JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Het leven van  Jozef

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het leven van Jozef

Gods bedoeling in Jozefs leven

4 minuten leestijd

Gijlieden wel, gij hebt kwaad tegen mij gedacht; doch God heeft dat ten goede gedacht. Genesis 50:20a

Jozef heeft zich aan zijn broers bekend gemaakt. Daarna is er veel veranderd. Vader Jakob, de hele familie, ze zijn allemaal naar Egypte gehaald. In het land Gosen hebben ze een goede plaats gekregen. De oude Jakob is aan Farao voorgesteld. Daar heeft hij beleden dat hij slechts vreemdeling op aarde is.

Inmiddels is de tijd verder gegaan. Na zeventien jaar komt het sterven van aartsvader Jakob. Indrukwekkend moet dat geweest zijn: een oude vader die afscheid neemt van zijn twaalf zonen. Voor ieder heeft hij een persoonlijk woord. En er tussendoor spreekt hij schone toekomstbelijdenissen uit: "Juda, gij zijt het... De scepter zal van Juda niet wijken... Totdat Silo komt." Ook heel persoonlijk: "Op Uw zaligheid wacht ik, HEERE." En dat allemaal vanaf het sterfbed van een stokoude.

Volgens zijn wens wordt Jakob begraven in het land Kanaan in de spelonk van Machpéla. Als de rouwperiode voorbij is, sturen de broers een delegatie naar Jozef. Er is angst bij hen dat Jozef nu na de dood van vader met zijn straffen zal komen. Zo komen ze met de vraag om vergeving. Weer buigen ze diep voor Jozef. In hun vragen om vergeving voeren ze vier beweegredenen aan. In de kanttekeningen staan ze helder weergegeven.

Opnieuw valt het voor de broers mee. Jozef verzekert hen zijn goede bedoelingen. Voor de zevende keer in deze geschiedenis lezen we dat jozef weent. Maakt de hernieuwde betuiging van ootmoed zo'n diepe indruk op hem?

Het is bij deze gebeurtenis dat Jozef de bekende woorden spreekt: "Gijlieden wel, gij hebt kwaad tegen mij gedacht; doch God heeft dat ten goede gedacht." Jozef belijdt dat de Heere overal boven staat. Hij heeft Zijn wijze bedoelingen, ook met levenswendingen die wij niet begrijpen. Zelfs weet Hij door de zondige daden van boze mensen heen Zijn beleid en wil te volvoeren. Dat mag Jozef zien; dat belijdt hij. Mede vanwege deze geloofsbeleving is hij niet boos. Dat kan hij niet zijn, want hij ziet Gods hand in zijn leven en in het leven van zijn broers en van heel het huis van zijn vader. Zo moest een groot volk in het leven behouden worden. Want Jakobs geslacht moest door de hongersnood heen komen. Daarvoor moest Jozef in Egypte terecht komen om Farao's dromen uit te leggen en onderkoning te worden; om een middel in Gods hand te zijn om het volk der belofte in het leven te doen blijven. Want Jozef wist wel dat uit dit geslacht de Messias moest voortkomen. Ook bij hem leefde de verwachting op Gods zaligheid.

Zo onderwijst Jozef zijn broers over Gods wijs beleid. En wat de broers dan verkeerd deden, daarover is God Rechter. Maar Jozef ziet door alles heen de bedoelingen van de Heere schitteren. Daarmee is hij tevreden; daarover mag hij zich verwonderen. Lettend op die trouw die de Heere ook over Jozef betoont voor tijd en eeuwigheid, zou jozef dan geen trouw en zorg voor zijn broers hebben? Hen daarvan te verzekeren, valt hem niet zwaar. Temeer niet als hij hun ootmoed en berouw opnieuw ziet. Zo stelt hij hen graag gerust. Gods bedoelingen in ons leven zien, is niet altijd gemakkelijk. Zou Jozef die steeds gezien hebben? Toen hij in de gevangenis terechtkwam na een onterechte veroordeling? Toen de schenker, voor wie hij veel betekend had, hem vergat? We kunnen het ons nauwelijks voorstellen. Zal Jozef niet vaak gebeden hebben: "Voer mij uit mijn gevangenis, tot roem Uws Naams die heerlijk is." Een mens, ook een kind des Heeren, worstelt vaak wat af: de weg niet weten, Gods bedoelingen niet begrijpen, de gedachte hebben dat het helemaal verkeerd gaat. Maar achteraf zag Jozef het; toen mocht hij ook belijden: '"t Is trouw al wat Hij ooit beval, het staat op recht en waarheid pal." Achteraf, toen zag Jozef het. Mis-

schien komt dat moment in dit leven voor u, voor jou niet, of niet zo helder. Er zijn er, ook van Gods kinderen, die met onopgeloste vragen dit aardse leven verlaten. "Na dezen zult gij het verstaan, " heeft de Heere immers Zelf gezegd. En als wij ons leven meer terug vin-

den in dat van de broers? Groot is het wanneer we dan onderwijs krijgen over Gods wijze bedoelingen dwars door onze dwaasheden en zonden heen. Dan schamen we ons te dieper. Als er dan echt berouw is, zouden er dan ook niet rijke woorden van vergeving zijn? Ook over de trouwe zorg van de meerdere Jozef ondanks onze onwaardigheid? Toen bleef er voor de broers alleen maar klein makende verwondering over. Begrijp jij er iets van? De Heere onderwijst nog. Zondige mensen. Door Zijn Woord en Geest. Om Jezus' wil.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 november 1999

Daniel | 32 Pagina's

Het leven van  Jozef

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 november 1999

Daniel | 32 Pagina's