze jaartelling berekend in het jaar 526, maar het ziet er naar uit dat hij een fout heeft gemaakt. In werkelijkheid zijn we waarschijnlijk niet 1999, maar al 2003 - volgens sommigen zelfs al 2006 - jaren verwijderd van de geboorte van de Heere Jezus. Dit te beseffen maakt alle speculaties rond het 'magische getal' 2000 wel heel betrekkelijk. Trouwens: de almachtige God bindt Zich nooit en nimmer aan onze ronde getallen! Zoals gezegd: we laten dat alles maar rusten. Wat we ons wél willen afvragen is dit: hoe spreekt Gods Woord eigenlijk over de eeuw? Komt het woord in de Bijbel voor, en hoe dan?

De eeuw

ja, het woord eeuw komt in de Bijbel voor. Elke concordantie leert dat in één oogopslag. Toch bedoelt de Bijbel met een eeuw meestal niet een periode van honderd jaar, zoals wij het woord gebruiken. Luister maar eens naar Ethan in Psalm 89: "Gedenk van hoedanige eeuw ik ben..." Of naar Paulus in 1 Korinthe 1: "Waar is de onderzoeker dezer eeuw? ". En dezelfde apostel schrijft aan de Efeziërs dat zij hebben gewandeld 'naar de eeuw dezer wereld'. In de Bijbel betekent het woord blijkbaar niet zozeer een periode van honderd jaar, maar een zekere bedeling. Een tijdsgewricht. En, o zeker, de Bijbel spreekt óók wel over een eeuw die komt, maar zo heel anders als wij! Luisteren we eens naar de Heere Jezus in Mattheüs 12: "Zo wie tegen de Heilige Geest zal gesproken hebben, het zal hem niet vergeven worden, noch in deze eeuw, noch in de toekomende...". Onze conclusie moet zijn dat volgens Gods Woord het verschuiven van de cijfers niet betekent dat de eeuw verandert. Zélfs niet het verschuiven van 1999 naar 2000! De 'eeuw' verandert volgens de Bijbel pas met de wederkomst van Christus op de wolken. Dan breekt de toekomende eeuw aan. En het intens verdrietige is nu dat zovelen zich afvragen hoe het in de komende eeuw (de eenentwintigste) zal gaan, maar dat bijna niemand zich zorgen maakt over de vraag hoe het hem in de 'toekomende eeuw' zal vergaan!

Eeuw uit, eeuw in of Eeuw in, eeuw uit?

Onlangs trof het me dat ook in onze psalmberijming het woord eeuw wel voorkomt. Het was zo bij me: "Eeuw uit, eeuw in..." Of - dacht ik - is het nu: "Eeuw in, eeuw uit"? 'k Heb het maar eens opgezocht. De uitkomst was opmerkelijk: vier keer komt de uitdrukking in onze psalmberijming voor. Twee keer staat er: "Eeuw uit, eeuw in" en twee keer is het andersom: "Eeuw in, eeuw uit".

Twee verzen wil ik noemen. Eerst Psalm 66. Daar zingen we: "Hij zal eeuw uit, eeuw in regeren!". Wat is dat een bemoedigend woord! Althans, voor degenen die door hartvernieuwende genade een onderdaan mochten worden van die Koning over Wie de psalmdichter daar zingt. Wanneer zij straks de twintigste eeuw uitgaan en de volgende eeuw in, dan mogen Gods kinderen weten dat hun gezalfde Koning regeert. Er is er Eén Die op de troon zit! En wat er ook verandert, Zijn troon blijft onbewogen, van recht en van gericht zijn vaste steun ontlenen. Dan trof mij nog een ander psalmvers. In Psalm 72 zingt Gods Kerk:

Ook zal eeuw in, eeuw uit, Het nageslacht Zijn grootheid zingen Zolang het zonlicht schijn'.

Gods grootheid zingen

Opmerkelijk dat hier staat dat het nageslacht zal zingen. Jonge mensen zingen veelal graag. Hoewel... op de catechisatie zou je dat niet altijd zeggen. Ik heb wel eens gedacht: hoe komt dat toch? Valse schaamte? Onkunde? Onverschilligheid? Kennen we de deunen van de moderne muziek beter? Erg zou dat zijn! Maar hier zingt het nageslacht Gods grootheid. Dat hoor je niet zo heel vaak.

Toch zal er, zo zegt ons Gods Woord, altijd een nageslacht zijn dat dat mag leren doen. Daar staat Gods verbondstrouw garant voor. Zijn verkiezend welbehagen zal daarvoor zorgen. Wie daar iets van mag leren kennen, behoeft voor een nieuwe eeuw en voor een nieuw millennium niet bang te zijn. Hij weet dat er nog heel zware tijden zullen komen: Gods Woord leert hem dat. Maar Hij weet ook dat, eeuw uit, eeuw in, de Heere regeert. En dat er altijd een nageslacht zal zijn dat Zijn grootheid zingt - zolang het zonlicht schijnt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 december 1999

Daniel | 36 Pagina's

Eeuw uit, eeuw in

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 december 1999

Daniel | 36 Pagina's