God is lankmoedig over ons
Vraaggesprek met ds. J. Kareis over het zesde gebod
Sinds vijf maanden dient ds. J. Kareis de Gereformeerde Gemeente van Middeiharnis. De Heere riep. Van een kleine gemeente in Friesland leidde de weg naar de grotere gemeente Middeiharnis. Dominee en mevrouw Kareis toonden zich verwonderd over Gods trouw. Hij maakt het tot nu toe bijzonder wel. Met dominee Kareis spraken we op een ochtend in de pastorie over de betekenis van het zesde gebod.
Vraaggesprek met ds. J. Kareis over het zesde gebod
Dominee Kareis begint met te zeggen dat het zesde gebod ons schuldig stelt aan het doel van het menselijk leven, namelijk een leven tot Gods eer. God heeft de mens goed en naar Zijn evenbeeld geschapen, dat is in ware gerechtigheid en heiligheid, "opdat hij God zijn Schepper recht kenne, Hem van harte liefheb t> e en met Hem in de eeuwige zaligheid leven zou, om Hem te loven en te prijzen, " zo leert ons Gods Woord en de Heidelbergse Catechismus (zondag 3). Door de val en de ongehoorzaamheid van onze eerste voorouders, Adam en Eva, is onze natuur geheel verdorven en zijn we onbekwaam tot enig goed en geneigd tot alle kwaad, zelfs tot het kwaad van de doodslag! Dat stelt ons schuldig voor God, tenzij dat wij door de Geest Gods wedergeboren zijn.
Dominee, dit gebod spreekt van doodslag. Na de eerste moord door Kaïn beeft zich een spoor van bloed door de wereld getrokken van persoonlijke mensenlevens en van hele volken, denk aan Auscbwitz, Ruwonda, Kosovo, Oost-Timor... Hoe ziet u deze etnische zuiveringen in het licht van dit gebod?
Het is de mens der zonde die zich al meer openbaart en uitleeft. Weliswaar was er in de tijd van het Oude Testament ook sprake van oorlogen, maar er is een wezenlijk verschil. David moest de oorlogen des Heeren voeren. Nu gaat het om haat en nijd. Als je Mattheüs 24 leest, kun je het plaatsen in het licht van de eindtijd. Het ene volk zal tegen het andere volk opstaan en het ene koninkrijk tegen het andere koninkrijk. En omdat de ongerechtigheid vermenigvuldigd zal worden, zo zal de liefde van velen verkouden, totdat de Zoon des mensen zal wederkomen!
De overheid draagt het zwaard niet tevergeefs. Zij is Gods dienares, ons ten goede. Welke bevoegdheid heeft zij krachtens het zesde gebod?
De Heere gebiedt in Zijn Woord: Wie des mensen bloed vergiet, zijn bloed zal door de mens vergoten worden; want God heeft de mens naar Zijn beeld gemaakt (Genesis 9:6)! Daarom dus! Omdat het leven uitermate kostbaar is en God de Bron is van het leven.
De bevoegdheid om bloed te vergieten heeft God niet aan ieder mens gegeven, maar aan de overheid (Romeinen 1 3)! De overheid heeft Gods zwaard te hanteren. Dat mag zij niet ongebruikt laten liggen, maar ze mag het ook niet in machtswellust misbruiken. Hel zwaard dient als een schild om ons leven te beschermen, niet om het te vernietigen.
De huidige wetgeving beschermwaardigheid als we denken aan de tornt aan de van het leven mogelijkheid
Neeterend. Mm owi tien reftóvKdn^en M09 bekomen worrtew.
van abortus tot 24 weken, de mogelijkheid te beslissen om euthanasie voor kinderen vanaf 12 jaar en adoptie van kinderen door homoparen. Dat zijn aangrijpende zaken. Soms lijkt het of we al meer gewend raken aan deze ontwikkelingen. Wat is uw indruk, ook binnen de kerk en welke houding past ons in deze?
Naar aanleiding van de huidige wetsvoorstellen heb ik onlangs gepreekt over Psalm 60:3-5 en vers 1 3. Het thema was: De boze dagen'. Ik heb dat uitgewerkt in: ange tijdsomstandigheden en een ootmoedig smeekgebed.
We zijn nog goddelozer dan in de dagen van Sodom en Gomorra. God is uitermate lankmoedig over ons. Hij verdraagt ons nog om der uitverkorenen wil. Er moeten er nog zalig worden! Dat geeft moed. Dan kan ook Nederland om tien rechtvaardigen nog behouden worden.
Maar we moeten ook bedenken dat er een moment komt dat God de ongerechtigheid niet langer kan gedogen. God is nog lankmoedig over ons, maar Hij is ook rechtvaardig. Hij moet de zonde straffen! Daar kan Gods volk wel eens blij mee zijn, als teken dat God ook door het gericht nog spreekt! De dichter zingt er van: 'Al wie oprecht is
van gemoed, die merkt het op en keurt het goed' (Psalm 94). Persoonlijk ervaar ik het wel eens als een span-
ningsveld om Gods oordelen al dan niet af te bidden. Waar ligt de grens? Het gebed van Habakuk mag het onze wel zijn: 'In de toorn, gedenk des ontfermens.' We hebben nergens recht op, maar moeten bedelen om genade. De grondtoon van het ootmoedig smeekgebed moet zijn: 'Niet onze, o Heere, maar Uw wil geschiedde.'
Dit gebod spreekt niet alleen van doodslag, ook van geweld. Is dit niet te ver gezocht?
Nee, in de verklaring van dit gebod zien we de wortel van alle kwaad, de haat en waar dat uiteindelijk op uitloopt: op doodslag. De Heidelbergse Catechismus spreekt van onteren (mensen te schande maken) en haten (met gedachten). Daar begint het mee. Dat gaat over in kwetsen (met woorden) en kan zelfs eindigen in doden (werken). Zowel lichamelijk als psychisch kunnen mensen elkaar geweld aan doen. Dat gebeurt ook onder ons. Het is een verschrikkelijke zonde iemand te negeren of dood te zwijgen. Doe dat niet. Ik weet dat er jongeren zijn die daar aan onder door gaan. ledereen is wel eens boos op iemand, maar bedenk dat de minst kwade gedachte zonde is tegen God en Zijn gebod! God eist volkomenheid en liefde.
Maar wie kan daaraan beantwoorden?
Het gebod wordt biddende betracht! 'Och, of wij Uw geboon volbrachten, gena o hoogste Majesteit; gun door het geloof in Christus krachten, om die te doen uit dankbaarheid.' De geboden staan in het leerstuk van de dankbaarheid.
Christus heeft de wet volmaakt vervuld door Zijn borgtochtelijke arbeid. Hij 09 kon zeggen: Ik draag Uw heilige wet, die Gij de sterveling zet, in het
binnenste ingewand!' Bij het licht van Gods Geest wordt dat wonder nu zo groot, dat er Eén was Die lust had om Gods wet te vervullen. Daarin ligt het zeker zalig worden van Gods Kerk. Tegelijk hoor je Gods volk bedelen: 'Dewijl wij van onszelf alzo zwak zijn... zo wil ons toch staande houden en sterken door de kracht van Uw Heilige Geest' (zondag 52). Daar moeten jongeren en ouderen terecht komen:
Het t( zen ver(fkriWceli)Ke ZOUTE '\VMM\4~ te negeren of fooi.
'Wil ons arme zondaren al onze misdaden en ook de boosheid die ons altijd aanhangt, om het bloed van Christus wil niet toerekenen.' Ik zeg wel eens tegen mijn catechisanten: je bent een zondaar, maar je weet het niet van jezelf. Door Gods Geest word je een zondaar. Vervolgens leer je je al meer kennen als een verloren zondaar en blijft tenslotte een arme zondaar over die van zichzelf niets kan en weet. En dan wordt het wonder zo groot dat God nu de onvolkomenheid van Zijn Kerk ziet in de volkomenheid van Zijn Zoon.
Hoe functioneert het zesde gebod in de kerk en wat gaat daarvan uit in de samenleving?
Met droefheid moet ik vaststellen dat er aan de praktijk van het zesde gebod nog wel eens wat mankeert. We moeten de hand in eigen boezem steken. De tijdgeest gaat de kerkdeur niet voorbij. Wij zijn zo vaak uit op ons eigen gelijk. Je merkt dat onder andere in appèlzaken die het kerkelijk leven beroeren. Als de liefde functioneert, zouden deze zaken er zó niet zijn. Toch mogen we dankbaar zijn dat we nog onder de wetsprediking verkeren. Dat geeft nog enige omtuining en een rem op ons handelen. Nogmaals: het gebod vraagt gebed. En als er een jongere is die zeggen
moet: 'Ik kan niet bidden', dan zeg ik: 'Bid dan maar met je verstand en vraag om de Geest der genade en der gebeden.'
Het zesde gebod betreft niet alleen onze naaste, ook onszelf. Volgens dit gebod mogen we ons niet moedwillig in gevaar begeven. Waar denkt u dan aan?
Dan denk ik aan de gevaren van overmatig eten, roken, drinken, risico-gedrag, drugs, overmatig werken en dergelijke. Als dit gebod op catechisatie aan de orde is, noem ik nog wel eens wat Van der Groe hierover zegt. Hij zegt dat een mens, als God hem aan zichzelf overlaat, ook zichzelf kan doden en ombrengen en noemt dan de voorbeelden van Saul, Judas en anderen. Van der Groe zegt ook: 'Het zichzelf ombrengen gebeurt op vele manieren: niet alleen met opzet door de strop of vergif (pillen), maar wel meest door een beestachtig, vuil en goddeloos leven, in allerhande wellust van hoererij, zuiperij en vechterij, waardoor er menigeen zichzelf moedwillig om het leven brengt, die zichzelf door onmatigheid van hun gezondheid en het leven beroven en alzo hun dagen niet ter helft brengen', met andere woorden 'verkor-^ ten'.
Als we u zo te horen en de verklaarders volgen, strekt dit gebod zich ver uit. en ander moeilijk punt bij
het zesde gebod is 'mijzelf niet kwetse'. Dat kan zelfs leiden tot zelfdoding. We weten dat dit voor u een teer onderwerp is. Kunt u aangeven wat dit betekent en hoe we hier op grond van Cods Woord mee hebben om te gaan?
Als het gaat om zelfdoding, ook wel suïcide genoemd, dan is dit een uitermate tere zaak. Graag wil ik enkele meningen doorgeven van hen die onder ons gezag hebben: • Ds. B. Smijtegelt: 'Wij hebben het nooit gelezen in het Woord dat een uitverkorene dit gedaan heeft. Wij hebben wel gelezen dat zij
In A& UM kebbeM we onf «Hen vm\ Wit leven beroofd en Z.i)n we «jeeftelijKe
In A& UM kebbeM we onf «Hen vm\ Wit leven beroofd en Z.i)n we «jeeftelijKe
ertoe verzocht werden, maar God heeft het altijd belet.'
Ds. j. van de Kemp (overleden 1 718): 'Zijn er krankzinnige mensen die van hun daden geheel onkundig zijn en zichzelf ombrengen, wij kunnen van hun eeuwig uiteinde niet oordelen.' Ds. Th. Van der Groe: 'Een zelfmoord is een allersnoodste en gruwelijkste zonde. En die dezelve bedrijven gaan meest allen naar het eeuwig verderf. Want er is van niemand minder verwachting dan van een zelfmoordenaar.'
Ds. G. van Reenen: 'En mocht het ongeloof en satan Gods kind zo ver krijgen dat het de hand aan eigen leven slaat, dan zal het zekerlijk voor het uitblazen van de laatste adem, door Gods Geest tot bekering worden gebracht en ondervinden dat het bloed van jezus Christus Gods zoon ook van deze zonde reinigt. Dat satan Gods kind met deze gruwelijke gedachten kwellen kan dat is zeker. Ach dat we maar niet hooggevoelende mogen zijn, maar vrezen mogen.' Ds. G.H. Kersten: 'Pleit niet voor
de zaligheid van een zelfmoordenaar. Leg geen nadruk op de mogelijkheid van berouw in de laatste ogenblikken; ook niet daarop dat er maar één zonde is, die onvergeeflijk is, namelijk de zonde tegen de Heilige Geest. Al wilt ge hier de krankzinnige, die de hand aan eigen leven slaat, uitschakelen, gelijk onze vaderen wel deden, houd een ieder het vreselijke van de zelfmoord voor.'
Hieruit blijkt dat er niet eender over zelfmoord wordt gedacht. Laat het duidelijk zijn dat ik het zeker niet beter wil weten dan ds. Kersten, want ik heb grote
hoogachting voor hem, maar in de Heilige Schrift lees ik van één zonde die onvergeeflijk is en één zonde is voor mij één zonde. Kan ook
hiervan niet worden gezegd: 'Enerlei wedervaart de rechtvaardige en de onrechtvaardige.' De ziel is meer dan het lichaam. Vrees daarom niet voor degenen die het lichaam doden en de ziel niet kunnen doden. Voor ons allen geldt: 'Maar vreest veel meer Hem, Die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel.' Wie oordeelt over de staat van iemand die het leven moedwillig beëindigt, zit op Gods rechterstoel. Waar Gods Woord geen duidelijkheid geeft, past ons een eerbiedig zwijgen. Wetend dat de verborgen dingen zijn voor de Heere onze God en de geopenbaarde voor ons en voor onze kinderen tot in eeuwigheid, om toe doen al de woorden van de wet.
Dominee, u heeft dit van nabij meegemaakt. Dat is niet gemakkelijk voor u en uw vrouw. En voor anderen die dit van nabij hebben meegemaakt. Ook in onze gemeenten komen we jongeren tegen die met dergelijke gedachten lopen of zelfs een of meer pogingen tot zelfdoding hebben gedaan. Als u met dergelijke mensen in aanraking komt, hoe gaat u daar dan in het pastoraat mee om?
Altijd wijs ik er op hoe dierbaar God het leven acht en hoe groot en verschrikkelijk ook deze zonde is.
Wij mogen de zonde van iemand die zich moedwillig van het leven berooft nooit goed praten. De Heere zou de waarschuwing tegen de zonde kunnen gebruiken om van de daad te weerhouden. Tegen jongeren die met deze gedachten lopen, zou ik willen zeggen: praat er over! Neem een goede vriend of vriendin, leraar, leidinggevende of ambtsdrager in vertrouwen. We mogen en moeten wijzen op Hem Die sterker is dan de dood en alle geweld heeft overwonnen. God, de Gever van het leven heeft Zijn eigen Zoon niet gespaard, maar heeft Hem overgegeven tot een rantsoen voor velen..
Tenslotte dominee, welke boodschap hebt u voor de jongeren vanuit het zesde gebod?
In Adam hebben we ons allen van het leven beroofd en zijn we geestelijke zelfmoordenaars. We hebben de dood verkozen boven het leven. Maar... er zullen er van dood levend worden gemaakt, krachtens Gods eeuwige verkiezing en door Hem, Die Zijn leven niet dierbaar heeft geacht. Al eerder heb ik gezegd: het gebod wordt biddende betracht en de liefde is de vervulling van de wet. Smeek God om Zijn genade en Geest. Dat is onmisbaar in je leven. Dan alleen wordt het mogelijk wat de dichter zingt in Psalm 72: 't Rechtvaardig volk zal welig groeien, daar twist en wrok verdwijnt, 't Zal alles door de vrede bloeien, totdat geen maan meer schijnt.'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 november 1999
Daniel | 32 Pagina's